dinsdag 25 juni 2013

Knesset aanvaardt wet in 1e lezing: gedwongen verhuizing 40.000 Bedoeïenen komt stap dichterbij


Demonstratie van Bedoeïenen tegen de sloop van hun dorpje Araqib in de Negev. De foto is uit 2012, het dorp is intussen al meer dan 40 keer tegen de vlakte gegaan en steeds weer opgebouwd. (Foto Uri Zackhem).

Het is nog een eerste lezing, maar de wet zal er, vrees ik, wel komen. Ik heb het over het Israelische wetsvoorstel gebaseerd op het Begin-Prawer plan, dat voorziet in het gedwongen verplaatsen en onteigenen van zo'n 30.000 - 40.000 Bedoeïenen in de Negev. De wet werd maandag in eerste lezing goedgekeurd door het parlement, de Knesset. Dat gebeurde met 43-40 stemmen in een stormachtig debat, waarbij met name de Arabische afgevaardigden  woedend werden en het wetsvoorstel demonstratief verscheurden en in de prullenmand gooiden.
Het Begin-Prawer plan is een uitermate problematisch plan. Het behelst de grootste gedwongen onteigening en verhuizing van Palestijnse burgers sinds de stichting van de staat. Mensenrechtenorganisaties als de Vereniging voor Burgerrechten in Israel (ACRI) en Adalah hebben er uitgebreid stelling tegen genomen en geprotesteerd, maar zonder resultaat. Het wetsvoorstel wil eens en voor altijd afrekenen met de situatie dat Bedoeïenen rechten claimen op grond in de Negev. Israel heeft dat nooit willen aanvaarden, al bestond het grootste deel van die gemeenschappen al voor de stichting van Israel in 1948 en zijn vele claims destijds erkend door de Ottomaanse heersers en/of later onder het Britse mandaat. (Andere gemeenschappen bestaan sinds de oorlog van 1948 en zijn opgezet door mensen die toen van hun woonplaatsen elders in de Negev zijn verjaagd en nooit hebben mogen terugkeren van Israel). Omdat Israel die situatie nooit heeft willen accepteren zoals zij is, heeft het een flink aantal gemeenten in de Negev nooit erkend. Met als gevolg dat deze verstoken zijn van elektriciteit, water en voorzieningen zoals transport 
Het Begin-Prawer-plan wil de situatie nu in één keer oplossen. Het plan gaat er simpelweg vanuit dat Bedoeïenen in het geheel geen rechten hebben op grond in de Negev. Vervolgens stelt het voor een klein aantal Bedoeïenendorpen in de driehoek tussen de plaatsen Dimona, Beer Sheba en Kseife alsnog te erkennen. Maar voor de rest, de overgrote meerderheid van 36 dorpen, wordt bepaald dat ze zullen worden gesloopt en dat de bevolking ervan zal worden ondergebracht in een aantal al bestaande woestijnsteden, zoals  Rahat, Khura en Kseife. Deze mensen (de Israelische kranten spreken van 20.000-30.000 mensen, maar het zullen er volgens de mensenrechtenorganisaties eerder 40.000 zijn of zelfs meer), zullen compensatie krijgen voor hun verwoeste huizen en eventueel ook een stukje land.   
Screenshot
Knessetlid Ahmad Tibi verscheurt het voorstel
Het grootste bezwaar dat hieraan kleeft, afgezien van het onrecht dat eigendomsrechten hier domweg worden genegeerd, is dat de aldus naar de steden verplaatste Bedoeïenen tot dezelfde staat van armoede worden veroordeeld als de bewoners van die steden nu al kennen. Er is daar nauwelijks werk, en zij zullen gedwongen zijn hun traditionele middelen van bestaan, landbouw en veeteelt, op te geven, terwijl ook de sociale structuur van de dorps- en clanverbanden op deze manier overhoop wordt gegooid.  
Wat dit extra onverteerbaar maakt is dat het Begin-Prawer plan gepaard gaat aan planning voor de betreffende gebieden in de Negev, waaruit blijkt dat er naast plannen voor bebossing en inrichting voor militaire doeleinden ook in het stichten van joodse bevolkingscentra is voorzien. Zodat het overduidelijk is dat hier sprake is van pure discriminatie. Dat en het feit dat de Bedoeïenen zelf in het geheel geen inspraak hebben gehad in de plannen, maakte de de afgevaardigden van de Arabische partijen in de Knesset zonder uitzondering als razenden tegen de plannen tekeer gingen. Het  is ook een reden waarom mensenrechtenorganisaties fel tegen zijn en waarom een organisatie als Jewish Voice for Peace (JVP) in de VS oproept tot actie.
Maar in Israel zijn de meningen blijkbaar verdeeld. Een progressieve site als de +972 valt het wetsvoorstel scherp aan, maar de krant Haaretz geeft een soort uitleg waaruit je zou kunnen opmaken dat het voor de Bedoeïenen zelf ook maar het beste is dat ze die oude tradities maar eens overboord gooien. Je zou er zelfs ook uit kunnen opmaken dat het voorstel nog best progressief is, omdat ultra rechts tegen is. (Dat rechts dat alleen maar is omdat de Bedoeïenen een vorm van compensatie kunnen krijgen, wordt er door Haaretz niet duidelijk bijverteld).
Het ziet niet best uit voor de Bedoeïenen. Zo'n artikel in een krant die in veel opzichten een van de laatste democratische bastions in Israel is, lijkt dat mede te onderstrepen.

Geen opmerkingen: