zondag 24 oktober 2010

Vandalisme, vernielingen en wangedrag

Dit is Salwa Ewes (73) uit het dorpje Al-Lubban as-Sharqiyya ten zuidwesten van Nablus. Salwa staat tussen de resten van 40 olijfbomen van haar familie, die zij zaterdagmorgen afgezaagd vond. De olijven zaten nog aan de takken. Dit soort taferelen zijn schering en inslag in deze tijd (oktober) als de olijvenoogst plaatsvindt. De meeste incidenten worden niet eens meer gemeld. Waarom zou je ook, Israel gaat nooit op zoek naar de daders, laat staan dat ze ooit worden bestraft. In dit geval zijn de ke daders vermoedelijk te vinden in de nederzettingen Eli en/of Ma'ale Levona die vlak bij het dorpje Al-Lubban liggen.

 Update:
 Enkele tientallen kolonisten hebben zaterdag amandelboompjes omver gehaald en met bulldozers land omgewoeld in het gebied Wad Al-Wahadin, dat deel uitmakat van het dorp Beit Ummar bij Hebron. Mohammed Awad van het Palestine Solidarity Project zei dat het ging om tientallen boompjes die eigendom waren van de familie Baher family, naast de nederzetting  Karmi Zur settlement. De het bulldozeren vant land wa kennelijk bedoeld als voorbereiding voor een uitbreiding van de nederzetting. In totaal werd vijf dunum platgemaakt.


Vernielingen van olijfboomgaarden of amandelbomen waren niet de enige daden van vandalisme dezer dagen. In het dorpje Kfar Qaddoum bij Nablus  werden graven en huizen beklad (hoogstwaarschijnlijk) door kolonisten uit de naburige nederzetting Kadumim. Er werden teksten geklad als  'Wraak van de jongeren van de heuveltoppen', 'Verkoop jullie huizen en vertrek', maar ook verwijzingen naar de racistische Kach partij van rabbijn Meir Kahana die ooit verboden werd, met leuzen als 'Kahane had gelijk', en ''Kach Beweging'. Daarnaast werden er Davidsterren op muren en grafstenen geklad.

In Hebron werden Palestijnen en Franse bezoekers zaterdag door kolonisten met rioolwater overgoten en met stenen bekogeld door de kolonisten van de zogenoemde Avraham Avinu nederzetting midden in de stad, toen zij een geweldloze demonstratie hielden waarin zij de heropening vroegen van Shuhada Street, de hoofdstraat en belangrijkste winkelstraat van de stad, die al enige jaren door het Israelische leger is afgesloten  voor alle Palestijnen, inclusief de bewoners zelf.

In het dorpje Ma'alul, zes kilometer ten zuiden van Nazareth in Israel zelf, werd in  de nacht van zaterdag op zondag de zuidelijke muur van een antieke moskee vernield. Ook werd een deel van de stenen gestolen. Ma'alul is sinds Israels Onafhankelijkheidsoorlog van 1948 niet meer bewoond. De inwoners van het dorpje wonen sindsdien in Nazareth en het land is toegewezen aan het Joods Nationaal Fonds.  Alleen de moskee en een tweetal kerken van het dorpje staan nog overeind.

Geen opmerkingen: