maandag 22 december 2014

Voor het eerst twee Israeli's veroordeeld wegens prijskaart-aanvallen


Een Palestijnse vrouw neemt een foto van een bij een prijskaart aanval verbrandde auto.

Twee Israelische kolonisten hebben zondag een gevangenisstraf van 30 maanden gekregen voor ''prijkaart aanvallen'' op eigendommen van  Palestijnse burgers. De twee, Yehuda Landsberg en Yehuda Savir, inwoners van de ''illegale voorpost'' Havat Gilad, waren de eerste kolonisten die voor het plegen van prijskaart-misdaden werden veroordeeld. Zij kregen de straf wegens het in brand steken van auto's van Palestijnen, een jaar geleden. De straf was het resultaat van een zogenoemde ''plea bargain'', een deal die zij sloten met het openbaar ministerie, meldt de site  +972 op gezag van het Israelische Walla! nieuws.
Tot dusver zijn geen andere Israeli's voor de rechter verschenen wegens ''prijskaart'' aanvallen, en in het algemeen ook heel erg weinig Israeli's wegens het vernielen van eigendommen van Palestijnen. Volgens de mensenrechtenorganisatie Yesh Din, leidde in de laatste negen jaar slechts 7.4 procent van de onderzochte zaken tot het in staat van beschuldiging stellen van een verdachte. In het kader van pogingen om de vernielingen door kolonisten wat beter aan te pakken heeft Israel de afgelopen jaren een aantal maatregelen getroffen, waaronder de oprichting van een speciale politie-eenheid op de Westoever en het tot ''illegale vereniging'' verklaren van groepen die zich aan prijskaartvernielingen schuldig maken. (Illegale verenigingen zijn in Israel afgezien hiervan vrijwel alleen Palestijnse organisaties).
Het tot ''illegale organisatie'' bestempelen opent de mogelijkheid van het vervolgen van personen als ze ervan worden verdacht tot zo'n groep te behoren. Maar het betekent ook dat iemand die van zoiets wordt beschuldigd, kan verwachten dat zijn burgerrechten niet altijd gewaarborgd zijn, met name omdat de geheime dienst Shin Bet en de politie dan niet verplicht zijn hem direct een beroep te laten doen op juridische bijstand van een advocaat.  Zo ook in dit geval van de kolonisten Landsberg en Savir. Zij zagen hun advocaat pas in een laat stadium. Ook klaagden ze erover zwaar onder druk gezet te zijn. De ironie wil dat de juridische rechten van de twee op een manier werden geschonden die meestal alleen voor de mensen wordt gereserveerd waartegen zij nu juist hun vernielingen hadden gericht, dat wil zeggen de Palestijnen.

Geen opmerkingen: