zondag 27 februari 2011

Israelisch iInitiatief om nieuwe 'Arbeiderspartij' op te richten

Amram Mitzna (links van hem Benyamin ben Eliezer)




Enkele tientallen intellectuelen, academici en politici zijn betrokken bij een initiatief om een nieuwe Israelische sociaaldemocratische partij te stichten IOver twee weken zal een bijeenomst plaatsvinden in Tel Aviv waar de stichting zijn beslag zal krijgen. Het initiatief is afkomstig van Naftali Raz, een van de oprichters van Vrede Nu en eerder een actief partijlid van achtereenvolgens Mapam, Meretz en Arbeid. Raz behoort tot de kring van ex-generaal Amram Mitzna. Hij was één van diens campagneleiders in 2002 toen  Mitzna als burgemeester van Haifa een geslaagde gooi naar het voorzitterschap van Arbeid deed en in 2003, toen Mitzna een verkiezingsnederlaag leed tegen de Likud en zich terugtrok als partijleider.  
Amos Oz
In een recente blogpost schreef Raz dat de partij centrum links zal zijn en zal worden gedreven door de principes van vrede, sociale rechtvaardigheid en 'schone' politiek. Tegenover Haaretz zei Raz dat het idee de afgelopen maanden is geboren en dat hij geprobeerd heeft Mitzna over te halen mee te doen. Mitzna zei desgevraagd dat betrokken is bij het initiatief, maar nog niet heeft besloten wat hij zal doen. Raz zei dat ook als Mitzna niet mee doet, intussen zoveel groepen bij het initiatief zijn betrokken dat het onwaarschijnlijk lijkt dat het niet van de grond zal komen. Een van degenen die achter het initiatief staat is de schrijver Amos Oz.   

dinsdag 22 februari 2011

Knesset aanvaardt wet die NGO´s verplicht sponsors bekend te maken

Het Israelische parlement, de Knesset, heeft maandag zijn definitieve goedkeuring gegeven aan een omstreden wetsvoorstel dat vereist dat non-profit organisaties (NGO´s) verslag doen van de eventuele steun die zij ontvangen van  buitenlandse overheden of door overheden ondersteunde organisaties. Non-profit groepen zullen ook moeten aangeven of hun donateurs hen verplichten bepaalde beleidslijnen te volgen.
Het voorstel verplicht de  non-profit organisaties tevens om bekend te maken welke buitenlandse overheden en stichtingen bijdragen aan hun reclamecampagnes- zij moeten dat doen in de advertenties zelf.

Het wetsvoorstel, dat werd verdedigd door de leider van de fracties de regeringscoalities steunen, Zeev Elkin (Likud), was ingediend vóór Yisrael Beiteinu en Likud een voorstel indienden voor het instellen van commissies om mensenrechtengroepen aan een onderzoek te onderwerpen.
Het nu goedgekeurde voorstel is gematigder dan eerdere versies, waarin van de NGO´s gevraagd werd niet alleen bekend te maken wie hen sponsorden, maar ook alle daarbij behorende afspraken. .
De fractievoorzitter van de linkse Meretz partij, Haim Oron, gaf als kritiek op het voorstel dat de regering steeds meer "McCarthyist wordt. Dit was de wekelijkse les in hoe geen democratie te zijn.Waarom is geld van de Nederlandse overheid per definitie gevaarlijk, en is geld  van een radicale evangelische organisatie toegestaan

maandag 21 februari 2011

Auteur McEwan levert scherpe kritiek op Israel bij acceptatie Jeruzalem Prijs

Ian McEwan

De Britse schrijver Ian McEwan, die dit jaar de ontvanger is van de prestigieuze Jeruzalem Prijs, heeft het  in ontvangst nemen van de prijs, zondagavond, bij de opening van de de 25e Jeruzalem International Book Fair, gebruikt om scherpe kritiek te leveren op Israels politiek. McEwan bekritiseerde het beleid van Israël van ´confiscatie, grondaankopen, en van uitzetting in Oost-Jeruzalem´  en haalde uit naar een nationaal beleid waarin ´een recht op terugkeer wordt gehanteerd voor Joden, maar niet voor Arabieren´.
McEwan sprak in het Binyanei Ha'uma Congres Centrum in Jeruzalem in aanwezigheid van president Shimon Peres, minister van Cultuur Limor Livnat en burgemeester van Jeruzalem Nir Barkat. Zijn dankwoord werd met een beleefde, gespannen stilte begroet.

De 62-jarige McEwan, die 11 romans schreef waaronder "Atonement en ´Amsterdam´, zei ook dat hij ´enigszins was overweldigd´ door prijs, die elke twee jaar wordt toegekend aan een schrijver wiens werk handelt over de ´vrijheid van het individu in de samenleving´.
Hij zei dat hij met zijn besluit de prijs te accepteren niet ´had kunnen ontsnappen aan de politiek´, waarmee hij verwees naar de druk die op hem was uitgeoefend om de prijs niet aan te nemen van de kant van de  boycot-campagne tegen Israël. Hij zei dat hij gekomen was om ´te leren en om deel te nemen´, maar dat hij met verbazing had geconstateerd hoe ´de matzav´ (hij gebruikte het Hebreeuwse woord voor ´de situatie´) altijd zijn aanwezigheid liet voelen. ´En,´ zei McEwan, ´als de politiek het bestaan doordringt tot in alle uithoeken, dan is er iets grondig mis.´

zondag 20 februari 2011

Wie is er bang voor de grote boze .... Moslim Broederschap

Drie leden van het Bureau van Leiding (Al-maktab al-Irshad) van de Moslim Broederschap (Ikhwan al-Muslimin) tijdens een persconferentie. Vlnr Mohammed al-Mursi, Essam al-Arian en Saad al-Katatni.

De Moslim Broeders komen! De Moslim Broederschap is straks de grote winnaar van deze omwenteling! Is de hand van de Broederschap niet in de deze opstand te herkennen?!
In hoeveel toonaarden kwamen deze opmerkingen en vragen de afgelopen weken niet voorbij op de Nederlandse radio en tv? Angst voor de Moslim Broederschap, angst voor islamisme, het zit erg diep als het onderwerp Egypte aan de orde komt.
Toen Mubarak op 'zwarte woensdag' zijn supporters inhuurde om er op los te slaan, mensen te vermoorden en vernielingen aan te richten, twitterde één van de deep throats die regelmatig op de radio kwam omdat hij een paar jaar in Egypte had gewoond, meteen: 'is dat dan toch weer het lelijke gezicht van de Moslim Broederschap?' De Moslim Broeders zijn kennelijk voor sommigen zoiets als de boze wolf uit het sprookje, die  zijn ruige poot in meel heeft gedoopt om door de brave geitjes niet als de villain of the piece te worden herkend, alleen om hen straks met des te meer gemak te kunnen oppeuzelen. Het zal er mede mee te maken hebben dat een aantal van de commentatoren bij de Nederlandse audiovisuele media uit de orthodox christelijke hoek komt. Daar heerst traditioneel een soort vrees voor de onderdrukking van christelijke minderheden in het Midden-Oosten door islamisten, een vrees die overigens door sommige koptische kringen in Egypte met graagte wordt uitgebuit en aangedikt tegenover Westerlingen. 
Die angst zal nog wel toe zijn genomen nadat de bekende sheikh Youssef al-Qaradawi afgelopen vrijdag de - opnieuw ongekend  grote- menigte op Tahrir mocht voorgaan in het vrijdaggebed. Qaradawi! Eén van de Broeders! Die door Mubarak het land was uitgezet en alleen nog in Doha kon preken! Dat Qaradawy in feite niets anders deed dan het leger prijzen voor zijn uitspraken ten gunste van democratie en de demonstranten van Tahrir aanmoedigen door te gaan met hun ijveren voor vrijheden, zal daar niet veel aan hebben afgedaan. De angst is er nu eenmaal. Zij is er natuurlijk ook stevig ingehamerd door het Mubarak-regime dat jarenlang zijn gebrek aan democratie en zijn onderdrukkende karakter rechtvaardigde door erop te wijzen dat het  alternatief was dat dan de gevreesde Broeders met de baarden aan de macht zouden komen., .
Maar de grote vraag  is nu in hoeverre die vrees gerechtvaardigd is. Niemand heeft daar een sluitend antwoord op, om de simpele reden dat nu pas - als de Ikhwan straks zoals zij inmiddels heeft aangekondigd een politieke partij zal hebben gevormd en aan verkiezingen zal hebben meegedaan, duidelijk zal worden hoe groot haar aanhang echt is, en ook wat zij daarmee wil gaan doen. Tenslotte heeft zij eerder nooit een eerlijke kans daartoe gehad, als beweging die illegaal was tijdens verkiezingen die bovendien steevast werden vervalst. Straks zullen we dus zien dat de beweging waard is, maar intussen kan het geen kwaad om te blijven herhalen dat het traditionele schrikbeeld dat kennelijk van de Ikhwan leeft, al lang gelden is achterhaald en dus niet meer klopt met de feitelijke situatie. De Broederschap is al heel lang niet meer gewelddadig, zij is al jaren veeleer slachtoffer dan dader - bijvoorbeeld als zoals langzamerhand traditioneel was geworden, rondom verkiezingen tientallen zoniet honderden lkhwan-leden werden opgepakt. De Broederschap is tegenwoordig voor pluriformiteit en een meerpartijenstelsel, voor democratie en een scheiding der machten, en voor gelijke rechten voor vrouwen en de koptische minderheid. Zij zou, naar eigen zeggen, zelfs kunnen leven met een koptische president. Dat alles is het product van een geleidelijk proces van tientallen jaren, waarin de Broederschap van een activistisch en ook wel terroristische gezelschap geleidelijk evolueerde naar een groepering waar jihad is afgezworen en alleen nog ruimte is voor da'wa (de oproep en zending ten gunste van een maatschappij waarin religie en islamitische cultuur een grote rol spelen) en vreedzame politieke actie binnen een democratisch kader: hizbiyya (van het woord hizb, politieke partij).
De tijd dat de Broederschap geweld inzette dateert van voor de jaren 40, toen zij het moest opnemen tegen de koning en de Britten en zich moest afzetten tegen de nationalistische Wafd. Die tijd is voorbij. En hetzelfde geldt voor de tijd in de jaren 50 en 60 toen de Broederschap genadeloos werd  vervolgd onder president Nasser en diens Vrije Officieren, wat onder meer resulteerde in de radicalisering van een deel van de aanhang onder invloed van revolutionaire denkers als Sayyed Qutb (1906-66), met zijn ideeën van een staat die te vuur en te zwaard moest worden bestreden, omdat zij in feite zo onislamitisch was dat ze in een staat van  pre-islamitisch heidendom  (jahiliyya)  verkeerde. Qutb is al lang geen icoon van de Broederschap meer. Geweld werd begin jaren 70 afgezworen en Qutbs richting, die hij uiteenzette in zijn beroemde boek -Ma'alim fi'l tariq (Richtingwijzers op de weg) werd met zoveel woorden in de ban gedaan door de toenmalige Gids, (Murshid) van de Broederschap, Hassan al-Hodeibi, de opvolger van de stichter van de Ikhwan, Hassan al-Banna. 
Ook is de Ikhwan al heel lang niet meer het geheimzinnige in afzonderlijke cellen opererende genootschap dat het ooit was onder deze Hassan al-Banna. Toen de organisatie na de onderdrukking door Nasser door diens opvolger Sadat in de jaren 70 weer wat uit de gevangenkampen naar huis mocht (Sadat dacht de Broederschap te kunnen gebruiken als een een bondgenoot tegen zijn linkse opponenten), volgde een een proces van herbezinning en hergroepering en herstructurering. Een 100 man sterke maglis as-shura (consultatieve raad) fungeert tegenwoordig als een soort parlement dat twee keer per jaar bijeenkomt en bindende besluiten neemt. De maglis kiest ook de dagelijkse leiding, bestaande uit een 13 man tellende Maktab al-Irshad  (te vertalen als Leidinggevend Bureau of Sturend Bureau). En uit het midden van dit Bureau wordt  bij meerderheid van stemmen de leider, de Murshid (Gids) gekozen die vijf jaar in functie blijft. 
Ook op ander gebied hebben de ontwikkelingen sindsdien niet stilgestaan. Begin jaren 80 begon de Ikhwan aan een opmars in de professionele syndicaten. Zij won bijvoorbeeld verkiezingen in belangrijke syndicaten als die van de ingenieurs, artsen en advocaten. Aangemoedigd door deze successen werd vervolgens ook een stap gedaan op de weg naar een vertegenwoordiging in het parlement. Officieel was de Ikhwan verboden, maar door een gezamenlijke lijst met de liberale Wafd-partij te vormen wist zij dat in 1984 te omzeilen. Met als resultaat dat zij 58 zetels won en 15% van de stemmen behaalde. Uit hetzelfde jaar '84 stamt ook een verklaring, mogelijk ingegeven door het feit dat de Wafd traditioneel altijd veel Koptische leden had, dat Kopten voor de Ikhwan als volledige burgers gelden met dezelfde rechten als islamieten.
Mohammed Badie, de huidige Murshid.
Drie jaar later, in 1987, werd de truc van de gezamenlijke lijst herhaald, maar ditmaal met de Socialistische Partij van Ibrahim Shukri als partner (en met de veel kleinere liberale Ahrar-partij). Ditmaal was de oogst 56 zetels.(De verbintenis zorgde er overigens voor dat de Socialistische Partij en zijn orgaan As Shaab (Het Volk) in hoog tempo ´verislamiseerden´). 
De ontwikkelingen zijn sindsdien niet stil blijven staan. De algemene opinie in Egypte was dat de parlementariërs van de Broeders het niet slecht deden, in ieder geval meestal veel beter dan de parlementsleden van de regerende Nationaal Democratische Partij die hun aanwezigheid meestal alleen dankten aan hun loyaliteit aan het regime Ook de ervaring die werd opgedaan in de syndicaten, waar een nieuwe generatie Moslim Broeders zich van hun beste kant lieten zien als bestuurders die aan deze traditioneel belangrijke organisaties op zo´n manier leiding gaven dat zij niet zozeer meer een kanaal waren waarlangs de overheid haar politiek dicteerde, als wel organisaties die opkwamen voor de professionele belangen van hun leden. Beide ervaringen - die van bestuurders zowel als volksvertegenwoordigers - droegen bij tot een evolutie van de Ikhwan. In 1994 organiseerden Essam el-Arian (nu een van de leiders van de beweging) en Abul Ela Madi een tweedaagse conferentie met deelname van een breed scala aan figuren uit wetenschap en samenleving over vrijheid en de 'civil society', Nog hetzelfde jaar kwam de Broederschap met twee belangrijke verklaringen. De eerste legde het recht vast van vrouwen om als gelijken aan het politieke leven deel te nemen, als ook voor bestuursfucnties en parlementszetels in aanmerking te komen. Sindsdien heeft de Broederschap ook vrouwelijke parlementsleden en bestuurders van syndicaten. De andere belangrijke verklaring was een 'paper' waarin werd vastgelegd dat de Broederschap voor pluralisme en een meer-partijenstelsel is.
In weer latere jaren namen de kandidaten van de Broederschap deel aan de parlementsverkiezingen als onafhankelijken. In 2000 leverde dat 17 zetels en in 2005 88 zetels (20%) op ondanks het feit dat in beide de deelname gepaard ging met de welhaast traditioneel geworden golven arrestaties van kandidaten en leiders van de Broederschap. In deze laatste paar jaar heeft de Ikhwan uitspraken gedaan die erop wezen dat zij nog verder is opgeschoven richting democratie. Zo verklaarde zij dat ze democratie compatibel acht met het principe van 'shura' (consultatie) in de islam, dat een islamitische republiek niet nodig is omdat Egypte tenslotte via zijn grondwet toch al een islamitisch staat is met de sharia als belangrijke bron van wetgeving en dat verkiezingen de bron van autoriteit moeten zijn voor wie het land regeert. Dat alles culmineerde in een persconferentie in 2004 van de toenmalige Gids Mohammed Mahdi Akef, waarin hij aankondigde dat de Broederschap een gewone politieke partij wilde worden, die een plaats zou krijgen in de een gewone republiek met een regering die zich gebonden zou weten aan de wet.
Die gewone politieke partij lijkt nu dus binnen bereik te komen (de Wasat (Midden)partij, een liberalere afsplitsing van de Ikhwan onder leiding van onder meer de eerder genoemde Abul Ela Madi, die in 2005 tevergeefs een vergunning aanvroeg om als partij te mogen fungeren is inmiddels al toegelaten). Dit wordt dus waarschijnlijk het moment van de waarheid waarop de Ikhwan kan tonen of zij haar democratische opvattingen waar kan maken en of zij zal kunnen gaan fungeren als een soort ´moslim-democratische´ partij zoals bijvoorbeeld de Turkse AKP, tenslotte ook van oorsprong een fundamentalistische partij. Het wordt zonder meer spannend, want natuurlijk huizen in de Ikhwan ook andere tendenzen dan het ´mainstream´ gezicht dat zij de afgelopen jaren heeft getoond. Zo is bijvoorbeeld onduidelijk waar de aanhang van de Gama´at al-Islamiyya (Islamitische Beweging) is gebleven die in de jaren 80 en 90 actief was als een radicaler islamitische beweging. Deze Gama´a, die pas in 1996 geweld afzwoer, is vrijwel van het toneel verdwenen als gevolg van een buitengewoon heftige vervolging door de overheid. Ook zal uiteindelijk veel gaan afhangen van de vraag hoever de commissie die zich nu over grondwetswijzigingen buigt, zal kunnen en mogen gaan. Wordt dat een volledig democratisch stelsel met een echte scheiding der machten zoals ook de voorzitter van die commissie Tareq al-Bishri wil?. Of blijven de hervormingen halverwege steken? Het valt aan te nemen dat een volledig democratische hervorming ook de beste garanties zal bieden dat de Broederschap straks als een echt democratische partij zal gaan functioneren.

