woensdag 10 augustus 2016

Hoe schuldig zijn de door Israel opgepakte hulverleners in Gaza?

Protest tegen de arrestatie van al Halabi (Reuters)

 Kort na elkaar hebben de Israeli's functionarissen opgepakt van organisaties die hulp verlenen in de Gazastrook en hen voorgeleid onder beschuldigingen dat ze hulp hebben verleend aan Hamas of zelfs in opdracht voor deze organisatie hebben gewerkt. Het gaat om Mohammed al Halabi, de directeur van de afdeling voor Gaza van de christelijke hulporganisatie ''World Vision'', en de 38-jarige ingenieur Waheed Bursh, die werkt voor de ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties, UNDP.
Halabi werd op 15 juni opgepakt bij de grensovergang Erez en 50 dagen ondervraagd voor hij op 4 augustus werd voorgeleid op beschuldigingen dat hij tientallen miljoenen dollars aan Hamas zou hebben doorgesluisd. Daarmee zouden salarissen zijn betaald, een militaire bases zijn gebouwd en tunnels gegraven.  Halabi zou vanaf zijn jeugd lid zijn geweest van Hamas en door de organisatie zijn gerekruteerd om voor World Vison te gaan werken, een organisatie die over de hele wereld als hulporganisatie actief is.
Waheed Bursh, de man die voor UNDP werkt, werd een maand later aangehouden, op 16 juli, en hij verscheen dinsdag voor de rechter in Beersheba.
Hij wordt ervan beschuldigd dat hij ''materiële steun'' heeft verleend aan Hamas. Hij zou Hamas 300 ton puin te hebben geleverd. UNDP heeft in de Gazastrook meer dan een miljoen ton puin opgeruimd en verwerkt.
Israel heeft een hoop lawaai gemaakt over de beschuldigingen. Dore Gold, de directeur generaal van het ministerie van Buitenlandse Zaken gaf een verklaring uit over Bursh, waarin hij zei dat zei te verwachten dat de VN, en vooral haar hulporganisaties, ''Hamas in niet mis te verstane bewoordingen zullen veroordelen voor het misbruiken van de hulp en dat ze ook concrete maatregelen zullen nemen'' om te zorgen dat de hulp de mensen bereikt die het nodig hebben in plaats van dat het de terroristische leiders van Hamas bijstaat. Het ministerie zou ook haar buitenlandse vertegenwoordigingen opdracht hebben gegeven het nieuws vooral overal naar buiten te brengen. Eerder had Gold over Halabi gezegd, dat die 60 procent  van het budget van World Vision naar Hamas had doorgesluisd en dat diens verhoor ''een hoop had onthuld over andere hulpverleners in Gaza die hun werk verrichten ten bate van Hamas''.
Vooral die laatste opmerking over andere hulpverleneres die voor Hamas zouden optreden heeft bij velen de vraag opgeworpen of Israel nu, na andere beperkende maatregelen tegen NGOs, begonnen is aan een gecoördineerde actie tegen de organisaties die in Gaza hulp verlenen. De onrust wordt versterkt doordat ook al de naam is gevallen van een medewerker van Defense for Children die oder erdenking staat. Maar vooral ook is de vraag van iedereen of het eigenlijk allemaal wel waar is wat Isrel nu beweert. 
World  Vision heeft in een reactie gezegd dat de organisatie uit wat ze tot nu toe heeft gehoord en gezien net de conclusie heeft getrokken dat Halabi fouten heeft gemaakt. Afgelopen maandag wees  de algemeen directeur van World Vision International, Kevin Jenkins, op tegenstrijdigheden in de beschuldigingen van de Israelische geheime dienst, de Shin Bet. "Het totale budget van World Vision's over de afgelopen tien jaar was ongeveer 22.5 miljoen dollar  Dat lijkt moeilijk in overeenstemming te brengen met het bedrag van 50 miljoen dat volgens de beschuldiging naar Hamas is gegaan,'' zei hij. "Maar bovendien is Mohammad al-Halabi pas sinds oktober 2014 de manager van alle operaties in Gaza. Daarvoor ging hij alleen over delen van het budget in Gaza."
Hamas heeft alle beschuldigingen met klem ontkend. “De Israelische beschuldigingen zijn ernaast en onwaar en maken deel yuit van Israels plan om het beleg van Gaza te versterken door de internationale organisaties die in Gaza werken aan te pakken,'' verklaarde de woordvoerder van Hamas, Sami Abu Zuhri dinsdag.
En de advocaat die Halabi bijstaat, Mohammed Mahmoud, vertelde al Jazeera dat Halabi tijdens zijn detenetie 21 dagen lang geen advocaat had mogen zien en dat hij was mishandeld. ''Ze hebben hem  heel vaak geslagen.'' Mahmoud voegde eraan toe dat Halabi ''alle beschuldigingen ontkent'', waaronder ook de ''bekentenis'' die hij volgens hoge Israelische functuonarissen heeft afgelegd en die zij als bewijsmateriaal beschouwen. Ook Samir Zaqout, de adjunct directeur van het Centrum voor de Mensenrechten al Mezan in Gaza, de groep die Halabi het eerst te hulp is gekomen met een advocaat, bevestigde dat hij is gemarteld. ''Hij vertelde onze advocaat dat  ze hem sloegen en hem vast hadden bonden aan een te kleine stoel. Hij was bang dat ze hem zouden doden.''
De beschuldigingen van Israels geheime dienst Shin Bet, lijken, kortom, nogal wat reden tot twijfesl op te leveren. In een rechtszaak waar zij grondig tegen het licht zouden worden gehouden, lijkt den kans gering dat ze onverkort stand zouden kunnen houden. Maar dat is in Israel een probleem. ''Veiligheid'' is daar een codewoord dat ook in de rechtszaal een magische betekenis heeft. En dat maakt dat beschuldigingen die door de Shin Bet worden ingebracht met de nodige beroepen op de noodzaak bronnen en methoden geheim te moeten houden, meestal niet echt worden doorgelicht.  Een verweer is op die manier niet goed mogelijk. Meestal eindigen dit soort zaken dan maar in een ''plea bargain'', een bekentenis van de verdachte in ruil voor een lagere gevangenisstraf dan degene die hem sosieso te wachten stond. Er zijn diverse voorbeelden van zo'n afloop. Ik noem hier als voorbeeld alleen de zaak tegen Ameer Makhoul die in 2011 wegens ''spionage'' op deze manier werd veroordeeld tot negen jaar.  Het ziet er dis niet goed uit voor Halabi en zijn gelijken. De waarheid over de beschuldigingen komen we waarschijnlijk nooit te weten komen.

Geen opmerkingen: