vrijdag 19 november 2010

Brits Joodse leider doorbreekt het taboe en levert kritiek op Israel

 Eindelijk. Eindelijk was er een Joodse leider vanuit de 'mainstream' die durfde te zeggen wat ieder normaal mens, Joods of niet, intussen over Israel denkt. Eindelijk iemand die zijn mond open durfde te doen. Wat zei hij? Hij kritiseerde Netanyahu over de manier waarop hij bezig is met het 'vredesproces', hij sprak zijn bedenkingen uit over sommige aspecten van Israels politiek en hij zei dat kritiek meer openlijk geuit zou mogen worden in de Joodse gemeenschap. Kortom, hij brak een belangrijk taboe.
En wie was die moedige man? Was het Ronny Naftaniël? Rabbijn Evers? Ruben Vis van het CJO? Een kopstuk van de Liberale Joden dan misschien? Nee, helaas, het was geen Nederlander maar een Engelsman. Het was Mick Davis, voorzitter van UJLA, de belangrijkste Brits-Joodse charitatieve instelling, en tevens van de Raad van Joodse Leiders (Jewish Leadership Council, JLC). Davis deed zijn uitspraken tijdens een debat, vorige week, met de Amerikaan Peter Beinart, die in Amerikaanse Joodse kringen niet lang geleden opzien baarde met een scherpe aanval op het establishment dat met de mond belijdt dat het voor een rechtvaardige oplossing van het Palestijnse conflict is, en democratische waarden en de mensenrechten ter harte neemt, maar intussen kritiekloos Israels politiek over zich heen laat gaan en daardoor jonger generaties Joden van zich en van Israel vervreemdt.
Het weekblad The Jewish Chronicle, bracht vrijdag een verslag. Ofwel, niet zozeer een verslag als wel meer een weergave van wat Davis tijdens dit debat zei. Volgens de Chronicle stelde hij dat Israel dreigt een apartheidsstaat te worden als er geen twee-staten-oplossing komt. Hij zei ook dat de Britse Joden leiders hebben die 'links van het midden' staan en 'bezorgd zijn over wat Israel doet', maar dat 'nooit eerder in het publiek hadden geuit'. Ze zouden wel meer openlijk willen praten over de morele dilemma's die de nederzettingenpolitiek veroorzaakt, zei hij, of over de 'verwerpelijke' eed van trouw die straks van niet-Joodse immigranten wordt gevraagd, maar ze voelen zich belemmerd door de angst dat ze dan ammunitie zouden aandragen voor de vijanden van Israel die de staat willen delegitimiseren.
Davis bekritiseerde Netanyahu voor diens gebrek aan moed om stappen te nemen die het vredesproces vooruit zouden helpen en zei niet 'het gebrek aan strategie' te begrijpen. Maar hij leverde tevens kritiek op het politieke systeem in Israel dat geen sterke regeringen of moedige politici kan opleveren' (we mogen aannemen dat hij als rechtgeaarde Brit in een land met een twee-partijenstelsel, daarmee doelde op het meerpartijen systeem in Israel dat altijd wankele coalities nodig maakt).
Ook zei hij dat als de wereldgemeenschap de hoop op een twee-staten-oplossing verliest, de demografische verhoudingen er uiteindelijk toe zouden leiden dat Israel een apartheidsstaat wordt, omdat een Joodse minderheid dan zou komen te heersen over een Palestijnse meerderheid.
Davis zei tijden de discussie met Beinart in het Joods Cultureel Centrum in Londen, dat veel Joodse leiders zijn zienswijzen delen, maar dat hij nu ´uit de pas´ liep met de meerderheid van hen, aangezien die menen dat je dit soort dingen alleen achter gesloten deuren mag uiten. Maar, zei hij, als we niets doen, ´dragen we bij eraan bij dat de komende 10 tot 15 jaar mogelijk een erg onprettige periode wordt waarin Israels mogelijkheden om een oplossing te vinden voor zijn existentiële bedreigingen verminderd is´. 
Davis uitte ook zijn frustratie dat Israels leiders geen aandacht schenken aan de Joden in de diaspora. ´Ik denk dat de regering van Israel zich er rekenschap van moet geven dat hun daden een rechtstreekse invloed hebben op mij als Jood die in Londen, in het Verenigd Koninkrijk, woont. Als ze goede dingen doen is dat goed voor mij en als ze slechte dingen doen is dat slecht voor mij. De betekenis ervan is net zo groot als voor Joden die in Israel wonen.´  

Bijval voor Davis kwam van diverse kanten van het Joods religieuze spectrum. Het hoofd van de Reform (Liberale Joden), rabbijn Dr Tony Bayfield prees hem als een opmerkelijk man en een waardig zionistisch leider. ´De ideeën die hij uit zijn representatief voor de gemiddelde grassroots´ opinie in onze gemeenschap,´ aldus rabbijn Bayfield, ´eerlijk en moedig als het aankomt op het verdedigen van Israel, maar ook eerlijk en moedig als het gaat om het nastreven van een rechtvaardige en duurzame vrede via twee staten´.  

De leider van de orthodoxe United Synagogue, Simon Hochhauser, gaf als zijn persoonlijke mening dat ´er niets was in deze geciteerde opmerkingen waarover ik het met hem oneens zou kunnen zijn.´    
Er was echter een meer afwijzende reactie uit het buitenland. Abe Foxman, de leider van de Amerikaanse Anti-Defamation League, beschuldigde hem van ´intellectuele arrogantie´. ´Waar ik het meest bezwaar tegen had was zijn opmerking dat Israel moet inzien dat zijn actie directe gevolgen hebben voor hem als Jood in Londen. Dat is arrogante onzin. De Israelische regering moet beslissingen nemen met gevolgen van leven of dood voor Israeli´s. So what als dat hem en zijn vrienden sociaal in verlegenheid brengt. Big deal.´    
Een Israelische minister merkte op: ´Meneer Davis mag dan belangrijk zijn in de Joodse gemeenschap in Groot-Brittannië, maar in de grotere wereld van de relaties tussen Israel en de diaspora is hij nagenoeg onbekend.´ Een lid van de Jewish Leaderschip Council, de voorzitter van het Joods Nationaal Fonds, Samuel Hayek, zei "Joden in de diaspora horen Israel nooit te bekritiseren". En een ander, de vroegere UJLA-voorzitter Brian Kerner, zei dat hij het in grote trekken eens was met de visie van Davis, maar dat hij ertegen was om ze en publique te uiten, aangezien ze ´alleen maar door onze vijanden worden opgepikt, uit hun verband gerukt en tegen ons gebruikt´.
Daar stond tegenover dat voorzitter Lucian Hudson van de Liberale Joden weer opmerkte dat ´er een gevaar is dat alle mensen die sceptisch of kritisch ten aanzien van Israels politiek staan, zo gefrusteerd raken dat zij Israel links laten liggen en onverschillig worden, en dat is de ergste dreiging. We moeten ons bezig houden met de dingen die hen aangaan.´

 Natuurlijk was wat Davis zei niet erg nieuw of schokkend. Maar toch was het een belangrijke gebeurtenis, als je het mij vraagt, deze doorbreking van het taboe, want mogelijk durven hierna nu eindelijk wat meer mensen hun mond open te doen. Ik werd overigens op het stuk in The Jewish Chronicle geattendeerd door een tweet van Peter Beinart die erbij opmerkte: ´En wij (in the USA) moeten het doen met Abe Foxman.´  Jawel, en wij in hier in Nederland met Ronny Naftaniel. Maar de toekomst is hopelijk aan de Davissen. Om een bekende commercial op de radio te parafraseren: Wie durft het aan?

2 opmerkingen:

Anoniem zei

Nick Davis of Mick Davis?

Abu Pessoptimist zei

Dank. Het is Mick. Ik heb het verbeterd.