zondag 8 augustus 2010

Eigenzinnige filmer Bromet portretteert LJG


Dit stuk schreef ik voor het kwartaalblad Kol Mokum van de Liberaal Joodse Gemeente in Amsterdam: Frans Bromet die een film maakte over de LJG naar aanleiding van de opening van een nieuwe synagoge in augustus 2010.

Veel LJG-leden moeten hem de afgelopen tijden aan het werk hebben gezien. Opnamen tijdens Jamiem toviem (Pesach), bij gewone diensten, een bar mitswa, de 'uitkomcursus', het verloop van de bouw van de nieuwe sjoel. Leden uit diverse geledingen hebben hem op bezoek gehad met zijn doodgewone, maar soms toch ook lastige vragen. 'Wat betekent God voor u?' Hoe kwam u als rabbijn in Amsterdam terecht?
Bromet met zijn camera.

Misschien dat niet iedereen het zal weten, maar er is al een tijdje een film in de maak over de LJG Amsterdam, die rond de opening van de nieuwe sjoel te zien zal zijn en ook op de Joodse Omroep zal worden vertoond. De maker is een kleine man met een camera die al heel lang de wereld vooral met behulp van dat ding aan zijn schouder bekijkt, rustig afwacht en met een soms wat lijzige stem vragen stelt. Dat is Frans Bromet. Zijn vragen lijken altijd heel gewoon – en misschien zijn ze dat ook. Maar ze hebben wel de verdienste dat ze in combinatie met de beelden die hij opneemt, dingen zichtbaar maken die je daarvoor niet zo duidelijk zag.
In een radio-interview werd hem in 2009 gevraagd hoe hij dat deed, hoe dat zo was ontstaan, de speciale Bromet-documentaire, bekend van allerlei televisie series als Buren, De Verbouwing, De Nalatenschap, Failliet of niet, Late Liefde, en nog veel meer. Hij was er lang geleden, tijdens en direct na de filmacademie, al mee begonnen, zei hij. Filmen met de camera aan zijn schouder en praten met mensen vóór de camera. (Bromet heeft de camera ongeveer altijd aan de schouder, hij gebruikt bijna nooit een statief. Iemand merkte eens op dat hij hem gebruikt als een soort extra lichaamsdeel). Toen hem vervolgens de vraag werd voorgelegd hoe dat zich zo ontwikkeld had, dat interviewen, of hij een speciale techniek ontwikkeld had: 'Ik ben gewoon begonnen. Ik heb ook er nooit een opleiding voor gedaan of zo. Maar ik merkte wel dat interviewen me wel goed af ging. Dat als ik mensen wat vroeg, ze me wel dingen wilden vertellen.'

1,2,3 groep
Bromet (geboren in 1944) is de laatste jaren vooral documentaire- en programmamaker voor de tv. Ik noemde al een aantal van de series en producties die hij gemaakt heeft (voor onder meer de VPRO en de NCRV en de reeks is ook veel langer dan ik opsomde), maar zo is hij niet begonnen. Aanvankelijk was hij cameraman in de wereld van de speelfilm. Zijn eerste speelfilm deed hij met Pim de la Parra en er volgden er nog zo'n 35 andere, waarvan Ciske de Rat en Op hoop van zegen waarschijnlijk de bekendste waren. In zijn biografieën wordt altijd vermeld dat hij begin jaren '60 aan de filmacademie studeerde tegelijk met mannen als René Daalder, Jan de Bont, Kees Meijering en Rem Koolhaas, de latere architect. Ze vormden er de 1,2,3, groep die zich afzette tegen de heersende cultus waarbij de film vooral het werk van één man, de regisseur zou zijn. Volgens hen werd een film gemaakt door een collectief, en zouden regie, camerawerk, geluid, montage en acteren qua belang niet voor elkaar onderdoen. Om de daad bij het woord te voegen maakten ze ook samen een film, waarin ze om beurten de verschillende rollen vervulden. Bromet huldigt dit 1,2,3 standpunt overigens nog steeds. Het was dan ook niet voor niets dat hij in 1982 de wereld van de speelfilm vaarwel zei, omdat daar, zoals hij zei, alles toch nog steeds draait om grote namen en de rest van de crew het moet doen met een matige betaling, veel overuren en als het product klaar is een plek in de schaduw.
Tijdens de jaren als cameraman maakte hij echter ook altijd al documentaires of deed hij tv-werk. Zo heeft hij jaren voor de Amsterdamse zender AT5 met Rik Zaal het programma Zaal over de vloer gemaakt, waarvan de formule was dat ze naar iemands huis gingen, waar Rik Zaal de betreffende persoon interviewde terwijl Bromet onbevangen door het het huis liep met zijn camera en filmde wat hem opviel. Ook maakte hij toen al eigen documentaires, zoals De Noord 20-29 (1972) over zijn buren in Ilpendam, waar hij na zijn Amsterdamse jaren naar toe verhuisde, of Drielandenpunt (1974) over zijn familie. Dat laatste was een van de weinige keren dat hij de confrontatie aanging met zijn deels Joodse afkomst. De naam van de film slaat op het moment dat verschillend familieleden in Limburg de grens met Duitsland oversteken, terwijl zijn Amsterdamse Joodse vader, die had gezworen na de oorlog nooit meer een voet in Duitsland te zullen zetten, aan de Nederlandse kant achterblijft.


Video
In 1972 startte Bromet een eigen bedrijf. Enkele jaren later ging hij van het gebruik van film over op video, een toen nog omstreden stap omdat de kwaliteit minder zou zijn dan die van film. Bromet verdedigde zijn besluit door te zeggen dat video uiterst geschikt was voor het kleinere tv-scherm formaat, veel goedkoper was en veel makkelijker om mee te werken. Je hoefde niet meer dagen te wachten tot de film ontwikkeld was, maar zag meteen het resultaat. Bovendien kon hij, waar hij vroeger afhankelijk was van montagebedrijven als het facilitaire bedrijf van de NOS, nu zelf de editing doen. Er valt misschien aan toe te voegen dat het ook goed aansloot bij Bromets 'informele' manier van werken: geen zorgvuldig opgebouwde en uitgelichte opstellingen, geen statische camera, maar beweeglijk, schijnbaar uit de losse pols en daardoor met zoveel mogelijk oog voor de omgeving en soepel inspelend op onverwachte dingen.
Veel succes had Bromet met de serie Buren (jaren '90, VPRO) waarin hij beurtelings aan de ene en en aan de andere kant van de schutting verhalen vastlegde van burenruzies die allebei zo plausibel klonken dat het ondoenlijk leek een schuldige aan te wijzen. Door het succes kon Bromet zijn bedrijf uitbreiden en er volgden vergelijkbare series (intussen meestal voor de NCRV) als De Verbouwing (de ellende die daarbij komt kijken), De Nalatenschap (hoe erfgenamen het met elkaar aan de stok krijgen als de nalatenschap verdeeld moet worden), de Scheiding (het gemodder met omgangsregelingen met kinderen) en recenter Late liefde (paren die elkaar vinden als ze al op leeftijd zijn). Niet allemaal vrolijke onderwerpen, wel een soort reality-tv waarin Bromet niet alleen een voortrekker bleek, maar ook een uniek eigen geluid liet horen doordat hij bescheiden blijft, mensen in hun waarde laat en zelfs de schijn van sensatiezucht weet te vermijden. Ooit, in 1980, maakte Bromet ook een eigen speelfilm, een tip van de sluier, die overigens weinig aandacht kreeg. En op dit moment heeft hij een tweede onder handen die waarschijnlijk volgend jaar af zal komen en die zich afspeelt tegen de achtergrond van het Hilversumse circuit, waar volgens hem steeds minder de programmamakers het voor het zeggen hebben, maar in plaats daarvan de managers met hun oog voor kijkcijfers – wat ten koste gaat van kwaliteit.
Filmen tijdens de bouw. De man die wordt geïnterviewd (midden) is Ron van der Wieken, de voorzitter van de LJG.
IDFA
Vanaf 1996 werd Bromets bedrijf een familiebedrijf onder de naam Bromet & dochters en in 2009 kreeg hij eindelijk een lang uitgebleven eerbetoon, doordat het Documentaire festival IDFA een retrospectief aan hem wijdde. Een verlate erkenning voor het feit dat ook video – zeker met de langzamerhand steeds betere videocamera's – mooie producten kan opleveren ( het IDFA wilde de eerste jaren alleen producten gemaakt op film), maar ook zeker voor Bromets unieke manier van werken. Daar werd ook Bromets uitstapje naar de politiek vertoond: een film waarin Bromet als een horzel de lijsttrekkers volgt tijdens de campagne van 2002. De film was gemaakt voor de VPR, maar nooit uitgezonden wegens de moord op Fortuyn. Recentelijk maakte Bromet overigens ook zo'n voet-tussende-deur achtige reportage over de verkiezingsoverwinning van de PVV in Almere bij de gemeenteraadsverkiezingen, die wél werd uitgezonden.
En deze eigenzinnige filmer, die ver van de subsidiegevers en officiële kanalen zijn eigen weg gaat,
is dus gevraagd een documentaire te maken van zo'n 40 minuten over onze eigen LJG. Een beetje nog ter gelegenheid van 75 jaar Verbond, een beetje ter gelegenheid van het nieuwe gebouw. In feite doet het er iet zo toe ter gelegenheid waarvan, want het zal zeker ook een eigenzinnige kijk geven op liberaal jodendom. 'Het gaf mij de gelegenheid kennis te maken met een wereld waar ik eigenlijk niets van wist,' zet Bromet. 'Want mijn vader was dan wel Joods maar godsdienst speelde bij ons thuis geen enkele rol.' Om er meteen op te laten volgen dat het hem verbaasd heeft hoe weinig mensen bij de LJG echt volmondig zeggen in God te geloven. 'Kennelijk gaat het om andere dingen.'
In de film zitten onder meer interviews met Frieda Menco, de rabbijnen Lilienthal en Ten Brink, Leo Schloss, het echtpaar Ted en Meyer van der Sluis, Ron van der Wieken en Awraham Soetendorp (vooral over de rol van zijn vader). Er zitten opnamen in van de vordering van de bouw van de nieuwe sjoel, fragmenten van een door naderen opgenomen oudere film ronde de 'oude' sjoel aan de Jacob Soetendorpstraat, shots van diensten en dergelijke, een straks nog op te nemen reportage van de opening van de nieuwe sjoel en vast en zeker de nodige terloopse Bromettiaanse waarnemingen en gesprekken. De research en het geluid waren in handen van Bromets medewerker Olivia Buning. Veel valt er nog niet te zeggen over de film. Het wordt een portret. We zullen het zien.

Geen opmerkingen: