vrijdag 17 april 2015

Israels hooggerechtshof bepaalt: Absentee Property Law ook geldig in bezet O-Jeruzalem

Supreme Court
 Israels hooggerechtshof (Foto Flash 90).

Een dag nadat het Israelische hooggerechtshof inging tegen het recht op vrije meningsuiting en de antidemocratische “Anti-Boycott Wet” heeft goedkeurd, heeft het een andere niet minder omstreden uitspraak gedaan: het gaf donderdag zijn goedkeuring aan het toepassen van de ''Absentee Property Law'' (de Wet op het bezit van afwezige personen) in Oost-Jeruzalem. Praktisch komt het besluit van het hooggerechtshof erop neer dat de Staat Israel gerechtigd is in het bezette (en door Israel in strijd met het internationaal recht ingelijfde) Oost-Jeruzalem bezit over te nemen van Palestijnen die op de Westoever wonen of in Gaza.
Israel kondigde de Absentee Properties Law in 1950 af om het mogelijk te maken dat de staat bezit overnam van in de periode 1947-49 verjaagde of gevluchte Palestijnen. Dat bezit werd dan overgedragen aan de ''Beheerder van het bezit van afwezigen" (Custodian of Absentee Property), die het, als het ging om huizen, overdroeg aan nieuwe Joodse bewoners of, in het geval van land, aan landbouwkollektieven als kibbutsiem of moshavim.
Met het gebruik van de wet in Oost-Jeruzalem ligt het wat anders. Palestijnen in Gaza of op de Westoever met bezittingen in Oost-Jerzuzalem, werden in 1967 in één klap, en zonder dat zij zelf er part of deel aan hadden gehad, ''afwezige bezitters'', nadat het oostelijke stadsdeel in de Zesdaagse oorlog was veroverd, en nadat Israel de stad met niet minder dan 63 vierkante kilometer gebied van de Westoever had uitgebreid en vervolgens had geannexeerd.  Het leidde tot bizarre situaties, van eigenaars die soms niet meer dan enkele tientallen meters van hun eigendom vandaan woonden, maar het niettemin niet konden claimen, omdat zij net buiten de nieuwe stadsgrenzen woonden.
De staat mag hun bezit nu, na de uistpraak van het hooggerechtshof, overnemen zonder dat er compensatie voor hoeft te worden betaald. Het hof gaf in zijn uitspraak overigens wel aan dat er haken en ogen aan de toepassing van de wet zitten en dat hij met voorzichtigheid en alleen in zeldzame gevallen moet worden toegepast.  Een van de redenen die het hof daarvoor gaf, was dat bij een strikte toepassing van de wet ook Joden die op de Westoever in een nederzetting wonen maar bezittingen hebben in Tel Aviv of Jeruzalem, als ''absentee owner'' zouden kunnen worden aangemerkt. Zij wonen immers ook buiten het grondgebied van wat als Israel wordt beschouwd.  Zo'n vaart zal het echter vast niet lopen, want de staat Israel heeft er in het verleden blijk van gegeven dat zij heel goed in staat is verschil te maken tussen Joods en Arabisch bezit. Het blijft daarom duister of het hof nog iets anders bedoelde met ''alleen in zeldzame gevallen toepassen''. Maar hoe dan ook lijkt dat niet bepaald een begrip waarmee een advocaten of rechters in een eventueel geding straks mee uit de voeten zullen kunnen. 

Geen opmerkingen: