woensdag 2 mei 2012

Israelische leger stopt onderzoek naar slachtpartij op familie tijdens Gaza-oorlog in de doofpot

Afscheid van drie van de jongste leden van de (extended) familie Samouni.

 De  mensenrechtenorganisatie B'tselem meldt dat zij van de Israelisch militaire advocaat-generaal bericht heeft gekregen dat het politie-onderzoek naar de dood van 21 leden van de familie Samouni in de Gaza-strook is gestopt. Een majoor, Dorit Tuval, van het bureau van de Advocaat generaal schreef dat in een brief aan B'tselem en het Palestijnse Centrum voor de Mensenrechten. Beide organisaties hadden een klacht ingediend. Volgens de majoor had het onderzoek uitgesloten dat sprake was geweest van het opzettelijk letsel toebrengen aan burgers, of van haast en onzorgvuldigheid waardoor burgers letsel hadden opgelopen, of van strafbare nalatigheid. B'tselem zegt dat de brief geen enkele bijzonderheid over het onderzoek meldt, noch een reden geeft waarom het onderzoek is gesloten of ook maar de ,minste nieuwe bijzonderheden geeft over de omstandigheden waaronder de affaire zich heeft afgespeeld.

B'tselemen is uitermate ontevreden over dit antwoord. Yael Stein, advocaat en hoofd research van B'Tselem,  zei in een reactie dat het 'onaanvaardbaar is dat  niemand verantwoordelijk is bevonden voor een actie van het leger waarbij 21 niet bij strijd betrokken burgers werden gedood, in een gebouw waar zij op last van militairen naar toe waren gegaan - zelfs als er geen opzet in het spel was geweest. De manier waarop het leger zichzelf van alle verantwoordelijkheid voor deze gebeurtenis heeft vrijgepleit, zonder zelfs maar de ernst ervan aan te geven of de omstandigheden waaronder dit kon gebeuren duidelijk te maken, is ongehoord. Het afschuiven van de verantwoordelijkheid voor de dood van honderden andere burgers en de immense schade die de operatie 'Cast Lead' heeft veroorzaakt, geeft opnieuw de noodzaak aan voor een Israelische manier van onderzoek die onafhankelijk is van het leger'.

 De affaire van de familie Samouni was één van de meest gruwelijke uit de operatie Gegoten Lood van 2009 (alhoewel ik moet bekennen dat ik het verhaal van de familie Al-Daya nog tragischer vind. Dertig leden van de familie - onder wie 18 kinderen - werden gedood toen de Israelische luchtmacht een huis van vier verdiepingen plat bombardeerde waar opa en oma al hun  kinderen en kleinkinderen hadden verzameld omdat zij dachten dat hun huis robuuster en dus veiliger was. Niemand van de familie overleefde). Het verhaal van de familie Al-Daya speelde zich af in dezelfde wijk Al-Zeitoun van Gaza-stad waar ook de familie Samouni woonde. Beide verhalen heb ik hier beschreven en nog een keer hier, waar ik de journaliste Amira Hass van Haaretz citeerde.
 Het verhaal van de Samouni's werd ook in het Goldstone rapport beschreven als één van de gruwelijkste verhalen uit de operatie Cast Lead en een van de gebeurtenissen die dringend nader onderzocht moeten worden. Het komt erop neer dat verschillende families Samouni, allemaal wonend aan de Samouni-straat in Zeitoun die zo is genoemd omdat er diverse takken van de uitgebreide familie Samouni naast elkaar woonden, door het Israelische leger in één huis bijeen werden gedreven. Dat bijeen drijven ging gepaard met het nodige geweld, (en dat is een reden waarom in het Goldstone-rapport wordt gesproken van 29 gedode leden van de familie, terwijl B'tselem het over 21 doden heeft). De Samouni's. zo'n 100 mensen onder wie veel kinderen, zaten meer dan een dag opgesloten in dat door troepen omringde huis, zonder elektriciteit, eten of drinken. Toen een van de familieleden na ruim een dag naar buiten ging om wat brandhout te zoeken teneinde wat te eten en drinken te maken, werd hij door een raket gedood. Vervolgens volgde een bombardement  van het huis, waarbij 21 mensen omkwamen en een groot aantal gewond raakten. Waarna nog een nachtmerrie van dagen volgde, want Israel liet geen ambulances of hulpverleners toe. 

Het hele verhaal wordt hieronder vertelt door enkele overlevende kinderen van de Samouni's, aan de hand van een animatie van door hen getekende scenes:


Het feit dat het onderzoek naar de reden waarom een dergelijke aanval kon plaatsvinden op een familie die nota bene door de Israeli's zelf op die plek was samengedreven domweg zonder opgaaf van redenen wordt afgeblazen, is zonder meer schandalig. Des te schandaliger, omdat een deel van de waarheid achter wat daar gebeurd is, allang bekend is. Haaretz meldt dat uit gesprekken van de krant met soldaten die destijds ter plaatse waren - en ook uit getuigenissen die soldaten hebben afgelegd bij de organisatie Breaking the Silence - duidelijk is geworden dat de verantwoordelijke voor het bombardement op het huis kolonel Ilan Malka is geweest, destijds de commandant van de Givati-Brigade. Kolonel Malka had beelden van een onbemand vliegtuigje van de man die naar buiten ging om hout te halen, verkeerd geïnterpreteerd. Hij dacht wapens te zien en had toen zowel opdracht gegeven deze man met een raket te doden, als om het huis te bombarderen.  
Het bureau van de Militaire Advocaat Generaal gaat daar zonder meer aan voorbij en dat geeft duidelijker dan wat dan ook aan dat Israel nooit en te nimmer van plan is geweest op een enigszins fatsoenlijke manier het eigen optreden in Gaza tegen het licht te houden. Waarschijnlijk had niemand dat ook meer verwacht, na de krampachtige en hysterische manier waarop Israel had gereageerd op het rapport van de commissie Goldstone. Toen werd al volstrekt duidelijk dat het beeld van het 'meest morele leger ter wereld' zoals minister Ehud Barak het noemde, koste wat het kost overeind moest blijven.

De Samouni-straat na de operatie Cast Lead. (Uit een fotoserie van de BBC)

Dat blijkt ook duidelijk uit wat B'tselem schrijft en vandaar dat ik het laatste woord aan deze organisatie geef:
Three years after the end of the operation, the dozens of MPIU investigations opened into cases of harm to civilians have yet to yield results. The Military Advocate General Corps has created a haze around them, preventing any possibility of examining their effectiveness. The Corps' responses to B'Tselem, combined with media reports, indicate that three indictments have been filed against soldiers who took part in the operation: for theft of a credit card from a Palestinian civilian, for use of a nine-year-old Palestinian child as a human shield, and for “manslaughter of an anonymous person.” In three other cases, disciplinary action alone was taken. Two officers were disciplined for firing explosive shells that struck an UNRWA facility; three officers were disciplined for shelling the al-Maqadmeh Mosque, in which 15 Palestinians were killed, nine of them civilians; and one officer was disciplined for the use of Palestinian civilian as a human shield.
 (....)
There has never been a serious investigation into the suspicions raised by B'Tselem and additional Israeli, Palestinian and international organizations regarding breaches of international humanitarian law by the military during the operation. Most of B'Tselem’s demands for investigation were not met. The investigations that were opened did not, to B'Tselem's knowledge, address the responsibility of high-ranking commanders, but rather focused on the conduct of individual soldiers.


Een korte vertaling: Drie jaar na de oorlog moeten er nog steeds resultaten komen van tientallen onderzoeken van de militaire politie. De advocaat generaal heeft een soort mist om zich heen opgeworpen die het onmogelijk maakt een oordeel te vellen over de effectiviteit van de onderzoeken. Uit wat aan B'tselem is gemeld, en wat kranten berichtten, blijkt dat er drie vonnissen zijn geveld: tegen een soldaat die een creditcard heeft  gestolen, tegen een soldaat die een negenjarig kind als menselijk schild gebruikte en één wegens 'doodslag op een ongenoemd persoon. In drie andere zaken werden disciplinaire straffen uitgedeeld. Tegen twee officieren die een UNRWA-gebouw bombardeerden, drie officieren die de Maqadmeh-moskee beschoten waarbij 15 mensen werden gedood (van wie negen burgers) en één officier die een Palestijn als menselijk schild gebruikte.
Er is nooit serieus onderzoek gedaan naar de verdenkingen van B'tselem en anderen naar inbreuken op het internationale recht. De meeste verzoeken van B'tselem werden afgewezen. De keren dat wel onderzoek werd gedaan, werd voor zover B'tselem weet, niet gekeken naar de verantwoordelijkheden van commandanten, maar alleen naar het gedrag van individuele soldaten.

Geen opmerkingen: