maandag 10 juni 2013

Aantal bouwprojecten in Israelische nederzettingen bereikt recordhoogte in eerste kwartaal 2013


Het Israelische Bureau voor de Statistiek geeft geen precieze cijfers over waar allemaal wordt gebouwd. Maar wel geeft het bureau aan dat het vooral gaat om veel eenheden in Modiin Illit (241) en Beitar Illit (265 eenheden). De foto toont deze laatste nederzetting. (Foto Activestills.org)

Het begin van nieuwe bouwprojecten in de Israelische nederzettingen heeft in het eerste kwartaal van dit jaar een nieuwe recordhoogte bereikt. Dat meldt Vrede Nu op basis van cijfers van het Israelische Bureau voor de Statistiek. Tussen januari en maart 2013 werd de bouw gestart van 865 nieuwe wooneenheden. Dat is het hoogste aantal sinds zeven jaar en het is drie keer zoveel als in het zelfde kwartaal een jaar eerder. Als het wordt vergeleken met het laatste kwartaal van 2012 is zelfs sprake van een stijging van 355%, oftewel dan werden ruim 3,5 keer zoveel projecten gestart. Dat gebeurde in weerwil van wat de Israelische regering een periode van 'matiging' noemde om de missie van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Kerry een kans te geven die probeert Israeli's en Palestijnen weer aan tafel te krijgen voor een herstart van de onderhandelingen.
Vrede Nu merkt bij de publicatie van de cijfers op 'dat zolang er geen volledige bouwstop geldt de nederzettingen heftig zullen blijven groeien. Een regering die de vrede is toegedaan zou niet doorgaan met het bouwen van nederzettingen die onvermijdelijk de kansen op vrede schade toebrengen,' aldus Vrede Nu.
Tja, zo is dat.
Iemand verbaasd?

zondag 9 juni 2013

Yoram Kaniuk 1930-2013

Yoram Kaniuk, en octobre 2011 à Tel-Aviv. REUTERS/Ronen Zvulun







Na een lange strijd tegen kanker is zondag de Israelische schrijver Yoram Kaniuk overleden. Hij was 83. Kaniuk publiceerde niet minder dan 17 romans, plus een aantal bundels korte verhalen, veel daarvan is in andere talen vertaald. In het Nederland verschenen van hem bij Meulenhoff  'Adam hondezoon' (Adam Resurrected, een van zijn bekendste romans, vert. Kees Meiling), 'Bekentenissen van een goede Arabier' (vert. Hilde Pach),  'Exodus: de odyssee van een commandant' (vert. Hilde Pach en Corrie Zeidler), en 'Post Mortem'
Kaniuk werd in 1930 geboren in Tel Aviv, vocht in de oorlog van 1948 en veel van zijn boeken gaan over die thematiek. Hij woonde lang in de Verenigde Staten en Frankrijk en genoot vooral in dat laatste land grote bekendheid. Verleden jaar kreeg hij er nog een hoge literaire onderscheiding. Kaniuk is niet de bekendste Israelische auteur, maar volgens sommigen is dat onterecht en behoort hij, met zijn  experimentele schrijftstijl tot de allergrootsten. Zijn boek “1948,” werd bekroond met Israels hoogste literaire onderscheiding, de Sapir Prijs, ander prijzen die hij kreeg waren de Haim Brenner Prijs, de  Presidentiële  Prijs en de Bialik Prijs.
In 2011 deed Kaniuk ook van zich horen doordat hij afstand wilde doen van zijn Joodse identiteit en alleen geregistreerd wilde blijven als Israelisch staatsburger. Kaniuk deed dat om twee redenen. De eerste was dat hij niet tot een andere categorie wilde behoren dan zijn kinderen en kleinkinderen, die, doordat hij met een chistelijke vrouw was getrouwd, niet als Joden werden erkend. De tweede reden was dat hij niet in een soort 'Joods Iran' wilde wonen, waar godsdienst het karakter van de staat bepaalt. Een rechtbank kende zijn verzoek toe, waarop Kaniuk de eerste Israeli werd die officieel geen religie heeft. Veel anderen willen zijn voorbeeld volgen. Er ontstond zelfs een nieuw Hebreeuws werkwoord: lehitkaniuk, wat zoveel betekent als 'jezelf tot kaniuk maken , jezelf de kaniuk-behandeling laten ondergaan'.

zaterdag 8 juni 2013

De ongewone gewoonheid van het dagelijkse leven

(Dit is een recensie van het boek Arabieren kijken van Hassnae Bouazza, die ik schreef voor het rond deze tijd verschenen nummer 1/2013 van het blad ZemZem).

Over Arabieren wordt al lang heel wat geschreven. Sinds de studie van het Arabisch in de 16e eeuw op gang kwam aan diverse Westerse universiteiten, kwamen er naast vertalingen van de Qur'an en Arabische grammatica's ook beschrijvingen van het leven van de mensen die die taal bezigden. In de 19e eeuw ging de romantiek een hoofdrol spelen in die beschrijvingen en kwam de nadruk te liggen op de zogenaamde Arabische zinnelijkheid - olala, de harem! Ongeveer in dezelfde tijd begon ook de Westerse kolonisatie van de Arabische landen die tot dan toe deel hadden uitgemaakt van het Ottomaanse rijk. En onder invloed van dit laatste werd 'de Arabier' meer en meer afgebeeld als een persoon die behalve zinnelijk ook omgeremd, irrationeel, wreed en niet echt in staat tot logisch denken was. Heel functioneel, want zo kon het Westen zijn overheersing rechtvaardigen als een soort christenplicht. Het was immers in het belang van deze lieden zelf dat zij door beschaafde en gedisciplineerde mensen werden geleid.
Een eeuw later zou Edward Said in zijn boek 'Oriëntalism' aangeven dat veel van deze grove, kolonialistische generalisaties van 'de' islam en 'de' Arabier niet waren verdwenen en dat er nog steeds geleerden waren ik noem even geen namen) die er in opmerkelijk algemene termen over schreven, om er vervolgens conclusies aan te verbinden over het onvermogen van die mensen daar om – bijvoorbeeld - ooit echt te democratiseren. Nuwelijks waren de wijze woorden van Said een beetje doorgedrongen en hadden de oriëntalisten hun lesje geleerd, of daar was alweer een nieuw probleem. De opkomst van Khomeiny, de Rushdi-affaire, Saddams verovering van Kuweit, de Tweede intifada, Nine Eleven – en niet te vergeten de immígratie van grote groepen mensen van over de Middellandse Zee, maakten dat we er op werden gewezen dat we een probleem hadden met 'de' islam. Dit keer waren het niet de oriëntalisten die voorop liepen om ons daarop te wijzen (op een ontspoorde enkeling na die Hans Jansen heet) maar populistische politici als Bolkestein, Fortuin en Wilders, daarbij geholpen door bekeerde ex-moslims als Hirsi Ali, of Wafa'a Sultan, en een legertje selfmade experts van het kaliber Daniel Pipes. En hele club islam-hatende, rechtse Israeli's natuurlijk, met van die betrouwbare watchdogclubjes als Memri, die in de slipstream meedreven en islamieten wisten af te schilderen als ongeremd wrede en irrationeel denkende types op een manier waar de oriëntalisten van een eeuw eerder nog een puntje aan hadden zuigen.
'Nine eleven' is intussen meer dan tien jaar geleden, maar de anti-Islam geluiden zijn nog steeds niet verstomd. Wel is er intussen een tegencultuurtje ontstaan, een soort anti-anti-islam, van mensen die zich boos maken over dit van-dik-hout-zaagt men planken gedoe. En tot die anti-anti-islam kunnen we ook vaak de kinderen rekenen van de immigranten van weleer, die intussen minimaal dertig zijn, vaak interessante beroepen hebben als journalist, advocaat of ondernemer en die van zich laten horen.
Hassnae Bouazza is zo'n immigrantenkind. Ze heeft in het verleden ooit succesvol en met ironie de onzin doorgeprikt die Hans Jansen verkondigde over de Qur'an. Ze kwam een paar maal in actie in het programma Pauw & Witteman. Daar bleef ze overeind bij suggestieve vragen over het vermeende terroristische karakter van Palestijnen en ook als tegenstandster van Rebecca Gomperts die op goed geluk met haar abortusboot naar Marokko was gevaren. Volgens Hassnae had ze zich van te voren moeten afvragen of dat de zaak van de Marokkaanse vrouwen die voor het recht op abortus opkomen niet meer schade zou berokkenen dan dat het hen zou helpen.
Hassnae, ook bekend van Vrij Nederland, de NRC of eventueel de columns die ze ooit schreef voor ZemZem, heeft nu een boek laten verschijnen. 'Arabieren kijken' is haar persoonlijke manier van naar Arabieren kijken. Dat heeft ze haar hele leven namelijk gedaan, van de tijd dat ze als kind met oudere familieleden meekeek naar Arabische soaps, en tegen haar zin Arabisch moest leren, tot de tijd van nu waarin ze zelf op de Arabische zenders series volgt. Veel van haar boek gaat eigenlijk over wat je life style zou kunnen noemen. Hassnae's manier van naar Arabieren kijken is, als ik het goed heb begrepen, vooral mee leven en laten zien dat Arabieren gewone mensen zijn met dezelfde voorkeuren, ondeugden en neigingen als mensen in het Westen, al is het dan in een andere omgeving en soms in een ander jasje. Haat, liefde, eerlijkheid, leugens, bedrog en overspel, het komt allemaal langs en zoveel verschilt het niet van wat hier gebeurt.Wat voor haar verhalen over soaps geldt, geldt ook voor muziek. Mede door de voorkeuren van oudere broers en zussen groeide ze op met Oum Koulthoum, Farid al-Atrash, Mohammed Abdel Wahab, Fairouz, of Cheb Khaled en van daar bleef ze luisteren naar meer hedendaagse sterren als Haifa Wehbe en een hele trits namen die mij niet veel zeggen, maar waarmee Hassnae laat zien dat er niet vreselijk veel verschil is tussen de Westerse verering van Dylan, de Stones en wie dan ook en de Midden-Oosterse cult van een even oneindige rij zangers en zangeressen.In haar opsommingen komen ook anderen langs, zoals de schrijver Naguib Mahfouz of de filmmaker Youssef Chahine, beiden Egyptenaren en beiden inmiddels overleden, die ze tijdens journalistieke uitstapjes ontmoette (Ze noemt Chahine de bekendste homo in de Arabische wereld. Volgens mij was dat Farouq Hosni, die meer dan 20 jaar Mubaraks minister was van Cultuur, maar vooruit). Wat ik als dit soort mensen voorbij komt een beetje mis, is ook wat meer uitweidingen over het soort boeken dat Mahfouz schreef of de films die Chahine maakte, of zijn grote tegenhanger Salah Abu Seif. Ook dat gaat over hoe mensen in de Arabische wereld voelen en denken. Maar vooruit, Hassnae gooit het meer op de wat minder culturele kanten van het leven en dat is zonder meer een verdedigbare keuze.
Maar intussen heeft haar boek toch ook weer de zwartkijkers en islamhaters niet kunnen overtuigen – of beter: zij hebben er weer elementen uit weten te halen die bewijzen dat het daar allemaal niet deugt. Neem bijvoorbeeld dit fragment uit een bespreking van Henk Müller van de Volkskrant, iemand die nota bene ooit islamologie heeft gestudeerd: 

Haar aanpak levert boeiende verhalen op, zeker waar ze haar eigen ervaringen als uitgangspunt neemt. Er blijkt sprake van sterk onderling racisme, corruptie, hypocrisie en een obsessieve gerichtheid op vrouwen. Maar, zo stelt Bouazza, Arabieren weten dat tenminste van zichzelf en verkeren niet in de veronderstelling dat ze perfect zijn. Haar centrale stelling is dat traditie en islam allesbepalend lijken, terwijl in werkelijkheid de bewoners uit traditie en islam halen wat ze uitkomt. ‘Of nu wel of iets niet mag volgens de letter van het geloof, mensen doen wat ze zelf willen.’
Zou het? Vrijwel haar hele boek wijst onbedoeld anders uit. Hoe vrijgevochten en zelfstandig je ook denkt te zijn, de traditie is onbarmhartig. Ook voor de vrijgevochten schrijfster. Dat blijkt uit het roerende verhaal over de dood en begrafenis van haar vader. Als hij op zijn verzoek in Marokko wordt begraven, mag zij er niet bij zijn. Ze is immers vrouw. Bouazza is eerst radeloos en dan woedend. Al snel merkt ze echter dat de meeste vrouwen haar verontwaardiging niet delen en die traditie als iets vanzelfsprekends zien. ‘Ik projecteerde mijn eigen ongenoegen op alle moslimvrouwen.’ Misschien geldt die projectie wel de hele Arabische wereld.’

Ik begrijp niet goed hoe mensen als Müller (en in Trouw was het al niet anders) in staat zijn dit soort conclusies uit Bouazza's boek te trekken. Waar Bouazza laat zien dat er een hoop 'gewone' mensen zijn in de Arabische wereld die net als zijzelf soms botsen met meer conservatieve gebruiken of opvattingen, verbinden de Müllers van deze wereld daar meteen oriëntalistische conclusies aan. Misschien is dat ook een vorm van projectie, maar dan de hunne. Blijkbaar màg het daar allemaal niet deugen. Eigenlijk is dat soort onbegrip ook wel een beetje vermakelijk, want wat Hassnae juist laat zien, is dat er – zoals ook de recente Arabische opstanden aantonen – veel hoop is voor de toekomst. Afgezien daarvan is het boek natuurlijk ook gewoon leuk om te lezen.

vrijdag 7 juni 2013

Nederland en de moslimhaat: we zijn al behoorlijk bruin

"Een meerderheid van de Nederlanders vindt het jodendom geen verrijking voor Nederland, wil de immigratie uit Israel stopzetten, is tegen de bouw van nieuwe synagoges en wil de halacha grondwettelijk verbieden. De afkeer van het jodendom voert onder mensen van bijna alle politieke gezindten de boventoon. Dat blijkt uit een peiling van Maurice de Hond."

Wanneer dit de opening van een krantenartikel was geweest, was er groot alarm geslagen over de toename van antisemitisme in Nederland en over het gebrek aan steun van Nederlanders voor elementaire mensenrechten. En terecht. De genoemde peiling gaat echter over de islam en moslims in Nederland en de uitslag van de peiling wordt door de meeste media genegeerd. 


Het bovenstaande is een citaat van de site Republiek Allochtonië naar aanleiding van een peiling die Maurice de Hond voor de PVV van Geert Wilders uitvoerde onder 1900 Nederlanders. Op de een of andere manier is die peiling geen groot nieuws geworden - alleen de Telegraaf maakte er melding van voor zover ik weet. En de PVV zelf natuurlijk, die opgetogen was. Het  is dan ook een onvoorstelbaar schandalige uitslag. Nederland dat zich altijd graag op de borst slaat en zichzelf graag uitroept tot een verdraagzaam en tolerant land (waren we niet één van de eersten die het homohuwelijk goedkeurden), scoort hoog in de top tien van bruine naties. Hoezo willen we nog kritiek uiten op Hongarije of  Roemenië aangaande hun  behandeling van de Roma? Hebben we niets geleerd van het feit dat Nederland van de landen in West-Europa de plaats waar waar het procentueel grootste aantal Joden tijdens de oorlog is weggevoerd?
  
Doordat ik even voorrang moest geven aan andere bezigheden liet ik het onderwerp liggen. Maar ik kom er  nu toch op terug. En dan citeer ik met volledige instemming de aanpak van de Republiek Allochtonië. Inderdaad is de vergelijking van de Islam met Joden volledig gerechtvaardigd. Er zijn veel parallellen tussen de Jodenhaat van vóór 1940 en de moslimhaat nu. (Ook de vergelijking tussen shari'a en halacha klopt, want de godsdienstige systemen van beide geloven lijken in heel erg veel opzichten erg op elkaar). Het is, denk ik, belangrijk dat we de uitslag van De Hond's enquête goed tot door laten dringen, want er dreigt gevaar: 55 %  van de Nederlanders is voor een immigratiestop uit islamitische landen, 63 % wil een stop op de bouw van  moskeeën, 72 %  wil een grondwettelijk verbod op de shari'a, 77 % vindt de islam geen verrijking voor ons land.
De hele peiling van De Hond staat hier. Het kan geen kwaad om de details ervan even door te nemen,want dan zien we dat na de PVV de Partij 50 plus en de VVD koplopers zijn als het aankomt op racisme (op afstand gevolgd door het CDA) en dat eigenlijk alleen D66 eruit springt als een partij van fatsoenlijke, meer open-minded mensen.
Zijn er nog mensen die zich zorgen maken over toenemend antisemitisme? Laten ze zich liever gaan bezighouden met de gevaarlijke toename van de moslimhaat (islamofobie is hier als term al lang niet meer op zijn plaats). Het is de hoogste tijd voor cursussen over de vergelijkende geschiedenis van het christendom en de islam, de parallellen tussen halacha en shari'a en vergelijkingen tussen het antisemitisme uit de tijd van de Weimar-republiek en de moslimhaat nu. Cursussen die verplicht worden gesteld voor volksvertegenwoordigers en opiniemakers, wel te verstaan, want de PVV heeft inderdaad de publieke opinie mee weten te krijgen, de demonisering van de Islam, zoals destijds de demonisering van het Jodendom, is allang een feit. De zaak loopt dus volledig uit de hand. 

VN werkt aan plan voor compensatie aan slachtoffers terreur van Joodse kolonisten

Car Fire in Sheikh Jarrah Jerusalem
Vrijdagochtend in alle vroegte brandde deze auto uit in de wijk Sheikh Jarrah van Oost-Jeruzalem na door kolonisten in brand gestoken te zijn. Het was de jongste aanval in de inmiddles ellenlange lijst van aanvallen op Palestijns bezit. Een dag eerder, donderdag, werden olijfbomen vernield bij Beit Ummar (regio Hebron), auto's bekogeld bij de Tapuah kruising (regio Nablus)  en een boer aangevallen in de buurt van Nablus.  

 De Verenigde Naties werken aan een plan om compensatie te gaan geven aan slachtoffers van de terreur van Joodse kolonisten op de Westoever, zo meldt Haaretz. Volgens de krant werkt het kantoor van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten de criteria en een plan uit. Het zou daarna contact willen zoeken met internationale hulporganisaties om daadwerkelijk hulp te verschaffen. Daarbij zou het niet alleen gaan om financiële compensatie, maar ook hulp in andere zin.
Het plan is een gevolg van de toegenomen aantallen op Palestijnen, zowel fysieke aanvallen als aanvallen op eigendommen zoals auto's, gebouwen en landbouwgronden, meldt Haaretz. (Zie voor dit soort aanvallen ook de verslagen van de afgelopen weken op dit blog). Daarnaast is het zo dat noch de Israelische regering, noch de Palestijnse Autoriteit duidelijke systemen voor compensatie hanteren. De Palestijnse Autoriteit gaat ervan uit dat de aanvallen de verantwoordelijkheid zijn van de Israelische bezettingsautoriteiten, die zich niet houden aan hun verplichtingen volgens de internationale regels om de kolonisten in de hand te houden. Israel betaalt geen compensatie aan Palestijnse slachtoffers van wat Haaretz eufemistisch 'Joodse nationalistische activiteiten' noemt als die plaatsvinden in de bezette gebieden. Zo'n compensatie (ook aan Palestijnen) wordt in overeenstemming met Israelische wetgeving alleen gegeven als de misdaden binnen Israel plaatsvinden.
Daarnaast heeft Israel wel weer een comité dat compensatie verleent als het gaat om zaken die niet door de Israelische wet op 'door haat gedreven misdrijven' vallen. Dit comité werd in 1999 opgericht en stelt als voorwaarde dat alleen betaald wordt als het niet gaat om schade die is veroorzaakt door het Israelische leger en als het slachtoffer geen procedure is gestart tegen de Israelische staat. Verder is er ook een comité dat schade vergoedt die juist wèl het gevolg is van acties van het leger. Dit laatste is een nogal duister comité - het heeft geen website en het is niet mogelijk het comité te vinden via de website van het ministerie van Defensie. Desondanks keerde het comité jaarlijks toch wel enkele tonnen (Israelische shekels) uit.
Haaretz geeft een aantal voorbeelden van compensatie die ontleend zouden zijn aan berichtgeving van de Israelische tv-zender Kanaal 10. Uit de stappen die de VN nu voorbereidt mag echter worden afgeleid dat het daarbij slechts gaat om een klein  aantal gevallen in verhouding tot de omvang van het probleem.

woensdag 5 juni 2013

Kolonisten van Yitzhar branden Palestijnse velden plat, kolonisten van Beit Orot bekogelen auto's

Salman Valley was a major source of income for Burin (photo: ISM)
De Salman vallei, tot dinsdag 3 juni een belangrijke bron van inkomsten voor het dorp Burin. (Foto ISM) 

Kolonisten uit de nederzetting Yitzhar bij  Nablus hebben dinsdag branden gesticht op velden van de dorpen Burin en Madama. Het begon met een brand in het gebied Khallat al-Injas van Madama. Jongeren zagen hoe de kolonisten het vuur aanstaken. De vlammen sloegen spoedig over naar velden van Burin. Toen een 40- tot 50-tal Palestijnen uit Burin wilde proberen de branden te blussen, kwam er een jeep van de grenspolitie. De politie-eenheid hield de boeren tegen en dreigde hen met pepperspray. Later werden alleen geüniformeerde leden van de Palestijnse brandweer en de vrijwillige burgerwacht van de PA doorgelaten, meldt de site van de International Solidarity Movement. Ook de Israelische brandweer kwam poolshoogte nemen, maar zorgde er alleen voor dat het vuur niet kon overslaan naar velden die de nederzetting in bezit heeft genomen. Het vuur woedde uiteindelijk van 11,30 in de ochtend tot 19 uur 's avonds en kon pas worden geblust toen de grenspolitie om 18.00 uur na gedane arbeid huiswaarts keerde en de boeren zelf bij het blussen konden gaan helpen. Zo'n 20 hectare landbouwgrond met olijfbomen brandde af.
One of the farmers stopped from tackling the fires with what was on-hand (photo: ISM)
Een Palestijnse boer wordt tegengehouden.

In de wijk At-Tur van Jeruzalem hebben kolonisten van de nederzetting Beit Orot, op de Olijfberg, dinsdagavond laat Palestijnse auto's mets tenen bekogeld en beschadigd. Een aantal Palestijnse jongeren probeerde hen te  verjagen. Maar toen kwam de Israelische politie tussenbeide die de orde herstelde. Onder meer drie herrieschoppers werden gearresteerd. Uiteraard waren dat Palestijnse herrieschoppers.
Het hoofd van het plaatselijke comité van At-Tur, Mufeed Abu Ghannam, vertelde dat dit al de vierde  keer in vijf dagen was dat kolonisten uit Beit Orot eigendommen van burgers van At-Tur vandaliseerden. Het feit dat daarvoor Palestijnen werden opgepakt noemde hij een bewijs van 'de steun die de bezetting automatisch verleent aan de kolonisten in het kader van terreur die erop is gericht de oorspronkelijke bewoners uit de stad te verjagen'.
 At Tur grenst aan de Olijfberg en Beit Orot is een betrekkelijk nieuwe nederzetting op die berg, die begonnen is met de stichting van een yeshiva, een religieuze school. Een belangrijke sponsor van Beit Orot is de Amerikaanse casinomagnaat Irwin Moskowits. Hij is ook één van de belangrijke financiers van ultra-religieus-nationalistische bewegingen als Ateret Cohanim en Elad, die erop uit zijn Jeruzalem zo veel mogelijke te verjoodsen.

Dinsdag ook heb ben Israelische bulldozers vier huizen en vier schuren vernield in de Jordaanvallei ten noorden van Jericho. De huizen waren van vier broers uit de buurt al-Nawemah, Shafa Allah, Saleh, Hussein en Sulaiman al-Zayed. De schuren waren eigendom van Saleh, Tayseer and Ismael al-Rashaydeh en Ibrahim al-Zaid. Israel is met name erg actief met sloopactiviteiten in de Jordaanvallei, een gebied dat behoort tot Area C, dat deel van de Westoever waar de nederzettingen liggen en waarover Israel krachtens de Akkoorden van Oslo volledige zeggenschap heeft.

dinsdag 4 juni 2013

Niewe Palestijnse premier ziet zichzelf als overgangsfiguur

Rami Hamdallah - milad.ps
Hamdallah

De nieuwe Palestijnse premier, Rami Hamdallah, verwacht tot 14 augustus in functie te blijven en dan te worden afgelost door een gezamenlijk kabinet van Fatah en Hamas. Tegenover AFP zei hij te verwachten dat onder hem de meeste Palestijnse minister zullen aanblijven en het nieuwe kabinet een voortzetting zal zijn van het oude, tot de deadline van 14 augustus. De twee Palestij nse bewegingen kwamen op 14 mei in Gaza een deadline van drie maanden overeen om - op grond van hun overeekomst uit 2011 een gezamenlijk kabinet van technocraten smaen te stellen dat nieuwe verkiezingen moet voorbereiden.

Hamdallah, die zondag door president Mahmoud Abbas werd aangewezen als opvolger van de afgetreden premier Salam Fayyad, is het hoofd van de Al-Najah universiteit van Nablus. Hij is een 54-jarige linguist met een doctoraat van de universiteit van Lancaster in Engeland. Hij is daarnaast ook secretaris-generaal van de kiescommissie. Politiek gezien wordt hij beschouwd als een onbeschreven blad.
Of het gezamenlijke kabinet van Hamas en Fatah er in augustus zal komen is overigens hoogst  onzeker. De afspraak om binnen drie maanden een kabinet samen te stellen kwam in mei met moeite tot stand, nadat eerder geen enkele deadline was gehaald. Afgezien daarvan is Israel (en ook de VS) mordicus tegen een dergelijke verzoening van de twee Palestijnse bewegingen. Zonder een verzoening tussen Hamas en Fatah is een Israelisch-Palestijnse vredesovereenkomst zo goed als onhaalbaar. De afwezigheid van een dergelijke verzoening komt het het Israelische kabinet-Netanyahu goed uit. Het betekent dat de druk om naar een overeenkomst te streven niet al te groot is.   

Israel begint serieus met de annexatie van de Westoever

  Het is natuurlijk onvergeeflijk als je al jaren blogt over het Midden-Oosten en vooral over Israel en de Palestijnen en juist nu, als Isra...