dinsdag 4 februari 2014

Het Scarlett effect

Het is grappig om te zien hoe de zaak Scarlett Johansson de ware aard bloot heeft gelegd van hen die zich ''progressieve'' zionisten noemen. Johansson, die zeven jaar had gewerkt als ambassadeur voor Oxfam, moest tot haar verdriet ontdekken dat dit niet viel te combineren met een lucratieve baan als pr-uithangbord van SodaStream. Dat is een firma die apparaten voor het zelf thuis maken van frisdranken vervaardigt in een fabriek in Mishkor Adumim, een aanhangsel van de grote nederzetting Maaleh Adumim ten oosten van Jeruzalem.
Johansson kwam met gelikte uitspraken dat ze voor “economische samenwerking en sociale uitwisseling tussen een democratisch Israel en Palestina” was. En dat SodaStream ''een brug  naar vrede tussen Israel en Palestina bouwt''. Ook zou de firma de ongeveer 500 Palestijnse arbeiders in haar fabriek ''een gelijke behandeling en betaling geven als hun Israelische collega's''.
Scarlett Johnasson_SodaStream EventMaar uiteraard was dat voornamelijk publicitaire onzin. SodaStream betaalt zijn Palestijnse arbeiders mogelijk minder slecht dan andere Israelische ondernemingen in bezet gebied, maar van een gelijke behandeling van Palestijnse en Israelische werknemers is geen sprake. Geen Palestijn maakt deel uit van het management, hun loon is weliswaar twee tot drie keer dat van een arbeider in een Palestijnse onderneming en ook zou SodaStream wel iets doen aan sociale verzekeringen, maar de Palestijnen verdienen nog altijd een stuk minder dan hun Israelische collega´s, kunnen geen vuist maken via een vakbond (en worden ontslagen als zij dat wel proberen), maken absurd lange werktijden, en worden wel degelijk gediscrimineerd. The Electronic Intifada deed er in 2013 een boekje over open. 
Verder is moeilijk in te zien hoe een fabriek die is opgericht op geroofd land diep in de Westoever, om te kunnen profiteren van  lagere bouwkosten, en van een speciaal laag Israelisch belastingtarief (waarvan, onnodig het te zeggen, geen cent naar de Palestijnse Autoriteit gaat) bijdraagt aan ´´het bouwen van bruggen tussen Israel en Palestina´´.

Het werd dan ook al snel duidelijk dat Scarlett zou moeten kiezen omdat Oxfam anders met de ster zou moeten stoppen. Uiteindelijk was het ''Scarjo'' zelf die koos en Oxfam inruilde voor haar miljoen-contract met SodaStream. Onmiddellijk daarop werd zij de lieveling van het Israel-minnende publiek. Zij had haar ''rug recht gehouden´´ en niet toegeven aan druk van het anti-Israelische Oxfam, heette het. ''Scarlett voor Israel'', kopte de populaire Israelische krant Yediot Ahronot. Ons eigen Nederlandse CIDI had als headline ''Scarlett laat zich niet intimideren''. Ook mensen van wie ik altijd hoor dat ze ''tegen de nederzettingen zijn'' bleken ineens Scarletts keuze als een belangrijke principiële keuze voor Israel te zien (waarbij Oxfam, dat tegen de nederzettingen en tegen de handel met producten uit de nederzettingen is, de gebeten hond was). Bij grote aantallen mensen viel in één klap het progressieve masker af. Blijkbaar kun je ´´tegen de nederzettingen zijn´´ en toch tegelijkertijd vinden dat de fabriek van SodaStream volop recht van bestaan heeft  (en dat nota bene op een plek die de Westoever ongeveer in tweeën deelt, zo diep landinwaarts ligt Mishkor Adumim). Zo principieel zijn dus die `progressieve zionisten´´.
Waarbij we ons langzamerhand dus kunnen gaan afvragen of ´´tegen de nederzettingen zijn´´ voor veel mensen niet net zoiets vaags is geworden als ´´vóór de twee-statenoplossing zijn´´. Ongeveer veertig jaar geleden was dat laatste een vooruitstrevend idee, dat door de PLO naar voren werd geschoven als een historisch compromis, waarbij de Palestijnen genoegen zouden nemen met 22% van het oorspronkelijke Palestina, inclusief de helft van Jeruzalem. Maar intussen is het een dermate verwaterd concept (de zionistische mainstream sluit een deal over Jeruzalem uit en ziet het concept uitsluitend als een vertrekpunt voor onderhandelingen om nog flink wat van die 22% af te knabbelen) dat zelfs uitgesproken haviken als Netanyahu, de VS, de EU, en uitgesproken hasbara-personen en -organisaties als Alan Dershowitz of ons eigen CIDI, lippendienst aan de twee-statenoplossing kunnen bewijzen, ieder op zijn eigen manier.
Wat ´´tegen de nederzettingen zijn´´ betreft was de Scarjo affaire dus een verhelderend. Hetzelfde geldt voor een argument dat we eveneens steeds naar aanleiding van deze zaak horen terugkeren, namelijk dat de nederzettingen zo belangrijk zijn voor de Palestijnse werkgelegenheid.Wie tegen SodaStream ageert, brengt de banen van zo´n 500 Palestijnen in gevaar, horen we. En wie voor BDS is, of voor een boycot van producten uit de nederzettingen, benadeelt al die Palestijnen die daar werken. Roerend vind ik die bezorgdheid. Blijkbaar moeten we concluderen dat die nederzettingen daar ooit dus vooral zijn gekomen om arme Palestijnen aan banen te helpen. Vergeten lijkt het feit dat de activiteiten plaats vinden op gestolen grond, onder druk van geweren en tanks, en dat er vooral geen Palestijnse banen zijn in Palestina zelf, omdat Israel via een uitgekiend stelsel beperkende maatregelen de Palestijnse economie zoveel mogelijk saboteert.
Hte is de hypocrisie ten voeten uit en alleen al daarom is het goed, deze Scarjo-affaire. Het is een soort test voor wie zich als progressief  presenteert, maar het niet is, een lakmoesproef voor het bepalen van wie werkelijk bereid is zich sterk te maken voor een eerlijke vredesovereenkomst. En wat helaas te verwachten was: ongeveer al die zich progressief noemende zionisten vallen met een harde plof door de mand.

Geen opmerkingen: