dinsdag 28 januari 2020

Trump en Netanyahu en hun ''vredesplan"": de uitverkoop van de eeuw

Het commentaar van de mensenrechtenorganisatie B'tselem (via Twitter).

Het is waarschijnlijk niet nodig veel woorden vuil te maken aan de 'deal van de eeuw' die de Amerikaanse presidet Trump vanmiddag heeft onthuld, samen met zijn compaan Benjamin Netanyahu (die overigens net vandaag officieel in staat van beschuldiging werd gesteld van drie zaken betreffende corruptie). Het is al decennialang een internationaal aanvaard principe geweest om plannen voor een vrede tussen Israel en de Palestijnen te baseren op de  bestandslijnen van voor juni 1967. Alle landen, inclusief Amerika, hebben zich daar aan gehouden sinds de befaamde Veiligheidraadsresolutie 242 van na de Juni-oorlog van dat jaar, waarin werd uitgesproken dat het verwerven van grondgebied door middel van geweld niet geoorloofd was en dat de grenzen tussen Israel en de Palestijnse gebieden de wapenstilstandslijnen van vóór die oorlog waren, die ook Jeruzalem verdeelden. Alleen correcties van die grenzen om veiligheidsredenen waren geoorloofd. Resolutie 242 was tevens ook een van de bouwstenen voor de uitspraak van het Internationale Gerechtshof uit 2004, waarin werd uitgesproken dat de nederzettingen die Israel heeft gesticht in die bezette gebieden ''illegaal'' zijn en dat de ''Afscheidingsmuur'' om ze te beschermen tegen Palestijnse aanvallen, dat eveneens was, omdat die midden in Palestijns gebied was gebouwd.
Het plan van Trump maakt aan deze internationale consensus met één formidabele klap een einde. Trumps plan wijst alle Israelische nederzettingen aan Israel toe, evenals de vallei van de Jordaan. In het overblijvende deel (dat overigens niet eens meer een aaneengesloten gebied vormt) zou in de komende vier jaar een Palestijnse staat kunnen verrijzen. Als de Palestijnen Israel erkennen als ''joodse staat'' en met deze deal, die in feite een totale uitverkoop betekent van hun rechten, akkoord zouden kunnen gaan. Als ze dat zouden doen, treedt ook het plan in werking voor internationale, financiële ondersteuning dat in het afgelopen jaar werd onthuld door Jared Kushner en dat ik op deze blog een ''plan tot omkoping'' noemde.

zondag 5 januari 2020

Het CIDI met zijn ''collegereeks'' waar de honden geen brood van zouden mogen lusten

''Om de kennis van Nederlandse studenten over het Arabisch-Israelisch conflict te vergroten en om het debat te verdiepen, biedt CIDI sinds 1988 jaarlijks een collegereeks aan over Israels politieke situatie. De colleges zijn bedoeld voor studenten met een bijzondere interesse voor Israel en het Midden-Oosten.''
Dat zijn de woorden waarmee onze vaderlandse Israel-lobby, het CIDI, haar zogenoemde collegereeks aan de man probeert te brengen. En dat al sinds 1988. De collegereeks zou de kennis vergroten en het debat verdiepen. Ik teken hierbij aan dat van verdieping weinig sprake zal zijn. Er  zulln voornamelijk hardline Israelische standpunten naar voren worden gebracht, zoals je kunt verwachten van een lobby. Van sommige docenten kan je misschien inderdaad wat leren, zoals professor Wout van Bekkum of Dick Leurdijk. Daar staat tegenover dat een aantal docenten niet echt aan academische criteria beantwoorden en dat veel van hen borg staan voor een verdraaide en uiterst eenzijdige werkelijkheid. Ik heb hier in 2012 en 2013  al tegen geschreven. En anderen deden dat ook. Met name omdat wel zogenaamde academische studiepunten met deze serie kunnen worden verdiend. Is dat terecht? Kijk even mee om welke docenten het gaat:


29 Januari, Voorbij de Arabische Lente, Dr Mr D(avid) A.J. Suurland.
Suurland heeft rechtsfilosofie gestudeerd en is in 2005  in Leiden cum laude gepromoveerd op een proefschrift over totalitarisme en islam.  In zijn proefschrift betoogt hij dat naast totalitaire ideologieën als communisme en fascisme, de islam ook als zodanig gezien moet worden. Het mag dan ook geen verrassing worden genoemd dat zijn promotor Afshin Ellian heette.
Suurland is intussen docent aan de Universiteit Utrecht. Hij poseert als deskundig op het gebied van  veiligheid en internationale betrekkingen. In 2065 schreef hij in het blaadje van de Teldersstichting (het wetenschappelijke bureau van de VVD) een artikel over de islam en de fundering van politiek geweld. Hij droeg dit op aan de kort daarvoor overleden prof. Hans Jansen, die voor de PVV in het Europees parlement zitting had genomen. Ook dat was betekenisvol. Hans Jansen was op het laatste van zijn leven zo anti-islamitisch als ongeveer niemand anders. Hij haatte de islam.
Het hoeft geen betoog dat Suurland tot de rechtervleugel van het politieke spectrum behoort en eveneens een totaal vertekend beeld ophangt van de islam, die wat je er ook van vindt toch een werekldgoodsdienst is. Er is noch in zijn proefschrift, noch in andere uitingen die ik van hem heb gelezen ruimte voor nuanceringen. De islam deugt gewoon helemaal niet. Uit een korte notitie op zijn LinkedIn profiel maakte ik op dat hij ook een artikel heeft geschreven over de Arabische Lente. Die was gedoemd te falen volgens hem. En dat gaf dan in alle landen waar dat gebeurde weer ruimte aan islamistische politieke bewegingen. Aldus Suurland.
Ik denk niet dat deze standpunten van Suurland, die toevallig ongeveer overeenkomen met wat Geert Wilders en Thierry Baudet over de islam denken, de collegegangers van het CIDI veel wijzer zullen maken. Toegegeven er zijn islamistische bewegingen actief. Maar om dat tote schrijven aan een inherent totalitair karakter van de islam is net zo geflipt als verklaren dat het enige ware christendom te vinden is in Staphorst en omgeving.  Zouden die islamistischebewegingen niet een reactiekunnen zijn op Westers ingrijpenin bijvoorbeeldAfghnaitan en Irak? Het is in ieder geval niet op een Suurlandse manier simpelweg zwart-wit.

woensdag 1 januari 2020

Een verlate hommage: Anner Bijlsma 1934-2019

Ieder jaar publiceren kranten met oud en nieuw een overzicht van de mensen die in het (bijna) afgelopen jaar zijn overleden. Zo ook de NRC. Maar helaas, tussen een aantal belangrijke namen, enkele misdadigers en een paar mensen die iedereen over een paar weken alweer vergeten zal zijn, onbrak er één: dat was de naam van één van de allergrootste musici van onze tijd.
Anner Bijlsma (1934 - 2019) haalde op 23-jarige leeftijd een Prix d'Éxcellence aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Een jaar later won hij in Mexico de Pablo Casals competitie, een prestatie die hem in één klap rangschikte tot de grootste cellisten van zijn tijd. Ik herinner me dat ik als jongetje ademloos luisterde  naar de Rococo Variaties van Tschaikowsky, die hij na terugkeer in Nederland onder meer in Den Haag uitvoerde.
Bijlsma was echter niet tevreden met een carrière als weer eén van die cellovirtuozen die met slechts twee beroemde concerten in hun repertoire de hele wereld afreizen. Hij werd solo cellist van orkesten (onder meer het Concertgebouw Orkest) maar trok zich na een paar jaar terug. Hij werd de cellist van het illustere gezelschap Frans Brüggen, Frans Vester, Gustav Leonhard, en Jaap Schröder, die elk voor zich het barok repertoire voor hun instrument afstoften en opnieuw uitvonden. Ook Bijlsma stortte zich, behalve op de ''barokcello''  (een laten we zeggen tot de oorspronkelijk 17e eeuwse proporties teruggebouwd en met lichtere strijkstok en darmsnaren uitgerust instrument) ook op de literatuur en techniek van de uitvoeringspraktijk. We kunnen gerust zeggen dat het hierboven genoemde gezelschap (dat tot aan in Amerikaanse universiteiten erkenning kreeg) niet alleen jarenlang muzikaal buitengewoon vruchtbaar bezig is geweest, maar ook intellectueel tot een grote hoogte steeg. En al doende de uitvoeringspraktijk van de barokmuziek ingrijpend heeft vernieuwd op een manier die overal ter wereld is nagevolgd

De Westoever is helemaal niet bezet, hij wordt gekoloniseerd

Wij spreken gewoonlijk over 'de door Israel bezette westelijke Jordaanoever'. Die terminologie is echter onjuist. Een bezetting vero...