zaterdag 19 februari 2011

'Veto VS tegen anti-nederzettingenresolutie doet afbreuk aan internationaal recht '

De nederzetting Efrat

De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) heeft de regering Obama van hypocrisie beschuldigd en gezegd dat de Verenigde Staten afbreuk doen aan het internationale recht met hun veto tegen een resolutie in de VN-Veiligheidsraad waarin het nederzettingenbeleid van Israel werd veroordeeld.
In een verklaring zei Sarah Leah Whitson, de directeur Midden-Oosten van HRW dat president Obama in zijn toespraken de Arabische wereld vertelt dat hij tegen de nederzettingen is, maar dat hij intussen 'verhindert dat de Veiligheidsraad Israel op een juridisch bindende manier opdraagt ermee te stoppen'.
HRW reageerde daarmee op het veto dat de Amerikaanse ambassadeur bij de VN, Susan Rice, vrijdag uitsprak over een resolutie waarin de nederzettingen illegaal en een obstakel voor vrede werden genoemd. Alle 14 andere leden van de Raad waren vóór de resolutie.
In de resolutie die door tenminste 130 landen werd onderschreven, werd gesteld dat de nederzettingen 'illegaal zijn en een belangrijk obstakel voor een rechtvaardige, duurzame en alomvattende vrede'.
VN-ambassadeur Rice, motiveerde haar stemgedrag met een verklaring dat de VS weliswaar tegen de nederzettingen zijn, maar dat de resolutie niet evenwichtig zou zijn. Zij voerde aan dat rechtstreekse onderhandelingen tussen de partijen, gesteund door de VS en de internationale gemeenschap, de enige manier was om vrede in het Midden-Oosten te bereiken. 'Ongelukkigerwijs is het risico van deze motie dat het de standpunten van de partijen verhardt. Zij zou de partijen kunnen aanmoedigen weg te blijven van onderhandelingen en, als die zouden worden hervat, steeds een beroep op de Veiligheidsraad te doen iedere keer dat zij in ene impasse belanden,' zei Rice. 
De Britse ambassadeur Mark Lyall Grant, die sprak namens Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland die  voor de resolutie waren, veroordeelde de nederzettingen als 'illegaal volgens het internationale recht'. 
Het was het eerste veto dat de regering-Obama in de VN-Veiligheidsraad hanteerde. President Obama had voorafgaande aan de stemming enorme druk uitgeoefend op de Palestijnse Autoriteit om de resolutie van tafel te halen, maar de PA wilde daar niets van weten, nadat haar toch al rafelige prestige in januari door het lekken van de 'Palestine Papers' een nieuw dieptepunt had bereikt.
Voor de regering-Obama, die steeds bij allerlei gelegenheden heeft geroepen dat zij tegen de nederzettingen is en die zelfs een tijdlang een bouwstop in die nederzettingen verlangde van de Israelische regering, is de stemming een bittere pil. Haar prestige loopt opnieuw een fikse deuk op, nadat dit al flink had geleden door de slappe houding van de VS in het gecrashte vredesoverleg tussen Israel en de Palestijnen - en door de weifelende houding ten opzichte van de recente omwenteling in Egypte.
Wat de Palestijnen betreft is dit - voor zover nog nodig - een nieuw bewijs dat de VS helemaal geen neutrale bemiddelaar zijn in het zogenaamde vredesproces, maar sterk op de hand zijn van Israel. Zozeer zelfs dat ze bereid zijn daarvoor het internationale recht te negeren.

Geen opmerkingen: