donderdag 6 augustus 2015

Toenemend aantal inwoners Jeruzalem vraagt Israelisch staatsburgerschap aan

Israel’s controversial separation wall divides the Palestinian Shuafat Refugee Camp, right, and the Israeli settlement Pisgat Ze'ev, left,  January 26, 2012.  Palestinians say that peace negotiations with Israel have collapsed after the fifth meeting in Amman, Jordan.  UPI/Debbie Hill
Een blik op Israels ''ongedeelde hoofdstad'': links de tot Jeruzalem behorende nederzetting Pisgat Zeev, rechts het achter de ''veiligheidsmuur'' weggewerkte, maar niettemin ook bij Jeruzalem behorende vluchtelingenkamp Shu'afat. 

Het persbureau Reuters kwam dinsdag met een soort feature over het feit dat het aantal Palestijnse inwoners van Oost-Jeruzalem dat het Israelische staatsburgerschap aanvraagt, de laatste tijd wat aan het stijgen is. Israel veroverde Oost-Jeruzalem in 1967 en annexeerde dit stadsdeel vervolgens (in strijd met het internationaal recht). De Palestijnse inwoners (zo'n 300.000 mensen, ongeveer een derde van het totaal) werden daarmee ingezetenen van een Israelische stad, maar geen staatsburger van Israel. Zij kregen een aparte status als 'permanent ingezetene' van Jeruzalem met een speciale, blauwe identiteitskaart. Wel konden ze, als ze dat wilden, het Israelische staatsburgershap aanvragen, een redelijk tijdrovende zaak. De overgrote meerderheid heeft dat echter altijd geweigerd, omdat dat werd gezien als zwichten voor de Israelische bezetting, als een daad van collaboratie,
Niettemin, zo bericht Reuters, is het aantal dat wèl voor het naturalisatieproces opteert de laatste tien jaar toegenomen.
Israelische ambtenaren staan niet te trappelen om cijfers te geven volgens Reuters, maar het ''Jerusalem Institute for Israel Studies'' zegt dat het aantal de afgelopen tien jaar is gestegen van 114 aanvragen in 2003 tot tegenwoordig tussen de 800 en 1,000 per jaar. Ongeveer de helft van die aanvragen wordt ook ingewilligd. Nog weer honderden mensen meer hebben inlichtingen ingewonnen over hoe zij de aanvraag moeten indienen.
Cijfers van het ministerie van Binnenlandse Zaken die Reuters in handen kreeg, verschillen iets van die van het Jerusalem Institute: in 2012-213 zouden er 1,434 aanvragen zijn gedaan, waarvan er 189 werden goedgekeurd; 1,061 zouden nog in behandeling zijn en 169 aanvragen werden afgewezen. Over water met de de rest is gebeurd bestaat geen duidelijkheid.
Palestijnen die de aanvraag hebben gedaan, willen er meestal niet over praten. Een eed van loyaliteit afleggen aan de staat Israel - iets wat van zo'n nieuwe Israeli wordt gevraagd - is geen kleinigheid. Het is in feite verraad, overlopen naar de vijand. "Ik voelde me er akelig over - echt akelig,'' citeert Reuters een 46-jarige lerares die de eed een jaar geleden aflegde. ''Maar we willen ons leven leven. Uiteindelijk brengt de politiek ons nergens.''
Redenen waarom Palestijnen zwichten voor de druk zijn onder meer het totale gebrek aan succes bij gesprekken over de stichting van een Palestijnse staat, de zekerheid dat ze als Israeli tenminste niet het recht zullen verliezen om in Jeruzalem te wonen (wat als ''ingezetene'' verre van gegarandeerd is), de veel betere mogelijkheden om aan een eigen huis te komen, betere carrièremogelijkheden en de mogelijkheid om ongehinderd naar het buitenland te reizen. Khalil Tafakji, een cartograaf en ex-lid van de Palestijnse onderhandelingsdelegatie, zegt dat vooral het gevoel dat de onderhandelingen over vrede en de stichting van een Palestijnse staat volstrekt nutteloos zijn en nooit ergens toe zullen leiden, ervoor zorgt dat de aantallen toenemen.Volgens hem hebben sinds 1967 zo'n 24,000 Palestijnen de stap inmiddels gezet, dat zou neerkomen op bijna 10% van het totaal.

Toevallig valt de publicatie van Reuters vrijwel samen met het uitkomen van en nieuw rapport van de organisatie Ir Amim (Stad van de Volken) waarin een aantal van de donkere kanten van het Palestijnse ''inwoner zijn'' van Jeruzalem nader worden belicht. En daarbij gaat het niet alleen over het feit dat Palestijnse inwoners net zoveel belasting betalen als Joodse, maar het ondertussen moeten doen met investeringen in de Palestijnse wijken voor infrastructuur, onderwijs, cultuur etc. die niet meer dan één negende bedragen van de investeringen in de Joodse gedeelten.
Waar het rapport van Ir Amim vooral de nadruk op legt is de acht wijken van Jeruzalem die - hoewel ze tot de stad behoren - zijn weggestopt achter de ''Muur'' die Israel eufemistisch ''Veiligheidsbarrière'' noemt. In het nieuwe rapport van Ir Amim, Displaced in their Own City, wordt beschreven dat tussen de 80.000 en 100.000 Palestijnse inwoners van Jeruzalem - een kwart tot een vierde van de totale Palestijnse bevolking van de stad - die er qua familiebanden, werk, identiteit en cultuur vaak al generaties mee verbonden zijn, in dit afgezonderde gedeelte wonen. Daarbij gaat het om de gebieden Kufr Aqab en Semiramis, plus het Shu'afat vluchtelingenkamp en de buurten Ras Khamis, Ras Shehadeh, en Dahiyat al-Salaam. Die delen van de stad zijn volledig van de rest van Jeruzalem gescheiden door een hoge muur van betonnen slabs en door checkpoints, terwijl bovendien de stad daar ook nagenoeg volledig afstand heeft gedaan van het leveren van basisvoorzieningen als vuilnisophaaldiensten, riolering, controle op veiligheid of politiediensten, onderwijs of gezondheidszorg. De armoede in het afgescheiden deel is nog nijpender dan in de rest van Oost-Jeruzalem, waar sowieso al een gemiddelde van 75,% van de Palestijnse bevolking onder de armoedegrens leeft.
De inwoners van deze geïsoleerde wijken vrezen dat Israel uiteindelijk hun stadsdelen zal willen afstoten naar de Westoever. En een omineuze, mogelijke voorbode hiervan is dat Israel in 2006 de verantwoordelijkheid voor de openbare veiligheid in de gebieden Kafr Aqab en Semiramis van de politie heeft overgeheveld naar het leger (de Binyamin Brigade die gelegerd is op de Westoever). Daarmee zijn de inwoners van deze wijken sindsdien de facto onder militair bestuur komen te leven.
Nog steeds horen de wijken bij de stad. Maar door de wijze waarop Jeruzalem ze behandelt lijkt het erop dat Israel streeft naar een eindoplossing waarbij het - voorbijgaande aan de Palestijnse wens om van Oost- Jeruzalem de hoofdstad van een Palestijnse staat te maken- het grootse deel van Oost-Jeruzalem behoudt en die gebieden waar het geen belangstelling voor heeft met hun inwoners afstoot en overdoet aan de Palestijnse entiteit - (een staat of autonome Bantustan, wat het dan ook maar mag worden). Dat zou de inwoners van dze wijken voorgoed scheiden van hun stad. Geen wonder dat langzamerhand meer inwoners van Jeruzalem eieren voor hun geld kiezen.

2 opmerkingen:

truther zei

Verstandig dat Palestijnen eieren voor hun geld kiezen. Hun leiders blijven sinds 1917 namelijk toch nee zeggen tegen elk vredes-voorstel. Hun laatste kans was Camp David in 2000-2001 en volgens Prins Bandar (SA) was het een criminele daad van Arafat om toen opnieuw nee te zeggen tegen de Clinton-voorstellen. Ik vrees dat er nooit meer zo'n kans komt vergelijkbaar met een politicus als Barak.
http://www.peacewithrealism.org/pdc/campdave.htm

Helaas bepalen voorlopig nationalisten en religieuze-kolonisten het Israelische beleid. De kronkelige wegen der geschiedenis zullen het lot van de Palestijnen bepalen.

Abu Pessoptimist zei

Thruther,
Grappig om prins Bandar als ijkpunt te nemen. Hij is ongeveer de laatste aan wie ik zou denken. En wat Barak betreft, ik zou nog geen tweede hands fiets van hem kopen, dus ik heb wel begrip voor het feit dat Arafat Jeruzalem niet verkwanselde, daar in Camp David.