Bronnen (onder meer) Roel Meijer, Towards a political Islam, Clingendael Paper, en Mona El-Ghorbashi, ‘The Metamorphosis of the Egyptian Muslim Brothers’, International Journal of Middle East Studies, vol. 37, no. 3 (2005). 

zaterdag 19 februari 2011

Grafitti in downtown Cairo:  
'Communiqué nr 6 (van het leger): Als jullie je niet gedragen halen we Mubarak weer terug.' (foto Sarah Carr).

Ik merk dat sommige lezers van dit blog denken dat ik haast niets aan Egypte en de onrust elders in de Arabische wereld doe.  In feite volg ik dat dagelijks, al vanaf het begin van de opstand in Tunesië (en over onrust in Yemen, Bahrain, Jordanië en  berichtte ik ook al eerder). Maar ik doe dat in het Engels, op mijn zusterblog 'The Pessoptimist'. Klik om dat te lezen, rechtsboven aan de pagina, onder het tekeningetje van de Rotskoepelmoskee.  

'Veto VS tegen anti-nederzettingenresolutie doet afbreuk aan internationaal recht '

De nederzetting Efrat

De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) heeft de regering Obama van hypocrisie beschuldigd en gezegd dat de Verenigde Staten afbreuk doen aan het internationale recht met hun veto tegen een resolutie in de VN-Veiligheidsraad waarin het nederzettingenbeleid van Israel werd veroordeeld.
In een verklaring zei Sarah Leah Whitson, de directeur Midden-Oosten van HRW dat president Obama in zijn toespraken de Arabische wereld vertelt dat hij tegen de nederzettingen is, maar dat hij intussen 'verhindert dat de Veiligheidsraad Israel op een juridisch bindende manier opdraagt ermee te stoppen'.
HRW reageerde daarmee op het veto dat de Amerikaanse ambassadeur bij de VN, Susan Rice, vrijdag uitsprak over een resolutie waarin de nederzettingen illegaal en een obstakel voor vrede werden genoemd. Alle 14 andere leden van de Raad waren vóór de resolutie.
In de resolutie die door tenminste 130 landen werd onderschreven, werd gesteld dat de nederzettingen 'illegaal zijn en een belangrijk obstakel voor een rechtvaardige, duurzame en alomvattende vrede'.
VN-ambassadeur Rice, motiveerde haar stemgedrag met een verklaring dat de VS weliswaar tegen de nederzettingen zijn, maar dat de resolutie niet evenwichtig zou zijn. Zij voerde aan dat rechtstreekse onderhandelingen tussen de partijen, gesteund door de VS en de internationale gemeenschap, de enige manier was om vrede in het Midden-Oosten te bereiken. 'Ongelukkigerwijs is het risico van deze motie dat het de standpunten van de partijen verhardt. Zij zou de partijen kunnen aanmoedigen weg te blijven van onderhandelingen en, als die zouden worden hervat, steeds een beroep op de Veiligheidsraad te doen iedere keer dat zij in ene impasse belanden,' zei Rice. 
De Britse ambassadeur Mark Lyall Grant, die sprak namens Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland die  voor de resolutie waren, veroordeelde de nederzettingen als 'illegaal volgens het internationale recht'. 
Het was het eerste veto dat de regering-Obama in de VN-Veiligheidsraad hanteerde. President Obama had voorafgaande aan de stemming enorme druk uitgeoefend op de Palestijnse Autoriteit om de resolutie van tafel te halen, maar de PA wilde daar niets van weten, nadat haar toch al rafelige prestige in januari door het lekken van de 'Palestine Papers' een nieuw dieptepunt had bereikt.
Voor de regering-Obama, die steeds bij allerlei gelegenheden heeft geroepen dat zij tegen de nederzettingen is en die zelfs een tijdlang een bouwstop in die nederzettingen verlangde van de Israelische regering, is de stemming een bittere pil. Haar prestige loopt opnieuw een fikse deuk op, nadat dit al flink had geleden door de slappe houding van de VS in het gecrashte vredesoverleg tussen Israel en de Palestijnen - en door de weifelende houding ten opzichte van de recente omwenteling in Egypte.
Wat de Palestijnen betreft is dit - voor zover nog nodig - een nieuw bewijs dat de VS helemaal geen neutrale bemiddelaar zijn in het zogenaamde vredesproces, maar sterk op de hand zijn van Israel. Zozeer zelfs dat ze bereid zijn daarvoor het internationale recht te negeren.

donderdag 17 februari 2011

'Hoe de Egyptische vrouwen de straten terugveroverden'

Grafitti in Cairo: 'Midan Tahrir, ja tegen vrijheid en democratie'. (Foto Sarah Carr).

Vandaag te gast op The Pessoptimist: Noha Radwan, assistent professor vergelijkende literatuurwetenschap aan de Universiteit van California Davis en deelneemster aan de protesten op Tahrir. Hoe de Egyptische vrouwen tijdens de revolutie de straten van Cairo terugveroverden. (Engels)

Israelische leger doodt drie Palestijnse vissers in Gaza

 
 Vissers halen de vis uit hun netten op het strand van Gaza

 Israelische militairen hebben in de vroege ochtend van donderdag drie Palestijnse vissers in de Gazastrook doodgeschoten. De drie waren Jihad Khalaf, 20, Talaat al-Awagh, 25 and Ashraf al-Kteifan, 29. Volgens het Israelische leger waren de drie 'militanten die het veiligheidshek in het noorden van de Gaza-strook naderden met de bedoeling explosieven te plaatsen. Maar volgens de legerwoordvoerder, 'verhinderde het leger die poging door op hen te vuren, waarbij alle drie werden geraakt.'
Het ministerie van gezondheid in Gaza  zei dat de drie vissers waren die met hun netten aan het werk waren bij Beth Lahiya in het uiterste noorden van de Strook. Woordvoerder Adham Abu Selmiya van de medische hulpdienst zei tegen AFP dat de drie werden geraakt door machinegeweervuur en een granaat van een tank.

Vissers in Gaza zijn gewend niet alleen met boten maar ook met netten te vissen die dicht bij het strand in zee worden geplaatst. Maar misschien dat die op een manier die wij niet weten, als geheim wapen kunnen worden ingezet. Want we kunnen toch zeker niet anders dan ervan uitgaan dat het dappere Israelische leger weer tijdig een laffe Palestijnse aanval op de Joodse staat heeft weten te verhinderen? Toch? Zeker?

woensdag 16 februari 2011

Egypte's revolutie, hoofdstuk II


Wat was het een buitengewoon indrukwekkende, en ongewoon gedisciplineerd verlopen wisseling van de wacht daar in Egypte. Ongekend vele miljoenen mensen gedroegen zich op een onwaarschijnlijk beschaafde manier. Alleen Mubarak - de steunpilaar en bondgenoot van het Westen - leek zijn rol niet meer te begrijpen en moest door het leger voor een ultimatum worden gesteld. Petje af voor de rustige wijze waarop het leger dat deed, petje af voor het geciviliseerde reacties van de Egyptenaren
Het was een omwenteling van epische afmetingen zoals we die eerder alleen in het Roemenië van Ceausescu, en andere Oostbloklanden hebben gezien. Het was ook in andere opzichten een vergelijkbaar soort opstand. Zoals de mensen in het Oostblok een systeem afschudden dat hen al tientallen jaren in hun vrijheid en creativiteit belemmerde, zo maakten ook de Egyptenaren korte metten met een regime dat het hele land al  tientallen jaren letterlijk en figuurlijk had gecorrumpeerd. Het is niet voor niets dat de demonstraties van Tahrir (en vergelijkbare plaatsen in andere steden) nu worden gevolgd door een niet-aflatende stroom van stakingen en arbeidsonrust. Van de banken en de staal-,cement- en textielindustrie tot aan de professionele organisaties als de Autoriteit voor Oudheden of de Vakbond van  Journalisten heeft het systeem te maken met corrupte leiders en directeuren die hun baantjes meer te danken hebben aan relaties met het oude bewind, hun positie in de regeringspartij NRP of hun loyaliteit aan Mubarak, dan aan competentie. Er is nog een hoop te doen voordat al deze organisaties zijn ontdaan van hun verkeerde voormannen en het mismanagement dat als een natte deken - een grauwsluier - al zo lang  over zoveel dingen in Egypte lag en maakte dat zoveel slecht of ondermaats functioneerde.
Er is überhaupt een heleboel te doen. Het feit dat Mubarak weg is (en zo te zien ook zijn  vice-president Suleiman op een zijspoor is gezet), dat het leger de touwtjes in handen heeft genomen en dat er een overgangsperiode is aangebroken, betekent dat we nu in een tweede fase van de revolutie zijn beland. Een fase waarin verschillende spelers elkaar zullen moeten aftasten, en nog maar moet blijken of het ook allemaal zo zal aflopen als de demonstranten van Tahrir hadden bedoeld. Voorlopig is er nog niet echt iets fout gegaan. Het leger heeft gezegd dat zal zorgen voor een goede overgang naar een democratie en tot dusver ook niet echt twijfel gezaaid of zijn bedoelingen wel oprecht zijn. Waarom zou het trouwens? Het bestaat voor ongeveer de helft uit rekruten die voortkomen uit dezelfde kringen als de mensen die de straat opgingen om Mubarak te verjagen en te vragen om democratie. Een belangrijk deel van het officierscorps (de lagere en middelste rangen) behoren eveneens grotendeels tot deze categorie. Als het leger iets anders zou nastreven dan, zoals het zegt te doen, het handhaven van de stabiliteit van Egypte,  zou het riskeren dat het intern problemen zou krijgen en zijn eigen positie die zoals het nu is helemaal zo slecht niet is, in de waagschaal stellen.

Op de eerste stappen die de Hoge Raad van het leger tot nu toe heeft genomen is dan ook niet veel aan te merken.  Het parlement - dat in 2010 was gekozen tijdens verkiezingen waarin was geknoeid en vervalst als nooit tevoren - is ontbonden, en terecht. De grondwet die op alle mogelijke manieren een regeermonopolie voor de regeringspartij NRP veiligstelde,  is buiten werking gesteld. Het kabinet dat nog net door Mubarak ws benoemd, is -minus enkele ministers die alsnog zijn weggestuurd - aangebleven als een soort demissionair zaakwaarnemer.
Vervolgens is deze week een commissie van acht man aangesteld om de grondwet te wijzigen. Voorzitter is Tareq al-Bishri, een oud-rechter en gerenommeerd historicus, maar ook een islam-hervormer en een man die goede contacten heeft met de Moslim Broederschap. Voorzover ik kon nagaan is Al-Bishri voorstander van de scheiding van Moskee en Staat. De kopten lijken echter niet blij met hem, terwijl ze ook verontrust zijn over het feit dat een voormalig parlementslid van de Moslim Broederschap, Sobhi Saleh uit Alexandrië, lid is van de commissie. Overigens telt de commissie ook een koptische rechter als lid.
Maar ernstiger dan de bezwaren van de kopten zijn de bezwaren van de Coalitie van Revolutionaire Jongeren, de coalitie van groeperingen die de aanstichters en organisatoren waren van de anti-Mubarak betogingen. De Coalitie verzet zich tegen het feit dat Al-Bishri's commissie de opdracht heeft niet meer dan zes grondwetsartikelen te wijzigen, de artikelen namelijk die gaan over de voorwaarden waaronder iemand presidentskandidaat kan worden, de hoeveelheid termijnen die hij kan dienen, de manier van toezicht op verkiezingen, de bevoegheden van het parlement om iemand als lid toe te laten, en twee artikelen over respectievelijk het inperken van vrijheden bij het bestrijden van terrorisme en de voorwaarden waaronder de grondwet kan worden gewijzigd.
Voor de Jongerencoalitie, die op dit moment als een van de meest uitgesproken oppositiekrachten fungeert, gaat dat lang niet ver genoeg.  Zij willen een compleet nieuwe grondwet die een blauwdruk bevat voor een parlementaire democratie en een volledige scheiding van de trias politica, de uitvoerende, wetgevende en rechterlijke macht. Daarnaast hebben ze een hele serie eisen op tafel gelegd voor een liberalisering van het bewind, variërend van het vrijlaten van politieke gevangen en het opheffen van de noodtoestand, tot persvrijheid en het recht op het vrij vormen van vakbonden en politieke partijen. 

Eerst de opstand, dan de schoonmaak, en daarna begint het pas echt.

Het verschil tussen wat zij en de militairen willen zit hem natuurlijk in de vraag of de militairen die stap naar een volledige democratie durven (of willen) maken, dan wel of ze op safe willen spelen en een soort overgangsstelsel willen waarin de teugesl nog niet al te ver woden gevoerd en ze (voorlopig?) nog niet verder willen gaan dan een soort halfbakken democratie. Zelfs zou het zomaar kunnen dat ze gewoon nog niet weten wat ze het beste vinden. Maar in ieder geval ligt hier conflictstof te over als het gaat om de vraag hoe het verder moet.  Het leger en de Jongerencoalitie zijn daarbij de belangrijkste partijen. Het leger omdat het de facto de macht heeft, de Jongerencoalitie omdat zij de enigen zijn die - misschien - weer voldoende mensen op de been zouden kunnen krijgen om volgende stappen af te dwingen. De overige partijen, of het nu de liberale Wafd, de linkse Tagammu, de Ghad van Ayman Nour, of de Beweging voor Verandering van El-Baradei betreft, zijn teveel deel van het oude systeem, en stellen te weinig voor om veel gewicht in de schaal te kunnen leggen.
Maar dat beeld kan - en zeker in een latere fase en dan met name als de partijen zich gaan opmaken om deel te gaan nemen aan verkiezingen - nog wel worden gecompliceerd. Twee andere partijen zouden daarin namelijk ineens el een rol kunnen gaan spelen. In de eerste plaats is dat de Moslim Broederschap, die heeft aangekondigd dat zij nu een politieke partij zullen vormen en die als enige van de 'oude' formatis wèl over een goed georganiseerd apparaat beschikt. En de tweede is de oude regeringspartij van Mubarak, de Nationaal Democratische Partij NDP, waarvan we nu nog niet weten of in het na-Mubarak tijdperk wel in de oude vorm kan overleven, maar die potentieel natuurlijk ook over alle mogelijke organisatorische (en financiële) capaciteiten beschikt..Op de Broederschap en de NRP kom ik binnenkort in een ander stuk terug.
Maar intussen is natuurlijk -  hoe de resultaten straks na verkiezingen ook zullen uitpakken -  een ding zo duidelijk als wat. En dat is dat na de revoluties in Tunesië (waar overigens ook lang nog niet alles geregeld is en dat een vergelijkbaar proces doormaakt als nu Egypte) en in Egypte, de Arabische wereld - het hele Midden-Oosten - nooit meer zo zullen zijn als ze waren. Zoals de revoluties in het Oostblok een einde maakten aan de Koude Oorlog, zo hebben de omwentelingen in Tunesië en Egypte de weg vrij gemaakt voor een Midden-Oosten dat op eigen benen gaat staan, zijn eigen potentieel vrijer en beter zal gaan benutten en dat een meer onafhankelijke positie zal kiezen ten opzichte van het Westen. Een Midden-Oosten dat ook meer eisen zal stellen aan Israel, als dat prijst stelt op het instandhouden van verdragen en goede verhoudingen - misschien wel een beetje op de manier van het huidige Turkije. Het is weliswaar  nog niet zover - Tunesië en Egypte zijn nog halverwege op weg naar democratie - maar de beweging die zij op gang hebben gebracht, is niet meer weg te denken en dus ook niet meer te stuiten. Met name het feit dat Egypte, het grootste, meest sophisticated en belangrijkste Arabische land  'om' is, betekent dat het een kwestie is van tijd voor de rest van de Arabische wereld zal volgen.
Grafitti in downtown Cairo: 'Houd je hoofd hoog, je bent Egyptenaar.' (Foto Sarah Carr)


Ik merk dat sommige lezers van dit blog denken dat ik haast niets aan Egypte doe. In feite volg ik het Egyptische nieuws al vanaf het begin dagelijks, maar in het Engels op mijn zusterblog 'The Pessoptimist'. Klik om dat te lezen, rechtsboven aan deze pagina, onder het tekeningetje van de Rotskoepelmoskee.  

dinsdag 15 februari 2011

Klere klere klezmer

Optreden van het Israelische leger staks op het podium.





De komende dagen bezoekt een band van het Israelische leger Nederland. Gespeeld wordt onder meer op verschillende locaties voor Christenen voor Israel. Vrolijke Joodse liedjes van diverse herkomst,   waaronder klezmer, van een band van een leger dat voor het overige vooral goed is in het doodschieten van Palestijnen tijdens een arrestatie, het 's nachts van hun bed lichten van minderjarige kinderen voor een illegaal verhoor zonder aanwezigheid van ouders of een advocaat, het afschieten van grote hoeveelheden traangas tijdens demonstraties tegen de Muur, het dagelijks koeioneren van duizenden Palestijnen bij checkpoints die hun beweging ernstig belemmeren, en - last but not least - een veldtocht zo hier en daar waarbij gewoonlijk meer dan 1000 doden vallen (1200 in 2006 in Libanon, 1400 in 2009 in Gaza) en voor miljarden wordt vernield.

De band komt hier natuurlijk om ons een andere - leuke, gezellige - kant van dat Israelische leger voor te schotelen. De concerten, op 21, 23 en 24 februari, staan in het teken van solidariteit met Israel, schrijft Christenen voor Israel op zijn site. Maar wie meer voelt voor een ander soort solidariteit kan terecht bij de site van Jominee (ds Johan van den Berg) die wijst op sites waar, geloof ik,  mensen oproepen om iets te gaan doen met potten, toeters en pannendeksels en dergelijke dingen.
Optreden van het Israelische leger op de Westoever.

Ikzelf ben meestal niet zo van dit soort acties ('er is niets op tegen om ze te laten spelen, zolang er tijdens hun optreden maar voldoende traangas in het publiek wordt geschoten voor de juiste couleur locale', probeerde ik nog grappig te doen), maar toen werd ik er dus van meerdere kanten op gewezen dat dezelfde band ook optreedt bij mijn eigen Liberaal Joodse Gemeente en wel op 17 februari. Dus: deksels en pollepels in de aanslag - of als u Joods bent misschien de ratel van Purim mee (dat feest komt er intussen toch aan) zodat u de muzikale jool kunt opluisteren met bijna natuurgetrouwe salvo's.

Optreden van het  Israelische leger in Bil'in op de Westoever
Concert Tsahal ism Collectieve Israël Actie op donderdag 17 februari 2011

In samenwerking met de Collectieve Israël Actie vindt op donderdag 17 februari 2011 een spectaculair concert plaats van Tsahal bij LJG Amsterdam. De Tsahalband, de 12-man sterke band van het Israelische leger, heeft een programma van bekende joodse nummers, moderne Israëlische song, musicalsongs en een sing-a-long. Een fantastisch programma voor jong en oud!

Datum en tijd: donderdag 17 februari 2011 om 19.30 uur (zaal open om 19.00 uur)
Plaats: LJG Amsterdam, Zuidelijke Wandelweg 41
Toegang*: € 15,- / kinderen en studenten €12,50 incl. één consumptie
Om kaarten te bestellen maakt u het verschuldigde bedrag over naar de LJG Amsterdam rek. nr: 468042172 o.v.v. ‘Tsahalconcert’, naam en aantal kaarten. De kaarten liggen dan klaar bij de kassa.

* De opbrengst van de avond gaat naar een Reform Kinderdagverbijf in Israël.

Optreden van het  Israelische leger in Gaza, in 2009.

zondag 13 februari 2011

Palestijnse Autoriteit begint offensief om legitimiteit terug te winnen

De Palestijnse Autoriteit verbood sympathiebetogingen met de demonstranten in Egypte of vieringen van de val van het regime-Mubarak. Desondanks was er toch een betoging in Bethlehem. Hams in Gaza stond wel vieringen van de val van Mubarak toe.

De Palestijnse Autoriteit lijkt bezig aan een offensief om wat van haar tot een dramatische niveau gedaalde de legitimiteit terug te winnen.Zaterdag werd bekend dat Saeb Erakat, al jaren de toponderhandelaar tijdens het 'vredesoverleg' met Israel, ontslag heeft genomen. Dat was niet geheel onverwacht, nadat Erakat zijn geloofwaardigheid zo goed al geheel had verloren door de publicatie, eind januari, van de 'Palestine Papers' door Al-Jazeera en de Britse krant The Guardian. In die papers kwam Erakat naar voren als iemand die tijdens de onderhandelingen veel meer had weggegeven dan hij in het openbaar had willen toegeven en bovendien als iemand die er bij de Israeli's en Amerikanen over had geklaagd dat Egypte meer moest doen tegen de smokkel vanuit Egypte naar de Gazastrook.
Maar het bleef niet bij het ontslag van Erakat. Zaterdag werd eveneens bekend.dat de Palestijnse Autoriteit nu toch voor september presidents- en parlementsverkiezingen wil houden  Dat zou gebeuren om 'het volk meer te betrekken bij het politieke proces'. De beslissing werd onmiddellijk fel aangevallen door Hamas, dat ook gekant is tegen de voor juli aangekondigde verkiezingen voor gemeenteraden en dergelijke. Hamas betoogt dat het regime van Abbas illegaal is, omdat bij de laatste verkiezingen van 2006 een heel ander bewind uit de bus kwam, namelijk een bewind waarin Hamas de meerderheid had. Volgens Aziz Dweik, de voorzitter van het Palestijnse parlement, speelt nog een andere reden een rol. Volgens de Palestijnse grondwet kan alleen tot verkiezingen worden besloten als dat de goedkeuring heeft van het parlement (waarin Hamas de meerderheid heeft), zei hij, 'maar het regime op de Westoever heeft dat artikel buiten werking gesteld'.

Achter deze legalistisch klinkende redeneringen gaat echter natuurlijk iets anders schuil. Namelijk de vrees dat de kloof tussen de PA en Hama verder wordt verdiept. Hamas zou geen bezwaar hebben tegen verkiezingen als eerst een verzoening tussen Hamas en Fatah (= het regime op de Westoever) zijn beslag had gekregen en de PA alle politieke gevangenen zou hebben vrijgelaten. Onder de huidige omstandigheden, waarbij vrijwel alle Hamas-activisten op de Westoever in de gevangenis zitten, dreigt Hamas echter geheel buiten spel te worden gezet.
Maar ook de aankondiging van nieuwe verkiezingen is nog niet alles waarmee de PA haar imago wil verbeteren. Zondag werd ook bekend dat maandag het hele Palestijnse kabinet zal aftreden en dat premier Fayyad besprekingen met alle fracties wil openen om een breed nieuw kabinet te formeren. Ook hierbij zit een dikke adder onder het gras. Zes leden van het kabinet van Fayyad (die zelf overigens nooit is gekozen) wonen in Gaza wonen en kunnen dus al een paar jaar niet regeren. Bij deze vernieuwing wordt dus eveneens de band met Gaza nog verder doorgesneden. De maatregel lijkt verder vooral bedoeld om incompetente en corrupte ministers te vervangen, in de hoop dat daarmee het verder terugvallen van de populariteit wat kan worden tegengegaan.

Het einde en een nieuw begin - Tahya Masr, Leve Egypte

 
 De Egyptische blogger Hossam Hamalawy maakte deze fraaie foto van een uitgebrande truck van de Amn el-Merkazy, de Centrale veiligheidstroepen. Het opschrift - Het Einde - staat symbool voor het einde van een tijdperk -  voor Egypte, voor het hele Midden-Oosten.
Mubarak is weg, Egypte kan weer ademhalen.-  dankzij de heroische ïnspanningen van het Egyptische volk zelf. Natuurlijk moet er nog veel gebeuren voor de strijd gestreden is. Een regime dat zo is ingevreten in alle lagen van de maatschappij ontmantelen en vervangen door een nieuw bestel is geen sinecure. Maar intussen is het feest. De creativiteit kan zich een weg banen. Blogposts, fotoreportages en talloze liederen over de revolutie doen de ronde. Hieronder één ervan - Tehya Masr, thawra hatta nasr - Leve  Egypte, revolutie tot de overwinning. Op mijn Engelse zusterblog staat een andere - eerlijk gezegd een mooiere. Er zijn er nog veel meer, ik kan de meeste niet aanhoren zonder tranen in mijn ogen.
 
Ondertussen moet ik me tegenover mijn lezers misschien wel verontschuldigen. Sinds ik rond Kerst dagelijks begon te bloggen over Tunesië, heb ik vrijwel uitsluitend voor mijn Engelse blog gewerkt. Ik deed het in het Engels omdat ik een van de weinigen was die de Tunesische revolutie vrijwel vanaf het begin volgde. Ik denk ook dat ik - al is het maar een heel klein bescheiden steentje - aan deze omwenteling heb bijgedragen, die zich de eerste weken vrijwel in het verborgene leek af te spelen omdat ongeveer de gehele officiële pers het volstrekt liet afweten. Daarna kwam Egypte en ging het in één moeite door. Ik zal m'n best doen nu weer wat meer in het Nederlands te publiceren.

donderdag 10 februari 2011

Censuur op Bar Ilan universiteit: geen promotie voor Menachem Klein

De religieuze Bar Ilan universiteit in Tel Aviv heeft de weg versperd voor twee als 'links' geboekstaafde docenten. 'Senior lector' in de politieke wetenschappen Menachem Klein en docent visuele cultuur en eigentijdse filosofie, Ariella Azoulay, krijgen respectievelijk geen  promotie tot hoogleraar en geen vaste aanstelling plus promotie. In beide gevallen is er geen andere reden denkbaar dan dat dit gebeurt wegens hun kritische opstelling ten opzichte van Israels politiek in de bezette gebieden en tegenover de Palestijnen. Een duidelijke blijk dus van censuur, die de academische wereld in Israel al geruime tijd dreigt tot een benauwend soort monocultuur te verlagen.  
Klein heeft meerdere boeken en talloze artikelen in Engels en Hebreeuws op zijn naam staan. Hij was adviseur van Ehud Barak bij de Camp David besprekingen en uitermate kritisch over de wijze waarop die besprekingen zijn gevoerd.  Hij heeft gastdocentschappen vervuld in Oxford, is als 'senior researcher' verbonden aan het Jerusalem Institute for Israel Studies, mede-ondertekenaar van het 'Geneva Initiative' en is lid van het bestuur van de mensenrechtenorganisatie B'tselem. Hij is een gezien en bekende gastspreker in veel landen waaronder de VS en ook Nederland en onder meer een expert op het gebied van Jeruzalem, waarover hij onder meer het boek Jerusalem, the Contested City (Londen 2001) schreef.
De afgelopen maand weigerde de commissie die over de promoties gaat van Bar Ilan om Klein's promotie tot professor in bespreking te nemen. Het was niet de eerste keer dat Klein zo'n benoeming werd geweigerd. In 2005 gebeurde iets soortgelijks. Klein gaf ditmaal als commentaar dat tegenwoordig 'rechtse en conservatieve elementen de belangrijkste posities in de universiteit bekleden en het kennelijk als hun taak zien het instituut te ontdoen van subversieve en linkse elementen:  
 "Right-wing and conservative forces have taken over key positions in the university. Some of these people believe that it is their duty to cleanse the place of 'subversive' elements, and they are taking all the necessary measures to do just that. Whoever is labeled as a leftist, a liberal, or someone who speaks of 'the other' in the university, suffers from oppression and muzzling. There is no place for such politically motivated intervention in academia,'' zo citeerde Haaretz hem. 

De zaak van Ariella Azoulay is een vergelijkbaar geval. Zij doceert sinds 1999 visuele cultuur en hedendaagse filosofie aan Bar Ilan, maar haar is al eerder een vaste aanstelling geweigerd. Vorige week weigerde een commissie die daarover gaat haar opnieuw promotie en een vaste aanstelling te geven, wat betekent dat er een einde komt aan haar verbintenis met de universiteit. Ook Azoulay is schrijver van diverse boeken en een groot aantal artikelen en ook zij is een bekende verschijning in buitenlandse fora. Zij is echter een omstreden figuur in Israel wegens haar uitgesproken kritiek op het beleid in de bezette gebieden en ook onder meer door het feit dat zij ooit een film maakte over de voormalige Palestijns-Israelische parlementariër Azmi Bishara 'I Also Dwell Among Your Own People'.
Ook Azoulay gaf een reactie: 'Gezien de plaatselijke en internationale erkenning voor mijn werk, mijn verleden dat rijk is aan publicaties, het aantal proefschriften dat ik heb begeleid waarvan er een aantal de speciale kwalificatie 'uitmuntend' kregen, is het onmogelijk een logische verklaring voor de weigering van de universiteit te vinden om mij een vaste aanstelling en promotie te geven, anders dan wegens mijn algemeen bekende politieke standpunten.'  
En Azoulay's collega aan Bar Ilan, professor Yehuda Shenhav, stelde dat weinig mensen betwisten dat Azoulay een van de belangrijkste researchers op het gebied van culturele studies in Israel is op dit moment'. Hij voegde eraan toe dat wat haar overkomt valt 'binnen het kader van meerdere recente gevallen van een vervolging van docenten op politieke gronden'. En hij noemde dit één van de meest crue gevallen waarbij 'academisch talent moet wijken voor sektarische inzichten'. 
Azoulay en Klein zijn niet de eersten die in het academische klimaat in Israel tegen een muur oplopen. De uitweg voor kritische Israelische academici wordt, als deze tendens zich voortzet, het buitenland. Enkelen, zoals Avi Shlaim en Ilan Pappé, zitten daar al, Neve Gordon van de Ben Gurion universiteit in de Negev zei een tijd geleden het te overwegen. Op deze manier wordt de vraag: wie volgt?

zondag 6 februari 2011

Plea bargain in zaak tegen klokkenluider Anat Kamm

Haaretz bericht dat de rechtbank in Tel Aviv een zogenaamde plea bargain heeft geaccepteerd in de zaak tegen Anat Kamm, de 23-jarige journaliste die als secretaresse in het hoofdkwartier van generaal-majoor Yair Naveh belastende documenten achterhield en doorspeelde aan Haaretz.
Kamm zal onder de plea bargain niet worden vervolgd wegens het in bezit houden van documenten met de bedoeling de staatsveiligheid te schaden. Daarop staat een maximumstraf van levenslang, die zij dus nu ontloopt. In plaats daarvan bekent ze schuld in het onrechtmatig in bezit hebben van documenten en het doorspelen daarvan aan derden. Het maximum daarvoor is 15 jaar.
De zaak tegen Kamm, medewerker van de website Walla, speelt al sinds eind 2009. Kamm werd toen aangehouden wegens het in bezit hebben van ongeveer 2000 documenten die ze in haar diensttijd had verzameld toen ze secretaresse was van generaal Naveh, toen de commandant van Israels centrale sector (waaronder ook de Westoever valt). Ze speelde ze door aan Uri Blau, een verslaggever van Haaretz, die een deel ervan openbaar maakte.
Tot de documenten behoorden onder andere bewijzen dat Naveh zogenoemde 'targeted killings' van Palestijnen liet uitvoeren zonder dat daarbij de restricties van het Israelische hooggerechtshof in acht werden genomen. Het hof had namelijk bepaald dat zulke door de staat uitgevoerde moorden alleen mochten plaatsvinden als sprake was van een persoon die 'een tikkende tijdbom' was, die niet zonder meer kon worden gearresteerd, en als er geen burgers in de buurt waren die van de targeted killing mede het slachtoffer zouden kunnen worden.

De zaak tegen Kamm loopt al sinds eind 2009. Zij heeft sinds die tijd huisarrest. Haar zaak viel aanvankelijk onder een zogenoemde 'gag-order'  die publicaties ervan verbood. Blogger Richard Silverstein in Seattle (blog Tikun Olam) bracht de zaak echter in maart 2009 naar buiten. Toen werd ook duidelijk dat Anat Kamm de documenten had achtergehouden met de bedoeling te onthullen dat het Israelische opperbevel oorlogsmisdaden begaat.
In Israel maakt dat echter erg weinig indruk. Zelfs het hooggerechtshof zelf blijkt er niet echt van geschrokken dat het militaire opperbevel zijn uitspraken negeert. De groepering Yesh Gvul (= Er is een grens) had op grond van de onthullingen van Blau en Kamm in Haaretz een verzoek ingediend om de benoeming tegen te houden van generaal Naveh tot plaatsvervangend stafchef van het Israelische leger. Maar, zoals blogger Silverstein (alweer hij) op zijn blog meldt, heeft opperrechter  Edna Arbel dat beroep verworpen. Naveh werd wel op de vingers getikt. In haar uitspraak zei rechter Arbel dat
 He should remember that his nomination to a public role, let alone a very high level role, conveys on his not just rights, but obligations which continue even after his role is completed.  One of those obligations is to serve as an example to society and to soldiers serving under his command in honoring the rule of law in general and the decisions of the court in particular.
The statements of the respondent are problematic not only because they encourage defiance of the rulings of the court and lack of faith by society in the judicial system and the principle of the rule of law which obligates every citizen.
   Anders gezegd: Naveh had zich in zijn hoge functie ervan bewust moeten zijn dat hij een voorbeeldfunctie vervulde. En het is 'problematisch' dat hij door zijn houding het negeren van uitspraken van het hof aanmoedigde en ook het gebrek aan ontzag voor het wettelijke systeem in de gehele samenleving. Maar geen diskwalificatie dus voor zijn functie, op grond van het feit dat hij duidelijke uitspraken van het hof aan zijn laars had gelapt die het doodschieten van ongewapende personen verbood als zij ongewapend waren en dus ook gearresteerd hadden kunnen worden.
 En dat is dan alweer een flinke smet op het blazoen van het Israelische rechtssysteem. Als zelfs het hooggerechtshof het niet meer belangrijk vindt dat hoge Israelische militairen hun achterste afvegen met rechterlijke uitspraken van nota bene dit hoogste rechtscollege zelf, en er geen werk van maakt dat de militairen in strijd met zijn uitspraken, naar hartelust iedereen doodschieten die zij daarvoor in aanmerking vinden komen, tja, dan ziet het er voor klokkenluiders als Anat Kamm niet best  uit.   

woensdag 2 februari 2011

Egyptes oppositie heeft een passend medicijn tegen de terreur van de middelmaat

Latuff: domino-effect.
 
Het moet een vreemde gewaarwording zijn voor een heerser die gewend was om steeds met 98% van de stemmen herkozen te worden, om te merken dat zijn volledige volk om het huiselijk te zeggen een bloedhekel aan hem heeft en wil dat hij vertrekt. Nu. En meteen.
Mubarak is nooit geliefd geweest. Naar voren geschoven door zijn voorganger Sadat, die evenmin de liefde van de Egyptenaren vermocht op te wekken, en in Sadats voetsporen verder gegaan nadat deze was vermoord, viel Mubarak altijd voornamelijk op door inhoudsloze speeches op nationale gedenkdagen, domme vragen bij het ceremonieel openen van fabrieken en werkplaatsen (een geliefde bezigheid van Arabische heersers omdat de staatstelevisie dan iets heeft om het nieuws mee te openen), en een gebrek aan empathie, fantasie, inlevingsvermogen, esprit. Het is ook dát wat heel veel Egyptenaren ongelofelijk tegen de borst stuitte. Niet alleen dat het regime niet deugde en alle vooruitgang stelselmatig tegenwerkte, niet alleen dat er een soort officiële schijn werd opgehouden dat er werd geregeerd, vooruitgezien, aan de toekomst gewerkt. Niet alleen dat de leugen regeerde dat Egypte meetelde in de wereld, terwijl alles alleen maar duidde op stagnatie. Maar ook en misschien wel vooral dat middelmatige - die verstikkende terreur van de middelmaat, top down van de president tot de verst verwijderde dorps-official van de heersende Nationaal Democratische Partij (NRP), die plaatselijk bepaalde welke boer voor subsidie in aanmerking kwam en hoe de water quota werden verdeeld.
Middelmaat, gebrek aan inlevingsvermogen, gebrek aan kwaliteit was ook wat Mubaraks laatste twee speeches kenmerkte. Vooral die van gisteravond, waar hij hervormingen aankondigde en op een verongelijkte toon begon te liegen dat hij nooit het ambt had gezocht, zijn leven aan Egypte had gewijd,  tot de verkiezingen zou aanblijven, niet weg wilde  en in dit land wilde sterven. Geen enkel blijk van werkelijke interactie met de gebeurtenissen, begrip voor de omvang van het protest, de diepte van de woede of uitleg waarom hij niet dertig jaar geleden met hervormingsvoorstellen was gekomen. En die stem als van een ziekelijk rund, die hem ooit mede de bijnaam opleverde van 'la vache qui rit'.  Kortom, dit was 30 jaar Mubarak opgesomd in één speech.
Hoe het nu verder moet is anybody's guess. Het is een soort uitputtingsslag geworden, waarbij de bevolking alleen maar kan blijven protesteren en hopen dat de druk genoeg zal zijn om een regering die niet kan regeren duidelijk te maken dat het spelletje uit is. De hoop is dan dat vice-president Omar Suleiman, de man die waarschijnlijk nu al wat er aan touwtjes over is in handen heeft, Mubarak wegstuurt  en de macht overdraagt.
Een ander mogelijk scenario is dat het leger er genoeg van krijgt en een oplossing forceert. Maar te hopen valt wel dat de militairen daarna een stapje terug doen en een burgerregering het laten overnemen. De tijd voor militaire dictaturen ligt achter ons, zo mogen we hopen. Dit is een volksopstand. En gezien de neutrale houding van de afgelopen dagen is waarschijnlijk ook het leger ervan doordrongen dat niet generaals Egypte behoren te regeren.
De oppositie heeft sinds gisteren een scenario voor de overdracht klaar. De president van het hooggerechtshof  zou interim -president kunnen worden. De rechterlijke macht is altijd redelijk onbesmet gebleven door de NRP-hegemonie die het openbare leven in Egypte zo'n lamlendig karakter verleende. Hij is dus een tamelijk neutrale figuur. Verder kan een interim-regering worden gevormd. Zoals de oppositiepartijen het nu formuleren: 'Egypte heeft talentvolle mensen genoeg,' klinkt dat alsof dat niet zozeer een kabinet van politici als meer een soort zakenkabinet van partijloze intellectuelen en burgers zal zijn. Hopelijk is dat inderdaad waar de oppositie op afstevent. De partijen zelf - inclusief ElBaradei, de leiding van de Moslim Broeders of de hopeloos ineffectieve liberale Wafd of linkse Tagammu-partijen - zouden teveel al een politiek een stempel op het geheel kunnen drukken. De overgangsregering zou dan - nog steeds volgens het scenario van de verenigde oppositie - een nieuwe grondwet moeten laten schrijven en verkiezingen moeten organiseren voor alle politieke functies en organen.
Dit - het moet er nadrukkelijk bij worden gezegd - is de ideale gang van zaken. Egypte is inderdaad een land van ongelofelijk veel talent op alle gebied dat jaren en jaren niet volop de kans heeft gehad zich te ontplooien. Een land van schrijvers, cineasten,  politieke analisten, journalisten en wetenschappers die nog steeds de toon aangeven in de Arabische wereld, ondanks hun Mubarak-NDP-handicap. Maar Mubarak is nog niet weg, de positie van het leger nog altijd niet echt duidelijk en evenmin is het volstrekt duidelijk of Mubaraks bondgenoten - met name de VS, maar eventueel ook Europa en op de achtergrond Israel - er niet van alles aan zullen doen om toch een soort gemodificeerde Mubarak-regering (Mubarak zonder Mubarak maar bijvoorbeeld onder Suleiman) het te laten overnemen. President Obama heeft naar buiten toe wel gezegd dat het niet aan de VS is om te bepalen wat Egypte kiest. Maar achter de schermen, waar een druk verkeer is  via telefoons en diplomaten, kunnen heel andere dingen worden gezegd.
En intussen houdt de wereld zijn adem in. De Arabische wereld omdat zij weet dat als Egypte echt democratiseert. dan de hele Arabische wereld op termijn zal volgen. Egypte wordt door de Egyptenaren zelf met hun overdreven nationalistische pathos wel 'Umm el-Dunya'  genoemd, de Moeder van de Wereld. Maar voor de Arabische wereld gaat die term ook werkelijk op. Cairo is zonder meer de culturele- en in veel andere betekenissen ook feitelijke hoofdstad van de heel Arabische wereld.
In Israel worden eveneens de ontwikkelingen gespannen gevolgd. Officieel houdt de regering zich stil. Maar intussen weten we dat zij haar diplomatieke personeel opdracht gaf elders in de wereld te pleiten voor handhaving van Mubarak. Er zijn ook diverse commentaren waarin ach en wee wordt geroepen, omdat Mubarak de steunpilaar was waarop Israels strategische positionering in het Midden-Oosten was gegrondvest. Hij liet zich voor het karretje spannen om Hamas in Gaza onder de duim te houden. Hij hielp mee het beleg van Gaza in stand te houden. Hij was een go-between tussen de Palestijnse Autoriteit en de Israelische regering ,die de Palestijnen zonodig onder druk zette - op verzoek van Washington dat niet voor niets 3 miljard dollar per jaar aan Egypte betaalt in het kader van het Egyptisch-Israelische vredesversdrag. Hij was, kortom, de hoeder van de Egyptisch-Israelische vrede.


De ondergrondse 'Muur van de schande' tussen Egypte en Gaza in aanbouw.

Het is duidelijk dat daar - als Egypte democratiseert - veranderingen in zullen komen. De kans dat de Israelisch-Egyptische vrede zal worden opgezegd, lijkt vergezocht. Ik ben in de jaren dat ik in Egypte woonde - en later tijdens frequente bezoeken - nog nooit een Egyptenaar tegengekomen die dat vond. Egypte heeft zijn deel van de oorlogen met Israel wel gehad. Maar het  veelgehoorde verwijt in Egypte tegen Mubarak was dat hij meewerkte aan een politiek die de Palestijnen onderdrukte, de hegemonie van Israel en de VS in het Midden-Oosten bestendigde en Egyptes eigen belangen achterstelde. Dat zal vermoedelijk gaan veranderen. Dat er nog een ondergronds hek tussen Gaza en Egypte, de 'Muur van de schande' zoals het in oppositiekringen heette, zal blijven bestaan, lijkt onmogelijk. Een re-evaluatie van de politiek jegens Israel op veel terreinen mag zonder meer worden verwacht. Maar het  is de vraag of dat het - ternauwernood gedempte  - moord en brand geschreeuw uit Israel rechtvaardigt. Als Israel door verstandige leiders zou worden geleid zouden zij nu al ouvertures maken naar de opstandige Egyptenaren die straks hoogstwaarschijnlijk de leiding overnemen. Want hoe kan een land dat zichzelf  'de enige democratie in het Midden-Oosten' noemt het rechtvaardigen dat het dictaturen steunt?
Hetzelfde geldt voor de angst voor de Moslim Broederschap, die niet alleen in Israel, maar ook hier in Nederland steeds om de hoek komt kijken. Niets maar dan ook helemaal niets tijdens de demonstratie in Egypte van de afgelopen week rechtvaardigt de indruk dat de Moslim Broederschap op dit moment een grote invloed op de gebeurtenissen heeft. De MB die - maar  dat terzijde - al een flink aantal jaren roept dat democratie datgene is wat Egypte nodig heeft - is niet meer dan één van de partijen die deel uitmaken van de gezamenlijke oppositie. Niettemin komen  - met name vanuit de christelijke (Nederlands Dagblad) en Joodse hoek, maar zeker niet daar alleen daar vandaan - steeds geluiden waarin we worden gewaarschuwd voor het gevaar van die mannen met baarden die het straks - à la Khomeiny in Iran, gaan overnemen. Dat de situatie toen in Iran en nu in Egypte totaal anders waren - Khomeiny was vanaf het begin van de Iraanse revolutie de dominante figuur - wordt  voor het gemak even vergeten.
Die fixatie op een blijkbaar haast archetypisch beeld van wilde Arabische mannen die oorlogshitsers en islam-fanatici zijn, doen me onweerstaanbaar denken aan de tijd van de Eerste Golfoorlog en de Iraakse bezetting van Kuweit. Ik was toen correspondent in Cairo en werd een tijd lang elke dag wat lacherig gebeld door de NCRV-radio met het verzoek of ik vanuit Cairo alsjeblieft nog weer even wilde ontkennen dat heel Egypte als één man achter de oorlogshitserij stond van de Iraakse president Saddam Hussein die via het - toen nog vrij nieuwe verschijnsel satelliet- tv - de Arabieren opriep met hem mee te doen. Er was namelijk een landelijk dagblad - een kwaliteitskrant - dat dat steeds schreef. Ik heb er vanuit een volstrekt kalm en rustig Cairo, toen erg veel geld mee verdiend.