dinsdag 3 december 2019

UNCTAD: 'Palestijnse economie verloor door de bezetting $ 48 miljard in periode 2000-2017'

Allenby-brug, de grens tussen Israel en Jordanië.

De fiscale verliezen  die de Palestijnse economie als gevolg van de Israelische bezetting heeft geleden in de periode 2000-2017 worden geschat op 47,7 miljard dollar. Dat komt neer op drie keer de hele waarde van de Palestijnse economie in het jaar 2017. En de verliezen lopen nog op.
Dat staat in een rapport dat de VN-organisatie voor Handel en Ontwikkeling, UNCTAD, heeft uitgebracht aan de Algemene Vergadering van de VN. Het rapport,  “Economic cost of the Israeli occupation for the Palestinian people: Fiscal aspects”, is te vinden via deze link op de site van UNCTAD.
Het bedrag aan verliezen is geschat door verschillende cijfers  met elkaar te combineren. Daartoe behoren behalve gederfde inkomsten, onder meer ook een geschat bedrag van $ 28,2 miljard aan samengestelde interest en zo'n  $ 6,6 miljard aan Palestijnse belastingopbrengsten die zijn 'weggelekt' naar Israel. Volgens UNCTAD zou het totale becijferde bedrag, als de Palestijnen het niet waren misgelopen, niet alleen het geschatte Palestijnse begrotingstekort van zo'n  $17,7 miljard hebben weggewerkt, maar bovendien over de onderzochte periode een overschot hebben opgeleverd van tweemaal dit bedrag.
Een computer simulatie, waarin ervan werd uitgegaan dat de $48 miljard niet verloren zouden zijn gegaan maar integendeel zouden zijn opgegaan in de Palestijnse economie, toonde aan dat dit 2 miljoen banen zou hebben opgeleverd, oftewel zo'n 111.000 banen per jaar.

Het rapport wijt de verliezen aan aspecten van de Israelische bezetting, zoals onder andere de beperkingen op de bewegingsvrijheid van mensen en goederen, de totale Israelische controle over ''Area C'' van de Westoever en over alle grensovergangen, het ontzeggen aan de Palestijnen van mogelijkheden om volledig gebruik te maken van hun land, hun delfstoffen en hun potentieel aan werkkrachten, en het feit dat de Palestijnse overheid niet kan beschikken over de controle over haar fiscale bronnen.
Het rapport is een toevoeging aan eerdere rapporten, op basis van vijf eerdere resoluties van de Algemene Vergadering van de VN, waarin UNCTAD de opdracht kreeg een schatting te maken van de economische kosten van de bezetting. UNCTAD voegt overigens de opmerking toe dat de schattingen aan de ''conservatieve'' (dus voorzichtige, lage) kant zijn gehouden. Volgens UNCTAD is meer onderzoek nodig om alle gederfde kosten gedetailleerd boven water te krijgen.
Het rapport geeft mij, AbuP., aanleiding om de retorische vraag te stellen of er nu nog steeds mensen zijn die de corruptie van de Palestijnse leiders'' als voornaamste oorzaak aanwijzen voor het feit dat het in de Palestijnse gebieden niet voor de wind gaat. (Wat overigens onverlet laat dat die corruptie natuurlijk wèl bestaat). En nog een vraag: wie durft er, als het opheffen van de bezetting mogelijk zo'n 111.000 banen per jaar zou hebben opgeleverd, nu nog te beweren dat actie voeren tegen de nederzettingen de werkgelegenheid van de Palestijnen in gevaar brengt? Iemand? Voordewind? Esther Voet? Het CIDI? 

Wat heet, ze melden het niet eens. De VN is immers 'anti-Israel'.

Geen opmerkingen:

Israelische rechters onteigenen opnieuw een Palestijns huis in Silwan ten bate van de kolonisten

Het huis van de familie Samrin (Sumarin) in Silwan (FotoVrede Nu)  Een dag voor de deadline die Bibi Netanyhau zich had gesteld om dele...