donderdag 15 augustus 2013

De revolutie in Egypte is de weg volledig kwijt

 Wat te denken van de gebeurtenissen Egypte? Ik vind het moeilijk even snel een mening geven over de gecompliceerde situatie die daar nu is ontstaan. Gisteren heb ik me daarom beperkt tot het verslaan van het nieuws en een persoonlijke recensie van de staat der dingen, om het zo te noemen, een ruime 24 uur uitgesteld. Maar als oud-inwoner van Cairo, die Egypte ook een beetje als een soort tweede vaderland beschouwt, vind ik toch ook dat er niet omheen kan. Ik zal wat 'opmerkingen over de chaos' maken. Voor een echte analyses is het wat vroeg.
Twee jaar geleden rond deze tijd - om precies te zijn in juli 2011 - liep ik in Cairo rond en sprak ik met een behoorlijk aantal mensen over de omwenteling die daar eerder dat jaar had plaatsgevonden. Ik was vooral op zoek naar hoe de opstand was voorbereid. Ik sprak ook met 'nieuwe politici' van partijen die vaak nog in statu nascendi verkeerden. Ik schreef er een stuk over in de Groene Amsterdammer.  De stemming was blij en optimistisch, er was een nieuw élan, het was een echte revolutie, geweest. Maar er waren ook waarschuwende geluiden. Eén zo'n geluid - dat in mijn hoofd bleef doorklinken - was van Hani Shukrallah, hoofdredacteur van de Engelstalige site Al-Ahram Online, 'Dit was een typische stedelijke revolutie,' citeerde ik hem in het stuk in de Groene, 'en de helft van Egypte is platteland. Die andere 50% moet de veranderingen nog verwerken. Dat kan jaren gaan duren.'
Dat hij gelijk had, hebben we intussen wel kunnen merken. Die andere 50% was niet echt uit op vernieuwing, maar was traditioneel, koos bij de parlementsverkiezingen voor de Moslim Broederschap of - zoals we tot onze verrassing later merkten - de Salafisten, en was in een flink aantal gevallen misschien ook nog wel 'in de pockets' van plaatselijke potentaten die aanhanger waren van 'het oude regime'. Misschien was Shukrallah trouwens nog iets te optimistisch geweest, en had hij over het hoofd gezien dat ook in de steden de meningen niet onverdeeld achter de nieuwe democratische orde stonden. Dat ambtenarenapparaten, media, veiligheidsdiensten, de politie - nog vol zaten met mensen die in jaren van Mubarak-onderdrukking juist op hun anti-democratische kwaliteiten waren geselecteerd en die zich niet zomaar aan de kant lieten zetten.

 Zo kon het gebeuren dat bij de presidentsverkiezingen in de tweede ronde de keuze ging tussen Mohammed Morsi van de Moslim Broederschap en de oud-gediende van Mubarak, Ahmed Shafiq. Morsi won uiteindelijk met gering verschil - onder meer omdat hij het voordeel van de twijfel kreeg van veel 'revolutionairen van 25 januari' die toch liever een Moslim Broeder hadden dan een vertegenwoordiger van het oude regime die er ook nog eens geeen geheim van maakte dat hij de meeste zaken weer wilde terugdraaien naar zoals het onder Mubarak was.  Maar als we - zoals dat tegenwoordig heet - 'met de kennis van nu' terugkijken op wat er toen gebeurde, zien we in deze presidentsverkiezingen al een vooraankondiging van later onheil, namelijk van tegenstellingen die ook nu nog - en heftiger dan ooit - een rol spelen.


Lijken in de Iman moskee bij het Rabaa al-Adawiya plein in Cairo. 

Morsi werd dus president. En zonder in detail in te gaan op alle fouten die hij maakte, kunnen we zeggen dat hij zich ontpopte als een trouw lid van de oude leidersgarde van de Moslim Broederschap, die in samenwerking met de door hem via een decreet voor ontbinding behoede en door de Broederschap beheerste Maglis as-Shura (Senaat), en met een er door een meerderheid van  moslimbroeders doorgejaste grondwet in de hand, een langzame '' verbroedering'' van de maatschappij doorvoerde. Die verbroedering uitte zich onder meer in islamistische benoemingen, zoals in de sfeer van de rechterlijke macht of van de media (een van de mensen die zijn baan verloor was de hierboven genoemde Hani Shukrallah), dan wel in de culturele sfeer. Tegelijkertijd liet Morsi na om schoon schip te maken in de wereld van de vakbonden, de ambtenarij of de veiligheidsdiensten en om in de sociaal-economische hoek hervormingen door te voeren. En dat brak de Broederschap en president Morsi uiteindelijk op, want tegen hen begon zich geleidelijk een soort coalitie af te tekenen van ontevreden hervormers en revolutionairen, samen met de Salafisten, die - hoe ongelofelijk het ook klinkt - de overblijfsels van het regime van Mubarak, de zogenaamde 'feloul' aan hun zijde vonden.
Die coalitie brak Morsi eind juni op met de massale demonstraties en campagne van de Tamarrod (rebel) beweging de beweerde een record aantal handtekeningen te hebben verzameld van 23 miljoen. En toen Morsi niet toegaf aan de druk en geen tegemoetkomende gebaren maakte, betrad het leger de arena en zette hem af.
Dat nu was bij nadere beschouwing een uiterst beslissend moment. Een klein aantal liberalen en hervormers reageerde geschrokken en had liever gezien dat Morsi bij komende verkiezingen was weggestemd. Een veel groter aantal juichte het ingrijpen van legerchef Sissi toe en vestigde zijn hoop erop dat nu werkelijk de gewenste hervormingen van de 25 januari revolutie zouden worden doorgevoerd. De 'feloul' maakten intussen een steeds openlijker come back. En de Moslim Broederschap, die gooide de kont tegen de krib. Er zijn uitstekende verhalen geschreven over de onmacht van de Broederschap, die altijd in de oppositie en semi-clandestiniteit had geopereerd, om om te schakelen naar regeringspartij. En zo zijn er ook uitstekende analyses van hoe de Broederschap het afzetten van Morsi aangreep om weer de oude, vertrouwde rol van vertrapte partij op te vatten, de rol waarin de Ikhwan altijd uitblonk, om nu onder het motto dat het erom ging de legitimiteit van de gekozen president te verdedigen, de inmiddels wat geslonken aanhang weer terug te winnen. (Lees over deze onderwerpen bijvoorbeeld dit stuk en ook dit stuk van Khalil al-Anani, iemand die de Broederschap al jaren volgt).   
 De tegenstellingen kregen de afgelopen maand een steeds grimmiger  karakter met leugencampagnes van de Ikhwan, maar ook mediacampagnes waarin de Broederschap werd voorgesteld als een stel terroristen. Wat erger was, was dat ook binnen de kringen van de 'revolutionairen' en liberalen de animositeit tegen de Moslim Broeders toenam. Tot een punt waar stemmen van enkelingen als Mohammed AlBaradei, of de 6 April Beweging, die ervoor pleitten om koste wat het kost de zaken op te lossen via een dialoog omdat bij een  transformatie naar ware democratie de Moslim Broederschap niet kan worden gemist, werden overstemd.
Wat het ingrijpen van leger en politie mogelijk maakte.
Hoe erg de vijandschap tegen de Broederschap inmiddels is doorgedrongen - ook in oppositiekringen blijkt uit dit citaat (uit Al-Ahram Online) over de kritiek van het oppositionele Nationale Reddingsfront op het feit dat AlBaradei, hun voorman,  na het bloedbad aftrad als vice president:    

The National Salvation Front, an opposition block formed under Morsi's rule that encompassed liberal parties, said in a statement that it regretted the news of the resignation and that ElBaradei did not consult the front before making the announcement. The NSF said his resignation will not diminish its support of the government and its road map, and announced that it strongly stands behind the president, the government, the Armed Forces, and all state institutions in their battle for the security of the nation. 
Een verklaring die dus het optreden tegen de Morsi-demonstranten - waarbij honderden doden vielen - zonder meer goedkeurt. Schandalig, maar politiek ook volstrekt onbegrijpelijk. Dit is geen keuze voor verzoening mét, maar voor vervolging ván de Moslim Broeders. En daarmee zijn we dan ongeveer weer terug bij het regime van Mubarak. Hoe dit verder moet? Ik weet ik niet. Ik kan alleen maar hopen dat de oppositie wakker wordt en bij zinnen komt.

PS  Hier in het Westen is er veel aandacht voor het feit dat de boze Moslim Broederaanhang na het bloedbad van het Rabaa al-Adawiya plein in Cairo her en der kerken in brand heeft gestoken. Uiteraard een stompzinnige en volstrekt af te keuren reactie. Maar foei roepen en vragen om ingrijpen is hier vrij zeker niet de beste remedie. De Broederschap heeft met deze aanvallen teruggegrepen op een oude taktiek die onder Mubarak zowel door de Broederschap als door het regime werd gebruikt. De Broederschap viel met de kerken indirect het regime aan, waarbij de kerken (christenen gelden als pro-Westers) dienden als symbool voor de manier waarop het regime door het stof ging voor de VS. Het regime gooide soms olie op het vuur en lokte soms aanvallen op kerken uit, die het dan weer gebruikte als een argument om de Moslim Broeders aan te pakken. Als het Westen  nu op een al te nadrukkelijke manier speciaal voor de christenen opkomt, voert het dus indirect de druk op de Moslim Broederschap nog verder op, met als mogelijke bijwerking dat nog meer christelijke bezittingen in vlammen zullen opgaan. Enige takt is vereist.

4 opmerkingen:

Jona Lendering zei

Zomaar eens een reactie: ik lees je stukken met plezier en herken er veel in. Dank je wel.

Abu Pessoptimist zei

Dank,Jona. Het werken aan dit blog is uitgegroeid tot een soort innerlijke noodzaak, maar als ik er ook nog mensen een plezier mee doe.....

trees zei

Het laat allemaal weer mooi de barbaarse mentaliteiten van de moslimarabieren zien, waardoor je vanzelf veel sympathie krijgt voor onze Joodse vrinden die door dit soort bloeddorstige barbaren omgeven worden. Dan zie je graag ook wat foutjes van de Israëliërs door de vingers.

Anoniem zei

Dag trees,
Onder andere via het blog van Abu verdiep ik mij in wat er omgaat in het Midden Oosten. Ik ben niet pro of contra een bepaalde groep, maar probeer me zo breed mogelijk te informeren. Dat vind ik ook het prettige van de blog van Abu, hij probeert zoveel mogelijk feitelijk te beschrijven, inclusief bronvermeldingen. Het is deels aan de lezer zelf om een oordeel te vellen. Ik moet wel zeggen dat ik altijd erg schrik van reacties als de jouwe. Ik geloof in ieder geval niet, dat het mijn sympathie voor Israël vergroot.
Bas