zondag 28 april 2013

Toenemend aantal Oost-Jeruzalemmers vraagt Israelisch staatsburgerschap aan - maar waarom?

Buren kijken toe hoe een groot deel van een huis in de wijk At-Tur van Oost-Jeruzalem wordt gesloopt.  De aanbouw was gebouwd wegens uitbreiding van de familie, maar zonder vergunning.  Palestijnen krijgen nagenoeg nooit een bouwvergunning.  Foto Ryan Rodrick Beyler/Activestills.org, 24 april 2013.

Een aantal malen is de laatste tijd gemeld dat een groeien aantal Palestijnse inwoners van Oost-Jeruzalem de laatste tijd het Israelische staatsburgerschap heeft aangevraagd. De Palestijnen in Oost-Jeruzalem wonen in een stadsdeel dat Israel in strijd met het internationale recht in 1968 heeft geannexeerd. Zij gelden als inwoners van de stad en hebben als zodanig ook kiesrecht voor de gemeenteraad, maar zij zijn geen Israelisch staatsburger. Wel konden zij dat staatsburgerschap aanvragen, aar dat gebeurde slechts heel weinig - zoals de Palestijnen ook massaal weigerden gebruik te maken van hun kiesrecht voor het gemeentebestuur, omdat zij weigerden de annexatie van het stadsdeel (en een groot aantal omliggende dorpen) te erkennen.
De laatste tijd is daar echter wat verandering in gekomen. Haaretz meldde onlangs dat tussen 2008 en 2010 ongeveer 4500 Palestijnen uit Oost-Jeruzalem het Israëlische staatsburgerschap hebben aangevraagd. Ter vergelijking: in de acht jaar daarvoor waren dat er zo'n 2500, terwijl het in totaal sinds 1968 om niet meer dan slechts enkele duizenden zou gaan. Lang niet al die aanvragen worden overigens ingewilligd, want Israel wil alleen gezagsgetrouwe onderdanen. Slechts ongeveer een derde van de aanvragen zou tot dusver zijn gehonoreerd. De cijfers ontleende Haaretz aan een in twee delen verschenen rapport van de International Crisis Group (ICG), van 20 december 2012, Jerusalem, Extreme Makeover? geheten. Wat betreft de cijfers zei het ICG daarin  overigens dat ze niet exact zijn, omdat verschillende Israelische instanties verschillende cijfers geven.
Toevallig had de spreekbuis van zionistisch Nederland, het Centrum Informatie en Documentatie Israel (CIDI) eind december een vergelijkbaar bericht de wereld ingestuurd. Het CIDI wist te melden dat de toename van het aantal aanvragen van het Israelische staatsburgerschap te danken was aan het feit dat het leven in Oost-Jeruzalem leuker was geworden voor de Palestijnen. Zo zou de huidige burgemeester, Nir Barakat, een oplossing hebben bedacht voor het feit dat Israel destijds - willens en wetens mag men aannemen - nooit het kadaster naar behoren up to date heeft gemaakt, zodat grote aantallen Palestijnen volgens de Israelische maatstaven illegaal gebouwde bouwsels bewonen. Het gaat daarbij om tienduizenden huizen.
Het CIDI schreef: 
Veel gebouwen in Oost Jeruzalem zijn illegaal omdat de eigenaars geen bouwvergunning kregen: zij konden niet bewijzen dat zij de eigenaar waren. Hiervoor is nu de “Barkatprocedure” uitgevonden: als een vergadering van de gemeenteraad en andere belangrijke personen in de gemeenschap besluiten iemands claim te geloven dat hij eigenaar is van een gebouw, krijgt hij een voorlopige vergunning. Als zich na 20 jaar geen andere eigenaars hebben aangediend, wordt de vergunning automatisch definitief.
Eenzelfde truc heeft ervoor gezorgd dat een groot deel van Oost Jeruzalem is aangesloten op het Israelische waternet: omdat op een illegaal bouwwerk geen watermeter geïnstalleerd mag worden, noemt men die nu een “controleapparaat”. De laatste twee jaar zijn er zo’n tienduizend geïnstalleerd en steeds meer mensen willen van het Palestijnse net overstappen op Israelisch water: de levering daarvan is veel betrouwbaarder. “Ik kan wel een onverbeterlijke Palestijnse nationalist zijn,” zegt een adviseur van de burgemeester, “maar ik wil wel douchen. Dan neem ik Israelisch water, en als ik wil kan ik altijd nog een Palestijnse vlag naast de watertank hangen.” Dezelfde pragmatische redenen plus een reorganisatie in de gezondheidszorg heeft ervoor gezorgd dat Israelische zorgaanbieders de Oost-Jeruzalemse markt op gingen en daar gretig aftrek vonden. De zorg in dat deel van de stad is nu vrijwel even goed als in West Jeruzalem.
Ook in het onderwijs is de Israelisatie doorgebroken. Na 1967 weigerden de scholen op de Westbank het Israelische curriculum door te voeren, en nu nog wordt daar het Jordaanse gehanteerd. Maar in Oost Jeruzalem sturen steeds meer ouders hun kinderen naar scholen die een Israelisch diploma geven en het aantal studenten aan universiteiten in Israel stijgt ook snel. Het maakt het niet alleen makkelijker om werk te vinden; vooral sinds de aanleg van de tram zijn scholen en universiteiten oneindig makkelijker te bereiken dan die op de Westbank, waarvoor je ook nog eens dagelijks langs de checkpoints in de muur moet. Hoewel de openbare voorzieningen nog steeds in sommige opzichten(onderhoud van wegen, ophalen van vuilnis) ver achterblijven bij die in het Westen van de stad, hebben de inwoners van Oost Jeruzalem steeds meer reden gekregen om daar permanent te willen blijven.
Tot zover de versie van het CIDI (die klakkeloos werd overgenomen door één van die slappe hasbara-blogs die we hier ook hebben in Nederland - het IMO?). Ik begrijp uit de CIDI-tekst dat, als je maar in de gunst bent bij het gemeentebestuur en hoge pieten, je na 20 jaar eigenaar kunt worden van je eigen huis. En ook dat je beter werk kan gaan zoeken in Israel, omdat dat nu door de nieuwe sneltram toch bereikbaarder is geworden. Maar dan denk ik dat de versie van het ICG, en ook van Haaretz dat het ICG citeert, toch wat betrouwbaarder is. Werk zoeken op de Westoever is voor een Jeruzalemmer heel moeilijk, of haast onmogelijk geworden, zo heet het daarin, en wel door de 'Muur' en de checkpoints die de stad van zijn natuurlijke achterland hebben afgesloten. Daardoor is ook de commercie als jaren op zijn retour, want Jeruzalem was altijd het brandpunt van de economie van wat er nog over was van Palestina. En wat de keuze voor Israelische universiteiten  en scholen betreft, dat is gedeeltelijk hetzelfde verhaal, maar nog meer het verhaal van het totaal achterwege blijven van Israelische investeringen in gebouwen en voorzieningen. Enkele duizenden kinderen gaan om die reden zelfs helemaal niet naar school. Er zijn meer dan 1000 klaslokalen te weinig, er is dus geen plaats in de openbare scholen en hun ouders kunnen geen dure alternatieven betalen.
 
Het Qalandiyya checkpoint tussen Jeruzalem en Ramallah. (Foto Machsom Watch)

De werkelijke reden waarom het aantal aanvragen voor het Israelische staatsburgerschap onder Oost-Jeruzalemmers toeneemt is dan ook, volgens Haaretz en vooral het ICG, precies het tegenovergestelde van wat het CIDI beweert. De Palestijnen van Oost-Jeruzalem zien hun stad meer en meer  verdwijnen en teloor gaan. Dubbele ringen van nederzettingen (Israel noemt het wijken) omringen de stad van alle kanten. Ook in de Arabische wijken zelf dringen steeds meer nederzettingen door en door middel van onwaarschijnlijk partijdige wetgeving, rechtspraak, regelgeving en planning komen de Palestijnen steeds meer in het gedrang. Als niet-Israelische burgers kunnen zij nauwelijks eigendomsrechten laten gelden, krijgen ze geen vergunningen om te bouwen of uit te breiden. Ook verliezen ze soms - zoals in de wijk Sheikh Jarrah de laatste tijd met enige regelmaat gebeurt,  hun huizen omdat Israelische rechtbanken voorrang geven aan Joodse eigendomsclaims. En als ze uit ruimtegebrek of om andere redenen (studie bijvoorbeeld) een paar jaar hun stad verlaten, riskeren ze ook nog eens hun status als ingezetene, waarna het hen verboden wordt zich nog in de stad te vestigen, al zouden ze er geboren zijn. Ruim 13.000 mensen  zijn in de loop van de afgelopen 45 jaar - vaak zonder dat ze van tevoren van de regels op de hoogte waren - zo hun status als ingezetene van Jeruzalem kwijtgeraakt.
Los van dit alles  verliest de stad ook, doordat zij economisch achteruit gaat en doordat ongeveer alle Palestijnse instituties - van de Kamer van Koophandel tot het Orient House dat als PLO-hoofdkwartier in de stad diende sinds de Tweede Intifada gesloten zijn - ook steeds meer haar sociale cohesie en haar eigen karakter. Het ICG veronderstelt  dat onder die omstandigheden mensen de moed opgeven, hun verzet tegen de Israelische annexatiepolitiek laten varen en door middel van het aanvragen van het staatsburgerschap proberen tenminste hun plek als inwoner veilig te stellen. Ik denk dat het daarmee ICG een betere uitleg geeft voor het verschijnsel dat het aanvragen van het Israelische staatsburgerschap onder Jeruzalemmers.nu minder taboe is dan een aantal jaren geleden, dan het CIDI dat weer toont dat we ons mogen afvragen waarom het zich in godesnaam 'Centrum Informatie en Documentatie' noemt.

Geen opmerkingen: