maandag 18 februari 2019

Israel houdt 100 miljoen in van belastingafdracht aan Palestijnse Autoriteit

Het Israelische kabinet heeft zondag besloten om een wet, die het inhouden van geld dat toebehoort aan de Palestijnse Autoriteit mogelijk maakt, in te laten gaan. Een bedrag van 500 miljoen shekel (ruim 100 miljoen euro) van de belasting die Israel voor de PA int, zal nu niet meer aan de PA worden afgedragen. Israel heeft becijferd dat dit bedrag in 2018 door de PA werd uitgekeerd aan Palestijnen in Israelische gevangenissen, bij botsingen met de Israelische autoriteiten gewond geraakte Palestijnen of aan  families van degenen die bij confrontaties zijn gedood. Israel beschouwt ze als ''terroristen'' en het geld zou dus ''terrorisme aanmoedigen''. De Palestijnen zien de bedragen als uitkeringen aan plegers van verzet tegen de Israelische bezetting.
De wet werd in juli 2018 aangenomen door het Israelische parlement. Volgens de wet levert de minister van Defensie elk jaar een rapport aan het Israelische veiligheidskabinet over hoeveel er door de PA is betaald. Dat bedrag zal dan door 12 worden gedeeld en vervolgens maandelijks worden ingehouden van de Palestijnse belastingen die Israel voor de PA volgens de Akkoorden van Oslo int.
De Palestijnse Autoriteit en de PLO hebben furieus op de Israelische inbreuk op de Oslo Akkoorden  gereageerd.
De woordvoerder van president Abbas, Nabil Abu Rudeineh, noemde het in een verklaring piraterij met geld van het Palestijnse volk. ''Wij beschouwen deze arbitraire Israelische beslissing als een eenzijdige aanval op de ondertekende overeenkomsten, waaronder het Protocol van Parijs, '' aldus Abu Rudeineh. Dit Partijse protocol bevat de verdere economische uitwerking van de Oslo-overeenkomsten. 
Saeb Erekat, de secrtaris-generaal van de PLO, noemde het eveneens ''pure piraterij''. ''Dit is geen Israelisch geld maar ons eigen geld," voegde hij eraan toe. 
Premier Rami Hamdallah van het demissionaire Palestijnse kabinet zei zaterdag dat de regering op de situatie is voorbereid. Hij zie dat er dienaangaande scenario's waren besproken. Hij voegde eraan toe dat president Mahmoud Abbas had gezegd dat  de families van martelaren en van gevangenen rechten hebben en dat wij ''een verplichting'' jegens hen hebben. [Hun salarissen] ''zijn voor ons een verplichting ten opzichte van een schuld die we aan hen hebben, '' had Abbas gezegd.

Geen opmerkingen: