woensdag 15 december 2010

Palestijnse brandweer mocht Israel niet in. Bedankje nu een andere keer?

Tja, dat was nu jammer. Toen de brand op de Carmel uitbrak en het vuur wegens gebrek aan bruikbaar materieel onbedwingbaar leek (het geld voor brandweerwagens en dergelijke waarschijnlijk in uitbreidng van de nederzettingen gestoken?), bood de Palestijnse Autoriteit hulp aan. Die werd aanvaard. Met hun gloednieuwe, door buitenlandse donors geschonken wagens, reden ze naar de omgeving van Haifa en deden - zo luidt het verhaal - daar goed werk.
Gisteren had Israel de brandweerlieden uitgenodigd voor een ceremonie waar ze zouden worden gehuldigd. Maar, ocharme, toen de tien uitgenodigde mannen bij het checkpoint kwamen, mochten er drie Israel niet in. Veiligheidsredenen, natuurlijk.
'Hoe kan het dat dezelfde brandweerlieden die toegelaten werden om het vuur te bestrijden nu geen inreisvergunning krijgen voor hun huldigingsceremonie?' vroeg de Palestijnse Autoriteit zich beleefd af. Ahmed Tibi, Arabisch Knessetlid, was iets minder beleefd. 'Dit is geen carnavalsoptocht of  het theater van het absurde, maar stupiditeit en de gebruikelijke hooghartige houding van de bezettingsautoriteiten,' zei hij. 'Dit is een volstrekt schandaal.' 
Het kwam doordat er bij de namen geen nummers van de identiteitsbewijzen waren gegeven, zei het leger schaapachtig.
Ach ja, dom hoor van die Palestijnen. Nu moest de huldiging worden uitgesteld. 'He, hallo daar, Palestijnen, kunnen jullie volgende keer wel jullie nummers even geven, alsjeblieft? Als je tenminste op een later tijdstip nog gehuldigd wil worden, ja?

Geen opmerkingen: