woensdag 19 juni 2019

Kleine week in Palestina: mishandelde man sterft, huizen gesloopt, auto's beklad, bomen omgehakt

Mousa Abu Mayyala
Een 60-jarige man is woensdag overleden aan de gevolgen van mishandeling, twee weken geleden, door mannen van een Israelische undercover eenheid. Het was Mousa Abu Mayyakla uit het vluchtelingenkamp Shu’fat in Oost-Jeruzalem. Abu Mayyala liep diverse verwondingen op, waaronder gebroken ribben toen hij voor zijn huis stond en werd aangevallen.
Israelische soldaten sloopten woensdagochtend in de wijk al-Matar  de stad Jericho op de Westoever, een huis in aanbouw van 150 vierkante meter. Voor de bouw was geen vergunning afgegeven.
Dinsdagmorgen vielen troepen het Shu'afat vluchtelingenkamp in het bezette Oost-Jeruzalem binnen en sloopten er een huis van twee verdiepingen in aanbouw van Omran Alqam. Ook hier was geen vergunning afgegeven. Bouwvergunningen worden,. zoals bekend, eigenlijk nooit verleend aan Palestijnen in Oost-Jeruzalem of''Area C" op de bezette Westoever.
In Jabal al-Mokabber in bezet Oost-Jeruzalem, werd, eveneens dinsdagmorgen, een winkel voor gereedschap met de grond gelijk gemaakt. Ook hier was de reden dat er geen vergunning voor de winkel was afgegeven.

Dezelfde dinsdag kwam een groep kolonisten en personeel van het ''Burgerbestuur'' (de misleidende naam van het militaire bestuur van de Westoever) naar een stuk grond van het dorp Kisan ten oosten van Bethlehem. De groep begon met bulldozers de grond te egaliseren. Volgens de dorpelingen heeft het ''Bugerbestuur'' de grond, hoewel het om Palestijns bezit gaat, tot ''staatsland''verklaard en zullen er zonnepanelen worden geïnstalleerd voor de stroomvoorziening van de settlements in de omgeving.
Dinsdag werd ook een gebouw vernield dat voor landbouwdoeleinden was opgetrokken in het dorp Qusra, ten zuiden van Nablus. Daarbij werd ook een aantal olijfbomen ontworteld. Het was de tweede keer dat het bouwsel omver werd getrokken. De eerste keer was in november. Het was daarna herbouwd.

Eén van de auito's in Deir Istiyya (Foto IMEMC)

Uiteraard was het voorgaande niet het enige Palestijnse ongemak van de afgelopen dagen. Israelische kolonisten vielen eerder 's nachts het dorp Deir Istiya, ten noordwesten van de stad Salifit, binnen om vernielingen aan te richten. Volgens  burgemeester Saeed Zidan werden de banden lekgeprikt van 20 auto's en werden muren van huizen en 23 auto's beklad met leuzen.
Hetzelfde gebeurde maandagochtend heel vroeg in het dorp Kafr Malek. Daar werden leuzen geschreven op de muren van de moskee en werden de banden van vier auto's doorgeprikt. Zaterdagmorgen vielen kolonisten in de Oude Stad van Hebron, zoals bekend één van de plaatsen waar de fanatiekste Joodse kolonisten de dienst uitmaken, een winkel binnen die eigendom was van het Palestijnse ministerie van Waqf en Religieuze Zaken. De winkel ligt vlakbij de Joodse ''nederzetting'' in de stad met de naam Avraham Avinu en de vroegere (door de bezetting gesloten) oude groentemarkt, en wordt gehuurd door Abu Khaled Abu Aisha. De kolonisten veranderden de sloten en het uiterlijk van de winkel. Advocaat Tawfiq Jahshan probeerde bij de Israelische politie een klacht te deponeren, maar die had andere, ongetwijfeld belangrijker zaken te behartigen en kon de klacht helaas niet in ontvangst nemen. De advocaat heeft zich nu tot een Israelische rechter gewend.
Andere Israelische kolonisten hakten ongeveer in dezelfde tijd 30 olijfbomen om inBani Na’im in het zuiden van de Westoever. Volgens Rateb Jabour, een plaatselijke activist, waren de bom en ongeveer 30 jaar oud. Volgens Jabour worden de laatste jaren in dat gebied wel vaker olijfbomen vernield, omdat de kolonisten de grond willen hebben voor de uitbreiding van hun nederzetting.

Geen opmerkingen: