vrijdag 15 november 2013

Een bijzondere geboorte aan de Universiteit van Amsterdam

Het heeft de kranten voor zover ik weet niet gehaald, maar toch was Amsterdam donderdag 14 november getuige van een bijzondere geboorte. In de aula van de Universiteit van Amsterdam (UvA) werd de officiële oprichting gevierd van ACMES (the Amsterdam Centre for Middle East Studies) .
Wat is ACMES? Robbert Woltering, docent aan de UvA en directeur van de nieuwe organisatie, beschreef het als een instrument om in de eerste plaats de krachten van de in Nederland aanwezige academische know how op het gebied van het Midden-Oosten te bundelen. ACMES telt daarom intussen 72 academici als ´associate´. Toevallig precies het aantal maagden dat islamitische martelaars volgens sommige overleveringen in het paradijs te wachten staat, zei Woltering met een wat gewaagd grapje in zijn openingswoord. Afgezien van het coördineren van activiteiten wil ACMES ook een platform bieden voor lezingen en activiteiten als seminars, masterclasses en conferenties. Een aantal lezingen, en zelfs lezingencycli (onder meer over de Arabisch Lente) heeft trouwens voor deze opening al plaatsgehad.
En natuurlijk is de achterliggende gedachte dat via ACMES ook de studie van het Midden-Oosten in Nederland wat wordt opgeschud. Anders dan alle ons omringende landen heeft Nederland namelijk nog steeds geen leerstoel Midden-Oosten studies. Een schandalig gemis, dat zich volgens mij (en niet alleen volgens mij) ook vertaalt in de over het algemeen uiterst ondermaatse berichtgeving die de media in Nederland brengen over het Midden-Oosten.
Joseph Massad
Maar daar ging het dus gisteren niet om. Er was een openingswoord van de rector magnificus van de UvA. Er waren lezingen.van Joseph Massad, associate professor Moderne Arabische Politiek en Intellectuele Geschiedenis aan de Columbia Universiteit in New York, en van Saud al-Sanusi, een jonge schrijver uit Kuwait die onlangs de ´´International Prize for Arabic Fiction´´ (ook wel ´´Arabische Booker-prijs´´ genoemd) heeft gekregen voor zijn  tweede boek, Saq al-Bambu (Bamboestok). En er was een discussie na afloop onder leiding van Hassnae Bouazza.

Massad, die bij insiders bekend staat als een man die graag knuppels in hoenderhokken gooit, sprak over ´´Islam and Liberalism´´, een deel uit zijn nieuwste, nog te verschijnen boek. De rode draad in zijn verhaal was dat het Westerse liberalisme, na afgerekend te hebben met andere vijanden als orthodoxe christendom, fascisme en communisme, nu als vijand de Islam heeft gecreëerd, daarbij voorbijgaand aan het feit dat er onmogelijk één beeld van ´´de´´ islam te creëren valt. Maar het Westen doet dat vanuit oude tradities van vijandschap en van het neerkijken op alles wat niet volgens de eigen liberale maatstaven was gemodelleerd. Datzelfde liberalisme koloniseerde namelijk destijds moeiteloos bewoners van andere continenten, en hield zelfs slavernij in stand, zonder dat dat afbreuk deed aan het eigen liberale image. Massad noemde de creatie van een eenvormig beeld van de Islam, waarin despotisme heerst, en vrijheid en vrouwen worden onderdrukt - iets wat dan in het Westen blijkbaar nooit het geval is geweest - vooral een exercitie om het eigen Westerse liberalisme tegen af te zetten en vorm en reliëf te geven. De donkere Islam als antithese van het verlichte Westen. Hij gaf ook wat frappante voorbeelden van hoe dat in de praktijk gepaard gaat aan speciaal taalgebruik. Bijvoorbeeld door het hanteren van zogenaamd ´´onvertaalbare´´ woorden als ´´jihad´´ (wat in het dagelijks spraakgebruik onder meer in Libanon maar in nog wel meer landen, zoiets betekent als ´´erg je best doen´´). Of het onvertaald laten van Allah. ´´Wat erop neerkomt dat je, als je het over Fransen en hun godsdienst hebt, praat over hun liefde voor Dieu,´´ aldus Massad.
http://arablit.files.wordpress.com/2013/05/saud21.jpg
Saud al-Sanusi op de Arabische boekenbeurs in Abu Dhabi, eerder dit jaar

Sanusi hield een verhaal hoe hij was gekomen tot het schrijven van zijn - nog niet in vertaling verschenen - boek, waarin hij een alter ego van zichzelf opvoert, half-Filippino, half Kuwaiti. Het was onder meer geïnspireerd door - de voor een Kuwaiti onwaarschijnlijke stap van Al-Sanusi om in een fabriek te gaan werken. (Kuwaiti´s laten het meeste werk door anderen doen, zeker het werken in een fabriek). Hij was er de enige Kuwaiti temidden van Egyptenaren, Syriërs, Libanezen en Aziaten van diverse herkomst en dat leerde hem zijn land en landgenoten met heel andere ogen te zien. Het leidde ertoe dat hij een tijd in de Filippijnen doorbracht en dat leerde hem om met nog meer afstand naar zijn eigen omgeving te kijken.
Het was al met al een start die een goed beeld gaf van de terreinen waarop ACMES zich wil gaan bewegen: de politiek, maar ook cultuur in de breedst mogelijke zin.
De geboorte leverde een wolk van een baby op. En nu maar hopen dat de groei naar de volwassenheid van ACMES voorspoedig verloopt.

Geen opmerkingen: