vrijdag 17 april 2009

Ahmed Aboutaleb: 'Destijds in Marokko heb ik nooit iets van antisemitisme gemerkt'

Uit: Kol Mokum, maart 2005

Ron van der Wieken, Maarten Jan Hijmans

Na het vertrek van Rob Oudkerk kreeg Amsterdam de eerste islamitische wethouder uit zijn geschiedenis. Maar nog voor zijn eerste jaar erop zat kreeg Ahmed Aboutaleb (Integratie, Onderwijs, Sociale Zaken) in volle omvang de nasleep van de moord op Theo van Gogh over zich heen. Sindsdien is hij niet minder dan Job Cohen bezig de boel bij elkaar te houden. 'Ik zal pas tevreden zijn als iedereen in het middelbaar onderwijs heeft geleerd één meter voor zichzelf te claimen en anderhalve meter te gunnen aan anderen.'

'Knuffelallochtoon' werd hij wel genoemd. Hij zou soft zijn, zich precies zo opstellen als de autochtone gemeenschap het wilde horen. 'Een politiek correcte profeet,' smaalde Ayaan Hirsi Ali bij zijn aantreden. Maar na de moord op Theo van Gogh ebden de smalende geluiden weg. Aboutaleb (43 - geboren in Marokko en op 16-jarige leeftijd naar Nederland geëmigreerd), maakte indruk. Op rechts, op links èn op de allochtone gemeenschap zelf. Een dag na de moord stapte hij de Kabir-moskee aan de Weesperzijde binnen en hield daar een felle speech. Een toespraak waarin hij de Nederlandse waarden verdedigde, maar tegelijkertijd de Marokkaanse gemeenschap een hart onder de riem stak door hen te laten weten dat hij begrip had voor hun angst dat de moord zich tegen hen zou kunnen keren.

'Ik ben groot voorstander van een krachtige diverse stad waarin voor iedereen een plaats is,' zei Aboutaleb toen. 'Maar een stad kan alleen gedijen als we ook overeenstemming hebben over wezenlijke kernwaarden die voor ons allen gelden. Voor mensen die deze gezamenlijke kernwaarden niet delen is geen plaats in een open samenleving als de Nederlandse. De vrijheid van religie, de vrijheid van meningsuiting en het anti-discriminatiebeginsel zijn de belangrijkste onderdelen daarvan. Een ieder die deze waarden niet deelt, doet er verstandig aan zijn conclusies te trekken en te vertrekken. Het kan niet zo zijn dat iemand van ons eist dat we zijn opvattingen respecteren en tegelijkertijd niet bereid is de opvattingen van anderen te respecteren. Tolerantie eisen is alleen aan de orde als mensen zich tolerant opstellen. Het is wederzijds.'
En ook: 'Er is angst in de stad onder velen. Angst onder de autochtonen die zich via de mail bij mij melden. Angst dat er misschien nog meer te gebeuren staat. Er is ook angst onder de Marokkanen, omdat de verdachte van Marokkaanse oorsprong is. Zij zijn bang dat de samenleving zich tegen hen zal keren. Beide zijn reële angsten die we met veel aandacht voor elkaar moeten bestrijden.'
Als we Aboutaleb spreken is deze boodschap onverminderd de kern van waar hij mee bezig is en waar hij voor staat. Het is dan alweer een paar maanden later, maar een nieuw-incident - dat van de tasjesdief die werd doodgereden in Amsterdam-Oost - heeft dan net duidelijk gemaakt dat de opwinding over de Van Gogh-moord nog allerminst is geluwd. Aboutaleb, die net als Hirsi Ali, Wilders en Cohen is bedreigd en sinds oktober onder permanente bewaking staat (terwijl we met hem praten zitten de bewakers - onzichtbaar voor ons - in een belendende kamer), spreekt snel, maar drukt zich uiterst behoedzaam uit.
Met het tasjesdief-incident moeten we oppassen, zegt hij. Oppassen dat we het allemaal wel in perspectief blijven zien, want die zaak werd wel sterk opgeklopt. Misschien ook omdat sommigen daar belang bij hadden, laat hij er cryptisch op volgen. Aan de ene kant waren er de mensen die begonnen te roepen 'Alle tasjesdieven het land uit' en: 'Zie je wel, we hebben het altijd al gezegd'. Aan de andere kant de Marokkanen die riepen: 'Wij zijn weer het slachtoffer, met onze belangen houdt niemand rekening'.
Beide meningen, zegt Aboutaleb, waren schromelijk overdreven. Ook al kan je begrip opbrengen voor de ergernis over tasjesrovers - 'zelf heb ik ook een keer een pistool op mijn borst gehad en ik ken de ongelofelijke woede die daaruit voortkomt' - en ook al was begrijpelijk dat wat er gebeurde vreselijk was voor de familie van die doodgereden jongen, 'toch was dit duidelijk van een heel andere orde dan de moord op Van Gogh'.
Aboutaleb maakt zich dan ook oprecht boos over gezagsdragers die in het openbaar olie op het vuur gooiden door van alles te gaan roepen. (Onder hen waren Balkenende en Verdonk, maar Aboutaleb weigert namen te noemen). 'De enige die echt recht van spreken had, ' zegt hij met enig venijn, 'was de burgemeester. Het is namelijk zijn taak de gemoederen te kalmeren. Alle anderen hadden gewoon hun waffel moeten houden. Dat is les 1 van het politieke bestuur. Als iets onder de rechter is, heb je maar te zwijgen, ook al staan er camera´s om je heen en is het verleidelijk om te spreken.'

300 jaar
Van Gogh, integratie. Die woorden vallen al gauw als je dezer dagen met Aboutaleb praat. Wat vindt hijzelf eigenlijk als we het over integratie hebben? Er zijn immers verschillende opvattingen. Aan de ene kant was er Paul Scheffer die een paar jaar geleden signaleerde dat de multiculterele samenleving was geflopt, omdat het een naast en langs elkaar heen leven betekende. De andere kant was het recente rapport van de Commissie Blok van de Tweede Kamer, waarin stond dat ruim 20 jaar integratiebeleid toch niet helemaal voor niets was geweest.
Wat vindt Aboutaleb?
Allebei hadden gelijk, zegt de wethouder. Scheffer keek vanuit zijn positie als publicist naar de stad en signaleerde tendensen. Stef Blok en zijn commissie keken naar het rendement van de investeringen van de afgelopen jaren en kwamen tot de conclusie dat het toch niet allemaal weggegooid geld was geweest. Beide zijn waar. Qua werkgelegenheid, onderwijsniveau en woonsituatie is de situatie van allochtonen nog nooit zo goed geweest. 'Toen ik hier kwam in 1976 was het normaal dat drie of meer mensen op een kamer woonden. Als we dat vergelijken met nu is de levenskwaliteit enorm verbeterd.' Maar, zegt de wethouder, we moeten oppassen dat we niet ongelijke variabelen bij elkaar gaan optellen of met elkaar gaan vergelijken. Verbeterde levensomstandigheden zijn namelijk nog geen integratie. Dat is het pas als sprake is van 'culturele overeenstemming'. Dat komt na een lang proces. 'De Joden hebben daar, nadat ze hier kwamen, 300 jaar over gedaan. Wat? Tweehonderd? De eersten kwamen hier al rond 1600. Nou ja, in ieder geval een paar honderd jaar. Wij zullen het sneller, zo snel mogelijk moeten doen. Dat is wat de samenleving eist. Die wil stabiliteit.' Later in het gesprek zal hij zeggen dat het voor zover hij het kan overzien, misschien twee, drie generaties zal gaan duren.
En natuurlijk, zegt hij, is het ook de vraag van belang hoe ver integratie moet gaan. 'Nu lijkt het erop dat het nog heel vaak wordt verward met assimilatie. Maar assimilatie is invoegen met achterlating van alles, inclusief een eigen identiteit. Ik stel daar tegenover dat mijn persoonlijke integratie niet het verlies van eigenschappen heeft betekend. Voor mij was het vooral een proces van dingen erbij leren.'

De boel bij elkaar
Het overgrote deel van de burgers wil rust en stabiliteit, zegt de wethouder, maar veel mensen zijn bang en angstig. 'Ik denk dat het nodig is heel alert en waakzaam te zijn. Er zijn mensen die zich niets aantrekken van anderen, die willen verstoren. Die vinden dat als hun gedrag 16 miljoen mensen op hun kop zet - die dan maar op hun kop moeten gaan staan. Dat is deviant gedrag. Wat mij betreft moeten we die mensen isoleren en uitschakelen.' Desnoods is Aboutaleb niet tegen uitzetten, al vindt hij dat dit niet kan met mensen die in Nederland zijn
geboren en een Nederlands paspoort hebben. Maar hard optreden, ja. 'Tegen metaal is alleen metaal opgewassen, niet een krijtje'.
Maar is het voor moslims niet moeilijk, wordt er niet ook te veel met twee maten gemeten? vragen wij. Aan de ene kant was er Van Gogh die moslims geitenneukers noemde, of Hirsi Ali die de profeet Mohammed 'pervers' noemde. Bij moslims kwam dat hard aan, maar de autochtonen laten dat passeren. Aan de andere waren er zaken als uitlatingen van imam El Moumni over homo´s, of Abdul Jabar van der Ven die zei dat hij het niet erg zou vinden als Wilders iets overkwam, waarbij heel autochtoon Nederland meteen op zijn achterste benen stond, en in de Tweede Kamer werd aangedrongen op vervolging.
Jawel, zegt Aboutaleb, hij kan zich best indenken dat sommigen dat meten met twee maten noemen. Maar moslims moeten leren aanvaarden dat dit manier is waarop in Nederland de dingen gaan. Wat Van Gogh deed kòn. Begrijpen dat dat kon is een leerproces, zegt hij, en het is onvermijdelijk dat dit plaatsvindt. Hij wijst op wat Scheffer noemt 'niveaus van communicatie'. Op een laag niveau communiceren betekent dat je de dingen direct op jezelf betrekt, op een hoger niveau ben je beter in staat afstand te nemen. Veel moslims hebben daar moeite mee, zegt hij. Zelfs hoger opgeleiden blijken soms nog moeite te hebben met het leren van die les.
In hetzelfde verband merkt hij op het oneens te zijn met minister Verdonk dat het initiatief voor een Nederlandse imamopleiding van de moslims zelf moet komen. 'Met de moskeeën hebben we het op net zo´n liberale manier aangepakt. De moslims moesten zelf uitzoeken hoe ze aan het geld kwamen voor de bouw. Ze hebben het uitgezocht en het geld gekregen uit het buitenland. Meestal met de voorwaarden erbij en vaak ook met de imam. En dat wreekt zich dus nu.'
En intussen, in afwachting van de geslaagde integratie, gaat het erom de boel bij elkaar te houden. Dat is wat Cohen zegt. U zegt hetzelfde, nemen we aan?
'De uitdrukking 'de boel bij elkaar houden', zegt Aboutaleb is niet uitgevonden door Cohen. Die is afkomstig van Den Uyl die hem een keer in een rede heeft gebruikt. De boel bij elkaar houden is eigenlijk de grondwettelijke plicht van elke bestuurder. Want wat is het alternatief ? De boel niét bij elkaar houden? Dat is dus chaos. Ik heb de criticasters van Cohen dit alternatief nog nooit horen noemen als ze het hebben over 'zachte heelmeesters'. Het is ook niet een kwestie van zachte heelmeesters, het is hard en zacht bij elkaar.
Maar hoe doe je het?
'Het is mensen deel uit laten maken van een grote kring waarin iedereen gelijkberechtigd is en gelijke plichten heeft, waarin niet met twee maten wordt gemeten en waarin hard wordt opgetreden tegen iedereen die zich bewust tegen die grote kring verzet, gewapend of niet. Ik kan, zegt Aboutaleb, het op micro-niveau illustreren. Deze week was er een meneer in Amsterdam die op een bijeenkomst tegen me zei: 'Ik wist niet dat ik met u bezig was in die kring. Maar toevallig heb ik deze week als werkgever een Marokkaans meisje met een hoofddoek een stageplaats aangeboden.'

Antisemitisch
Een heel ander onderwerp: Hoe komt het dat Marokkanen zo pro-Palestijns zijn?
Dat komt, zegt Aboutaleb, doordat de Marokkanen vergroeid zijn met het Palestijnse probleem. Ze groeien er mee op, in Marokko is het altijd één van de belangrijkste items op het nieuws. In het tv-journaal is de koning gewoonlijk item nummer eén. Maar als de koning er niet is, of er een keer niets te melden valt, dan zijn het bijna altijd de Palestijnen. Er is ook altijd sprake geweest van hulp en solidariteit. Palestijnen kunnen bijvoorbeeld vrij studeren in Marokko.
Ook is er een religieuze invalshoek: ze (Israël) willen de islam uitroeien. Dat speelt vooral bij onderontwikkelde mensen een rol. En tenslotte is er de rol van Amerika, waar achtereenvolgende presidenten - of ze nu Democraat zijn of Republikein - altijd kiezen voor
Israël. Marokkanen vereenzelvigen zich makkelijk met de Palestijnen. En dat is waarom vooruitgang bij het vredesproces de situatie hier sterk zou kunnen verbeteren. Datzelfde geldt trouwens voor een terugtrekking uit Irak.'
En waarom zijn Marokkanen zo antisemitisch?
Aboutaleb: 'Ik heb voor ik hier kwam 15 jaar in Marokko gewoond, en geloof me, ik heb daar nooit iets van antisemitisme gemerkt. Bij ons in het dorp kwamen geregeld Joodse handelaren langs, om zilver te kopen of aardewerk, maar ze werden nooit laatdunkend bejegend. Hier in Nederland daarentegen is het antisemitisme stevig aanwezig. Misschien dat de Arabische tv-zenders ook invloed hebben. Maar in Marokko is er tot op de dag van vandaag niets van te merken. Het is niet daar, maar hier. Misschien,' zegt hij met een glimlach, 'moeten we daarom wel zeggen dat die Marokkaanse jongeren wat dat betreft voortreffelijk zijn geïntegreerd.'
En wat kunnen we doen tegen dat Marokkaanse antisemitisme?
Ik vind het jammer,' zegt Aboutaleb, 'dat u zo focust op Marokkanen. Het gaat ook heel vaak om autochtone Nederlanders onder wie het antisemitisme bijna net zo sterk is alleen minder uitgesproken. En ik zeg erbij: ik weet vaak niet waar je je meer zorgen over moet maken: over datgene wat luid en duidelijk wordt uitgesproken of over datgene wat je niet hoort of ziet.'
En wat we doen? Heel veel onderwijs. Maar daarbij worden niet morgen al resultaten geboekt. Dat is jammer genoeg een manco van onderwijs, er gaat soms wel een generatie overheen. Maar ik ben hier als gemeenteambtenaar begonnen met een programma historisch besef .....
.. over de holocaust?
'...niet alleen over de holocaust. Er is hier een andere Van der Wieken, dat is mevrouw van der Wieken, (Aboutaleb verwijst naar de vrouw van Ron van der Wieken die gemeenteraadslid is voor de VVD, rvdw en mjh) en die maakte een keer de opmerking dat je het holocaustonderwijs niet alleen moet associëren met de doden, maar dat er ook levende Joden zijn. Dat vond ik een hele slimme opmerking.' Vervolgens vertelt Aboutaleb over zijn programma. Er is een pilotproject geweest op vier scholen, waarbij Marokkaanse studenten les gaven over de holocaust en de lessen daarvan doortrokken naar het heden: het Palestijnse probleem, maar ook discriminatie, antisemitisme, meelopen, respect en vernedering in het Amsterdam van nu. Dat project is aantoonbaar een succes geweest. Zo waren vòòr het project 32% van de Marokkaanse leerlingen van mening dat de joden de wereld wilden overheersen en was na het project dat percentage gedaald tot 11%. Het programma is voortgezet en uitgebreid. Er staan, zegt Aboutaleb, onder meer ook reizen naar Auschwitz op het programma die door de gemeente zullen worden gesubsidieerd. 'In feite is het burgerschapseducatie met tolerantie als belangrijkste pijler. Ik ben pas tevreden als iedereen in het middelbaar onderwijs heeft geleerd om één meter ruimte voor zichzelf te claimen en anderhalve meter te gunnen aan anderen.'

Geen opmerkingen: