maandag 1 maart 2010

CJO valt de PKN aan. Is dat ook de beste verdediging?




Het is een rare ervaring om uit je eigen naam dingen te horen waar je het volstrekt niet mee eens bent. Vooral als het op een toon gebeurt die je gerust onbeschoft mag noemen. Ik heb het over  het Centraal Joods Overleg (CJO). Dit spreekt mede uit mijn naam, omdat ik lid ben van éen van de aangesloten organisaties, het Verbond van Progressief Religieuze Joden. Dit CJO heeft  een brief geschreven aan de Nederlandse Protestantse Kerken (PKN ), omdat de PKN het gewaagd hebben naar aanleiding van het document 'A Moment of Truth' van Kairos - een open brief te schrijven aan de ambassadeur van Israël. In de brief vroegen zij Israël de levensomstandigheden van de Palestijnen te verbeteren en serieus naar vrede te streven.

Dit s wat het CJO op 23 februari, ondertekend door  Ronny Naftaniël (foto boven)  en Ruben Vis (foto onder) terugschreef aan de PKN:

“Tot onze niet geringe verwondering hebt u in een open brief aan de ambassadeur van de staat Israel een aantal stellingen betrokken die op zijn zachtst gezegd leiden tot het op scherp stellen van de ontmoeting die staat gepland voor 9 maart a.s. waartoe u ons hebt uitgenodigd. “Wij hebben u in december 2009 in een uitvoerige brief laten weten hoe wij, als georganiseerd Joods Nederland, aankijken tegen de inhoud en strekking van het document ‘A moment of truth’.
'Wij hebben u in een uitvoerige brief laten weten ...' Maar ocharme, die domme dominees van de NPK hebben het dus desondanks niet begrepen, want
 'Terwijl wij van u geen inhoudelijke reactie mochten ontvangen, blijkt uit uw brief aan de ambassadeur dat u geen oog heeft voor de zich uit het document ‘Uur van de waarheid’ manifesterende negativiteit.

Zich uit het document manifesterende negativiteit? Vanwaar dat kreupele taalgebruik? 

  In de brief stelt u de standpunten van het document te beschouwen als “een roep om recht en vrede”. Echter, een oproep die geweld tegen Israelische burgers goedpraat en een boycot van Israelische producten bepleit, kan geen uiting zijn van recht en nog minder van vrede.''
Nee inderdaad. In het Kairos document werd weliswaar alleen begrip gevraagd voor de oorzaken van geweld (wat iets anders is dan goedpraten van geweld), maar natuurlijk is het oproepen tot het boycotten van Israëlische producten uit den boze. Immers, alleen als Israël boycot (Gaza bijvoorbeeld) is dat een uiting van recht en niet in strijd met het streven naar vrede. Domme, domme dominees. Jullie hebben er niuest van begrepen:
“Uw brief noemt een aantal uitgangspunten, die (sic) deels onjuist en in elk geval eenzijdig tegen Israel gericht zijn. Zo noemt u het hek /de muur tussen Israel en een gedeelte van de Westelijke Jordaanoever de ‘afscheidingsbarrière’. Daarmee speelt u in op de beschuldigingen dat Israel een apartheidsbeleid voert. Maar het hek /de muur heeft helemaal niets te maken met raciale segregatie, het is een middel om de veiligheid van alle Israeli’s (Jood en Arabier) te garanderen..
 Het woord 'afscheidingsbarrière verwijst naar raciale segregatie? Laten de heren Naftaniël en Vis eens kijken op de website van B'tselem. Hoe heet de barrière daar? The 'separation barrier'. En hoe vertalen we dat? Precies. Blijkbaar deugt dat B'tselem dus ook niet. 
   “U zegt dat de ‘afscheidingsbarrière’ strijdig is met het internationaal recht en roept Israel op zich te houden aan de verschillende uitspraken van internationale gerechtshoven. Er bestaat inderdaad een advies van het Internationale Hof van Justitie die de loop van de muur illegaal acht, maar dit is, zoals u die het internationaal recht aanroept moet weten, nimmer bevestigd door de VN-Veiligheidsraad. Pas als dit gebeurt, is het advies van het Internationaal Hof bindend en is de muur formeel illegaal. Wie overigens de andere internationale gerechtshoven zijn, is ons volstrekt onbekend.”
Dit is naar mijn bescheiden mening bullshit. Het Internationale Hof heeft geen machtsmiddel om zijn uitspraak af te dwingen, maar daarom is zijn uitspraak dat de muur een illegaal tracé volgt (namelijk om de nederzettingen heen die eveneens illegaal zijn) niet minder eenduidig en niet minder rechtsgeldig. Als iemand wordt veroordeeld maar door allerlei oorzaken niet wordt aangehouden is hij daardoor toch zeker ook niet minder schuldig? Er is dan ook  - mede op grond van de uitspraak van het Hof - sprake van een consensus waar geen internationaal jurist zich onder uit kan wringen (zie bijvoorbeeld ook de diverse argumentaties in het Goldstone-rapport).

“Uw roep om schadevergoeding voor de plaatsing van de veiligheidsbarrière, hebben wij in het licht van de vele dodelijke slachtoffers van Palestijns terrorisme in het verleden en de doorgaande raketbeschietingen vanuit Gaza als ronduit ergerlijk ervaren. Er zijn vergoedingen betaald en het Israelische Hooggerechtshof heeft de loop van het hek/de muur verschillende malen laten wijzigen. Zeker, er zijn Palestijnen die hinder van de barrière ondervinden en dat valt te betreuren. Maar wij hebben nimmer een brief van u aangetroffen aan diegenen die het gezag uitoefenen, maar nalaten schadevergoeding te betalen voor raketaanvallen op de burgers van Sderot (soeverein Israelisch gebied) en voor terreuraanslagen op Israelische burgers uitgevoerd vanuit Palestijns of Libanees gebied. 
Dit is niets minder dan een chotspe. Wij hebben namelijk ook nimmer iets aangetroffen dat leek op schadevergoeding aan - bijvoorbeeld - Libanon voor de Israëlische inval in 1982 (20.000 doden, miljarden schade aan infrastructuur zoals wegen. elektriciteitscentrales, gebouwen), de inval van 1996 (honderden doden waarbij meer dan 00 door een beschieting van de VN-post in Qana waar honderden mensen een schuilplaats hadden gezocht,  de inval van 2006 (1200 doden, opnieuw miljarden schade aan infrastructuur), de invallen in Ramallah en andere steden op de Westoever waar enorme schade aan gebouwen en infrastructuur (politiebureaus, overheidskantoren) werd aangericht, de aanval op het vluchtelingenkamp in Jenin in 2002 (meer dan 50 doden, 4000 mensen dakloos), de aanvallen op Gaza in 2006 (operatie Summer Rain en operatie Autumn Clouds met meer dan 400 doden en gigantische schade aan elektriciteitsvoorziening, gebouwen en infrastructuur), de operatie Cast Lead in 2008-2009 in Gaza  met 1400 doden en miljarden schade.
 “In uw brief gaat u volledig voorbij aan het feit dat de moeilijke positie van christenen in het Midden-Oosten voor het grootste deel losstaat van de Israelische politiek. In Irak verlaten christenen massaal het land, Kopten in Egypte worden voortdurend getreiterd door Moslimbroeders en in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever worden christenen lastig gevallen door andere moslimfundamentalisten. In delen van Saudi-Arabië mogen christenen niet wonen en is de verkoop van Bijbels verboden. Daartegen groeit het aantal christenen in Israel gestaag. De Israelische-Druzische politicus Ayoub Kara zei vorige week nog: als er geen Israel zou zijn, dan zouden er ook geen kerken bestaan in het Midden-Oosten. Daarmee aangevend dat het belang voor de christenen (naar zijn opvatting, niet ons oordeel) bij Israel ligt en niet bij de Israel omringende mogendheden.”
  Een gekke Druze maakt nog geen paradijs voor christenen van Israël. Maar wat een kreupel argument. Als het voor christenen elders in het Midden-Oosten niet altijd koek en ei is, mogen de PKN er blijkbaar niet op wijzen dat christelijke Palestijnen allesbehalve gelukkig zijn met de Israélische bezetting? Nee eerst zorgen dat je bijbels mag verkopen in Saudi-Arabië (aan wie eigenlijk? Er wonen daar helemaal geen christenen), en dat de Kopten in Egypte het prettig hebben, dan pas mag je klagen over Israël.

Een belangrijk deel van uw brief is gebaseerd op uw stelling dat het ultieme belang dient te worden gehecht aan het internationale recht. Hoewel dit op zichzelf een begrijpelijk uitgangspunt is, dienen hierbij twee zaken niet uit het oog te worden gelaten.
1. Het is een gegeven dat interpretaties van het internationaal recht sterk kunnen verschillen. Daarenboven zijn er situaties waarop het internationaal recht geen antwoord heeft, zoals de rol van niet-statelijke terreurorganisaties. Ook de kwestie van ‘house demolitions’, hoe afschuwelijk dat ook voor individuele Palestijnen kan zijn, wordt niet door het internationale recht geregeld. Voor de Israelische overheid geldt dat woningen die zonder toestemming zijn gebouwd, kunnen worden verwoest.

Opnieuw: kul, en gevaarlijke kul bovendien. Er is helemaal geen verschil van mening over de rechten van een bevolking die leeft onder een bezetting, de Vierde Geneefse Conventie is volstrekt duidelijk, zowel over het recht om verzet te plegen tegen een bezetting als over wat een bezettingsleger zich daar tegenover mag veroorloven. Het gevaar van de opmerking zit hem erin dat er een tendens onder (sommige) juristen en ethici in Israël is, die wordt aangemoedigd door politici als Netanyahu, om het oorlogsrecht te veranderen en de bescherming die dat recht biedt aan burgers, nagenoeg op te heffen onder het motto dat 'niet-statelijke terreurorganisaties' anders niet effectief kunnen worden aangepakt.
Een andere juridische vlieger die het CJO hier oplaat is de opmerking over 'house demolitions'. Die zijn namelijk 100% illegaal, ook in Oost-Jeruzalem dat illegaal door Israël is geannexeerd. Wat het CJO hier weglaat is dat huizen misschien zonder toestemming worden neergezet, maar dat dit vooral een gevolg is van het feit dat de Israëlische autoriteiten in Oost-Jeruzalem, of in de zogenoemde 'Area C' op de Westoever nagenoeg nooit bouwvergunningen verlenen aan Palestijnen. Kortom: ook deze vlieger gaat niet op.

2. Het internationale recht geldt niet alleen voor Israel. U schrijft in uw brief aan de ambassadeur terecht: “wij zijn van mening dat de staat Israel een staat is waarvan het bestaansrecht niet ter discussie dient te staan”. Maar wat is de zin om dit aan de Israelische ambassadeur te schrijven? Waarom spreekt u Hamas, de Palestijnse Autoriteit, Syrië, Libanon en Iran, om maar een paar spelers in de regio te noemen, hierop niet aan?”   
Ja waarom eigenlijk niet? Israël heeft toch allang het principe erkend van een onafhankelijke Palestijnse staat, is bereid om de Golan Hoogvlakte aan Syrië terug te geven en de Sheba-farm aan Libanon en strekt de hand uit naar Iran om samen te werken op het gebied van vreedzame kernenergie?
“Alles overziend menen wij dat u met uw open brief de proporties uit het oog heeft verloren. U heeft onze uitvoerige reactie op het document ‘Uur van de waarheid’ genegeerd en bent met een reactie naar buiten getreden voor ons te ontmoeten. Tegen deze achtergrond vragen wij ons af wat het nut nog kan zijn van ons bezoek aan u op 9 maart. Wellicht kunt u ons op korte termijn daarover nader inlichten.”
Ja, PKN hoe kunt u zo stom zijn onze uitvoerige voorschriften te negeren, alle proporties en uw eigen plaats daarin uit het oog te verliezen en zomaar zonder onze goedkeuring een open brief te schrijven aan de Israëlische ambassadeur. Vooruit, buig in het stof, zeg dat u dom bent geweest en niet meer zomaar voor uw beurt zult praten, dan is er nog een kans dat we ons nog een keer zullen inspannen om u te vertellen hoe u zich wél dient te gedragen.

Ik zei het al, de brief is onbeschoft en niet zo weinig. Ik schaam me dat dit uit mijn naam gebeurt. Maar de brief is ook stom. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat de dominees van de PKN  - of wie dan ook die terecht aan Israël vraagt de mensenrechten te respecteren  - zich blijvend op deze onheuse maar ook nog eens tendentieuze en foute manier de wet zullen laten voorschrijven.   

Geen opmerkingen: