zondag 7 februari 2010

Wiesel valt definitief door de mand

Het was mijn moeder die me destijds opmerkzaam maakte op Elie Wiesel. Ik was nog een puber. Wiesel, Auschwitz-overlevende die journalist werd in Frankrijk, kon aanvankelijk niet over zijn holocaust-verleden schrijven, totdat François Mauriac hem wist over te halen. Hij schreef daarna in het Jiddisch Oen di velt hat gschvigen, wat hij later vertaalde in het Frans onder de titel La Nuit. (Night in het Engels). Ik was onder de indruk van het verhaal: van Wiesels geschiedenis en ook van de manier waarop Mauriac hem onder tranen had bewogen zijn zwijgen te doorbreken. Toen ik het boek vervolgens ging lezen raakte ik onmiddellijk in de ban van zijn geserreerde, economische manier van schrijven. Toch is La Nuit me om één of andere reden niet echt bij gebleven. Dat was anders met L'Aube (De Dageraad), misschien omdat het dicht lag bij wat later mijn werkterrein werd. Het was het verhaal van een lid van een Joodse ondergrondse beweging in het Israël van voor de geboorte van de staat, die 's nachts een Britse militair gezelschap houdt, die bij het aanbreken van de dag moet worden geëxecuteerd als represaille voor de terechtstelling van een Jood. In de loop van de jaren las ik meer van Wiesel. En in 1986 - toen hij de Nobelprijs kreeg voor de Vrede - was het met een zekere trots dat ik (als enige redacteur met een duidelijk Joodse achtergrond, denk ik) het stukje daarover in De Volkskrant mocht schrijven. Ik schreef dat Wiesel de herinnering aan de Holocaust levend hield als afschrikwekkend voorbeeld van wat mensen elkaar kunnen aandoen en om te helpen dat soortgelijke genocidale gebeurtenissen in de toekomst niet meer kunnen voorkomen. Ik schreef onder meer over zijn bewogenheid met het lot van de Cambodjanen onder Pol Pot. (Congo, Ruanda-Burundi, Bosnië, Darfur moesten toen allemaal nog komen).
Nu, zoveel jaren later weet ik niet meer zo zeker of Wiesel de herinnering aan de holocaust wel levend wilde houden ter afschrikking van genocide elders. Het lijkt er in toenemende mate op dat hij - zoals helaas wel meer Joden en Israël-aanhangers - de holocaust ziet als een eenmalig iets dat alleen Joden kon overkomen en waaruit slechts één les geleerd kan worden, namelijk dat Israël het laatste toevluchtsoord van alle Joden is en door dik en dun moet worden verdedigd omdat Joden nu eenmaal altijd en overal onder vuur liggen wat ze ook denken of doen. Wiesel schaarde zich in oktober achter een oproep om Human Rights Watch aan een kritisch onderzoek te onderwerpen omdat de organisatie zo impertinent geweest was kritische rapporten te schrijven over de inval in Gaza. Hij deed dat in het gezelschap van -onder meer - de strafrechtadvocaat Alan Dershowitz. Ditmaal,  nu er een deadline verloopt die was genoemd in het Goldstone-rapport, is het weer zover. Dershowitz noemt Goldstone op schrille toon 'een verrader van het joodse volk' en Wiesel volgt hem  enkele dagen later met de uitspraak dat het Goldstone-rapport
'een misdaad (is) jegens het Joodse volk'.
Let wel: Hij is een Nobelprijswinnaar voor de Vrede. En hij beschuldigt iemand die het internationale recht wil handhaven, die niets anders doet dan oproepen tot het doen van onderzoek naar eventuele overtredingen van het oorlogsrecht omdat recht en rechtvaardigheid geen vrede mogelijk is, van het begaan van een misdaad jegens het Joodse volk. Ik kan alleen maar zeggen dat ik het ongelofelijk jammer vind dat iemand die zo op een voetstuk stond, en terecht, er op zo'n treurige manier weer af kan vallen.
Ik ben er trouwens toch zo'n beetje aan toe om elk geloof in gezonde tegenkrachten in Israël kwijt te raken. . Al jaren wordt er gesignaleerd, gerapporteerd en gedemonstreerd (Vrede Nu begon in 1977) en het enige wat is bereikt, is dat links in Israël ongeveer niets meer voorstelt (als het dat ooit al had gedaan) en dat rechts een solide meerderheid heeft gekregen. Maar bovendien ook dat ultra-rechts er salonfähig en bijna het meerderheidsgeluid is geworden en dat de nederzettingen èn de bijbehorend mentaliteit een nooit meer weg te denken entiteit zijn geworden. De echte zionisten wonen in de nederzettingen schreef ik in 1981 al in Het Parool. Zij beschouwen zichzelf de pioniers van nu. Jawel, alleen waren het er toen nog maar enkele duizenden.
Demonstraties als in Sheikh Jarrah, ik zal erover blijven rapporteren, maar raak er niet warm of koud van. Er zal geen Arabische familie minder door uit hun huis worden gedreven, geen luxe exclusief Joods flatblok minder in vanouds Arabisch wijken worden gebouwd. Wellicht is het zelfs een soort vijgenblad dat nog een beetje verhult dat de naakte waarheid is dat alleen BDS en een Palestijnse strijd voor burgerrechten nog enig uitzicht op een regeling zou kunnen bieden. En misschien dat ik ook daarom niet echt meer opgewonden wordt van de zoveelste 'bedreiging' van de Israëlische democratie. Dat is dus in dit geval de campagne van 'Im Tirtsu' tegen het 'New Israel Fund'. Im Tirtsu (Als je het wilt ..een afkorting van een uitspraak die aan Herzl wordt toegedicht: 'Wenn ihr wollt ist es kein Märchen'), is een nieuwe rechtse organisatie die met een rapport is gekomen waarin wordt verteld dat het New Israel Fund (NIF) allerlei organisaties steunt (mensenrechtenorganisaties als Adalah, ACRI, Breaking the Silence en dergelijke) die gezorgd zouden hebben voor de bouwstoffen van het Goldstone-rapport. Im Tirtsu heeft berekend dat 92% van het materiaal in Goldstone's rapport van deze door het NIF gesubsidieerde organisaties afkomstig is. Wat onder ons gezegd gewoon bullshit is, want Goldstone heeft in kranten geciteerde uitspraken van Israëlische generaals en politici gebruikt, Amnesty en Human Rights Watch rapporten ter harte genomen, ondrzoek ter plaatse gedaan en vele verhoren afgenomen. 
Maar . dat doet er allemaal weinig toe. NIF-voorzitster Naomi Chazan (foto), voormalig parlementslid van Meretz, is nu mikpunt. Voor haar huis werd gedemonstreerd, rechtse bloggers (ook dat is een graadmeter) namen de beschuldiging van anti-Israëlische en staatsondermijnende activiteiten zonder meer over, The Jerusalem Post heeft haar per email laten weten dat haar wekelijkse column niet meer welkom is. In het parlement begonnen de rechtse partijen een actie om het fonds aan te pakken die - zie de blog Coteret - intussen na wat getelefoneerd door belangrijke Amerikaanse geldgevers weer van de baan zou zijn. 
De zoveelste bedreiging van de democratie dus weer bedwongen?! Ach, wat voor democratie eigenlijk - mach sjabbos davon, zou de moeder van een vriendin van me gezegd kunnen hebben.      

1 opmerking:

Ernst zei

Dag Maarten Jan,

Elie Wiesel is al jaren geleden door de mand gevallen. En dat hij met Dershowitz samenwerkt verbaast niemand. Maar lees voor de zekerheid nog even blz 61 en 62 van Beyond Chutzpah van Finkelstein door.

Herzl, Judenstaat:
Die Juden, die wollen, werden ihren Staat haben, und sie werden ihn verdienen.
[Uitgave Manesse, p. 9, einde Vorrede; idem Gesammelte Zionistische Werke, 3e Aufl., Jüdischer Verlag Berlin 1934, Band I, p.22]

De context hiervan is dat Herzl de mensen niet wil DWINGEN naar Palestina te verhuizen. Wie niet meewil, blijft gewoon achter in Frankrijk, Nederland, enz. Ook de positie van de thuisblijvers zal verbeteren als "de" joden eenmaal een eigen staat hebben, met vlag, postzegel, leger, marine, postkantoor en Gestor (lees groot-hertog, lees Herzl zelf).

En nogmaals het slotwoord:
Die Juden, die wollen, werden ihren Staat haben. Wir wollen endlich als freie Männer auf unserer eigenen Scholle leben und in unserer eigenen Heimat ruhig sterben.

Die Welt wird durch unsere Freiheit befreit, durch unseren Reichtum bereichert und vergrößert durch unsere Größe.

Und was wir dort nur für unser eigenes Gedeihen versuchen, wirkt machtvoll und beglückend hinaus zum Wohl aller Menschen.
[Manesse, 113; GZW I, 104, 105]

En 2 blz eerder:
Da ist es, Juden! Kein Märchen, kein Betrug! Jeder kann sich davon überzeugen, denn jeder trägt ein Stück vom Gelobten Land hinüber, der in seinem Kopf, und der in seinen Armen, und jener in seinem erworbenen Gut.

[Gut staat hier voor landgoed, stuk land, mag ik aannemen.
Manesse, 111; GZW I, 103]

Maar hoe staat het nu met de ONDERLINGE verhoudingen binnen het jodendom? En met de omgang met diegenen, die nog niet helemaal voor het zionistische heil en deze seculiere verlossing gewonnen zijn? Lees even mee:

"Sie wissen, daß Makkabi seine Kämpfe nach zwei Richtungen geführt hat, gegen den äußeren und gegen den inneren Feind. Der innere Feind ist unser nächster in jedem Sinne. Gegen diesen inneren Feind, der Indifferentismus heißt, müssen wir zunächst unseren Kampf richten, der wenigstens für den Anfang nicht ein Vernichtungskampf gegen die Person, sondern ein Aufklärungsfeldzug sein soll."

Tenminste in het begin, sozusagen bis auf weiteres, kein Vernichtungskampf, dus.

Deze tekst staat trouwens NIET in de Judenstaat. Waar wel, dat is voor u een vraag, maar voor mij een weet.

Kortom Dershowitz c.s. hebben volkomen gelijk, dat ze inhakken op Goldstone, Finkelstein en al die andere innere Feinde.

Nu u weer.

Ernesto