dinsdag 28 maart 2017

Domme vertaalfouten bepalend in rechtszaak tegen Palestijnse dichteres Dareen Tatour

 Dareen Tatour (Foto Arab48)

De zaak tegen de Palestijns Israelische dichteres Dareen Tatour heeft onlangs een soort surrealistische wending genomen. Tatour, 34, uit de plaast Reineh bij Nazareth werd in oktober 201, dus bijna anderhalf jaar gelden opgepakt wegens het plaatsen van een gedicht op Facebook. Het gedicht “Qawem ya sha’abi, qawemhum (Verzet je, mijn volk, weersta hen) verscheen later ook op Youtube. Het is daar nog te vinden.  
Tatour zat drie maanden in diverse gevangenissen, en kreeg vervolgens zes maanden huisarrest in de plaats Kiryat Ono, dicht bij Tel Aviv. Intussen is ze wel weer thuis in Reineh, maar ze heeft nog steeds huisarrest. Ze draagt een enkelband en mag per week zes uur de deur uit. Haar hangt een  gevangenisstraf van acht jaar boven het hoofd, wegens opruiing.
Tijdens rechtszittingen, verleden jaar in september en november,  werd vastgesteld dat ze inderdaad de schrijfster is van het gewraakte gedicht. Maar in antwoord op vragen van de officier van justitie die probeerde haar vast te nagelen op uitspraken dat ze ''terrorisme aanmoedigde'' zei ze dat ze weliswaar de bezetting verfoeide, evenals de acties van het Israelische leger en de kolonisten, maar dat de vertaler van haar gedicht haar tekst had verdraaid. Uitgenodigd om dan zelf een vertaling te geven, zei ze dat haar Hebreeuws niet goed genoeg was om poëzie te vertalen.
Afgelopen zondag 19 maart kwam Tatours advocaat, Gaby Lasky, echter met twee deskundigen op de proppen. En dat wierp een geheel nieuw licht op de manier waarop het bij dit soort zaken in Israel toegaat. Allereerst was er een hoogleraar Hebreeuwse literatuur, Nissim Calderon. Hij hield een lang uitgeschreven vertoog over het feit dat Joodse en Israelische dichters van destijds exact dezelfde soort poëzie schreven als Tatour,  maar desalniettemin door de Britse heersers tijdens het Mandaat in Palestina, of eerder zelfs door Tsaristische heersers in Rusland, nooit werden vervolgd. Calderon citeerde Haim Nahman Bialik, die schreef ''met woedende wreedheid/ zullen we zonder mededogen je bloed drinken''. Of Shaul Tschernikovsky die ''zijn zwaard wilde voor de strijd'', en de ultra rechtse Uri Tsvi Greenberg die openlijk opriep tot geweld tegen de Britten.
Maar advocaat Lasky bracht ook een erkende vertaler en kenner van Arabische poëzie mee: dr Yoni Mendel. Hij liet weinig heel van de vertaling die justitie van het gedicht van Tatour had gebruikt, een vertaling die was gemaakt door een politieman die tijdens zijn middelbare schooltijd ook een paar jaar Arabische lessen had gevolgd. Mendel liet zien dat de brave politieman opzettelijk en in ieder geval systematisch het gedicht van Tatour zo had vertaald dat het extremistisch en gewelddadig overkwam.
Zo waren er de regels ''Vrees niet de tongen van de Merkava tank/ De waarheid in je hart is sterker/ Zo lang je rebelleert in een land / dat razzia's heeft beleefd maar niet is uitgeput''. De laatste twee regels daarvan waren, zo schrijft Yoav Haifawi aan wie ik dit ontleen op zijn blog Free Haifa,  door de politieman als volgt vertaald: ''Zo lang je verzet biedt/ lang leve de gazawat, ze zullen niet versagen''.
De politieman kende kennelijk het woord ''ghazawat'' niet, dat ''invallen, raids, razzia's'' betekent en refereert aan tribale overvallen uit de Jahiliyya tijd (de tijd van vóor de islam) om goederen of vrouwen te kapen. Overvallen die ook in later tijd overigens ook nog wel gebruikelijk waren (vraag maar aan de nazaten van koning Abdel Aziz ibn Saud). De politieman liet het onvertaald staan en zo leek het alsof Tatour hier de agressie verheerlijkte, terwijl ze in feite een duidelijk verwees naar de Israelische invallen in Palestijnse dorpen en huizen. Hier werden dus aanvaller en slachtoffer met elkaar verwisseld.
Een andere ernstige vertaalfout maakte de amateurvertaler van de politie bij het woord "shuhada'", martelaren. De zin in het gedicht luidde: ''volg de martelaren'' maar de politieman maakte daarvan ''volg de shahidim'', een verhebraïsering van het woord shahid (meervoud shuhada'). Voor Israeli's is een shahid iemand die sneuvelt als hij een Jood heeft aangevallen. Voor Palestijnen en alle andere Arabieren in deze wereld is een shahid echter een martelaar. Alle slachtoffers van de bezetting en zelfs verkeersslachtoffers zijn shuhada'. En zeker in dit geval was de vertaling van de politieman er overduidelijk naast, want Tatour verwees daarvoor expliciet naar drie van zulke slachtoffers: de 16-jarige Muhammad Abu Khdeir, die werd gekidnapped en levend verbrand, de baby Ali Dawabsheh die omkwam met zijn vader en moeder toen hun huis in brand werd gestoken door kolonisten, en Hadeel Al-Hashlamoun, een 18 jarig meisje uit Hebron dat bij een checkpoint van het leger zonder reden werd doodgeschoten.
De officier van justitie probeerde nog aan te geven dat Tartour niet naar vermoorde Palestijnen verwees met haar zinnetje ''Volg de martelaren'', want wie wil er nu gedood worden, nietwaar? Maar de deskundige Yoni Mendel betoogde dat haar zin ''volg de martelaren'' betekende dat de martelaren niet alleen gelaten mochten worden, en dat de strijd voor Palestijnse rechten niet dient te worden opgegeven.
De rechter moet nu in een maand, of twee maanden, een vonnis vellen. Het zal spannend worden, want de politie in veiligheidszaken overrulen is zeer ongebruikelijk in Israel. En intussen is deze rechtszaak buitengewoon onthullend over de verhoudingen tussen Joden en Palestijn in het heilige land. Arabisch is er de erkende tweede officiële taal, maar behalve de mensen die het van thuis hebben meegekregen is er geen hond die het spreekt. Arabisch wordt als achterlijk beschouwd en geminacht, evenals de bijbehorende cultuur. De duiding van woorden in hun eigenlijke culturele en historische context, en daarmee van literatuur of poëzie (die trouwens ook niet of nauwelijks gelezen worden op de Israelische middelbare scholen), is daarom volstrekt onmogelijk voor de gemiddelde Israeli. Palestijnen zijn voor de meesten onder hen in enkele tientallen jaren niet dichterbij gekomen, maar mensen van een andere planeet geworden. Het is treurig, maar helaas maar al te waar.

Geen opmerkingen: