En het is dus weer raak met de jaarlijkse herdenking van de Tweede Wereldoorlog. Vorig jaar was het Arnon Grunberg, die een opmerking maakte waaruit duidelijk werd dat hij discriminatie van Marokkanen gelijk stelde aan de discriminatie van hemzelf. In sommige joodse kringen wordt dat hem ernstig kwalijk genomen. Volgens de ware diehards is antisemitisme namelijk nergens mee te vergelijken. Het is gewoon uniek. Vergelijkingen als van Grunberg zijn dus fout en anti-joods. Ik waag dat in twijfel te trekken. Dat de jodenvervolging ernstig was behoeft natuurlijk geen nadere verklaring, maar de nog tamelijk recente gebeurtenissen in Ruwanda-Burundi of in Bosnië-Herzegowina geven aan dat discriminatie wel vaker leidt tot massmoord. Maar dat terzijde.
Dit jaar betreft de opwinding de keuze voor Abdelkader Benali, die in 2006 iets gezegd zou hebben over dat er veel joden, Amsterdamse joden, in Amsterdam-Zuid zijn en dat het daarom wel Israel leek en hij zich daar niet thuis voelde. De diehards vinden hem nu een antisemiet. Blijkbaar is het zaak om je wel degelijk thuis te voelen bij veel joden, vooral Amsterdamse joden, in Amsterdam Zuid. Zelfs al ben je Marokkaan en zelfs al is het bekend dat veel Amsterdamse joden - laten we het beschaafd zeggen - zo hun bedenkingen hebben tegen Marokkanen. En zelfs al was je in Libanon toen je dit zei, dat toen net door Israel werd aangevallen. En misschien was het zelfs voor de grap. Maar misschien moet je zulke dingen ook nooit zeggen als je Marokkaan bent. Ik ken een docent in het middelbaar onderwijs in Amsterdam die over de ouders van haar joodse leerlingen uit Amsterdam-Zuid sprak als ''hersenloze zonnebankjoden''. Maar ze is zelf joods, dat maakt verschil. Dan kan je je zo'n opmerking wel veroorloven.
In het geval van Abdelkader Benali is er echter nog meer. Zo maakte hij zich kwaad op Ruben Oppenheimer die voor NRC-Handelsblad een cartoon tekende van Dyab Abou Jahjah (nadat deze in 2016 een optreden in ''VPRO Zomergasten'' had gehad). De cartoon stelde Walt Dysney's Grote Boze Wolf voor met het gezicht van Abou Jahjah, 'gekleed' in het opengesneden lijk van één van de biggetjes. Dat was behoorlijk groef, en de cartoon werd door NRC verwijderd. Benali twitterde erover: ''die cartoonist zou in de nazi-tijd zich werkelijk hebben uitgeleefd''. Oppenheimer, die in de oorlog familieleden verloor, werd daardoor boos. Het was zeker ook geen handige tweet. Maar Benali nu voor de voeten gooien dat hij ''de bekende jodenhater'' Abou Jahjah verdedigde, zoals de site 'joods.nl' ervan maakt, is natuurlijk gewoon het soort heel erg schandelijke laster waar de Israel-lobby zo goed in is. Abou Jahjah, die ik goed ken, heeft zo zijn redenen om niet erg van Israel te houden. Als oud-inwoner van Zuid-Libanon maakte hij mee dat familieleden werden vermoord, dat zijn huis afbrandde en dat hij dagelijks werd vernederd. Hij moet niets hebben van zionisme. Dat maakt hem echter geen antisemiet, en dat geldt ook voor Benali die vond dat Oppenheimer wel erg kort door de bocht ging.